Gemeenten: meer steun voor mensen met geldproblemen

Mensen met schulden komen in de nabije toekomst minder snel terecht in de zogenoemde schuldsanering. Hebben zij bijvoorbeeld psychische problemen of zijn zij verslaafd, dan willen gemeenten hen op een andere manier helpen.

„Voor sommige schuldenaren is die sanering te streng”, zegt Roeland van Geuns, lector in de schuldenproblematiek aan de Hogeschool van Amsterdam. Samen met collega Nadja Jungmann van de hogeschool van Utrecht ontwikkelt Van Geuns een methode – een soort vragenlijst – die gemeenten moet helpen bij het bepalen of een schuldenaar wel in staat is de strenge schuldsanering te doorlopen.

De schuldsanering houdt in dat de schuldenaar drie jaar lang onder strikt toezicht zijn schulden afbetaalt. Van Geuns: „Mensen moeten dan drie jaar lang rondkomen van een inkomen onder het bijstandsniveau. Voor mensen met bijvoorbeeld een verslaving of ernstige psychische problemen is dat vaak te veel gevraagd.”

„Mensen in de schuldsanering moeten stevig in hun schoenen staan”, zegt Van Geuns. „Mensen met forse problemen verspillen soms hun tijd in de schuldsanering, en raken hoogstens gefrustreerd.”

Met de methode van Van Geuns en Jungmann kan de gemeente vaststellen in hoeverre iemand zich verantwoordelijk voelt voor zijn schuld. Als iemand zich niet schuldig voelt, is de kans op een succesvolle schuldsanering kleiner, zegt Van Geuns.

Acht de gemeente een schuldenaar niet geschikt voor de wettelijke schuldsanering, dan wordt die persoon op een andere manier geholpen. Bij een psycholoog bijvoorbeeld, of een maatschappelijk werker. Tegelijkertijd helpt de gemeente die persoon financieel, zegt Van Geuns. Bijvoorbeeld door ervoor te zorgen dat iemand wel de huurtoeslag aanvraagt.

Volgens Nadja Jungmann was er in de schuldhulpverlening een gebrek aan aandacht voor „onderliggende problemen” van de schuldenaar. „Men dacht: Piet heeft 20.000 euro schuld, wij gaan Piet helpen om die schulden af te lossen. Intussen bleef Piet drugsverslaafd. Of hij bleef zijn financiële situatie rooskleurig inzien. En hij maakte ook nog nieuwe schulden. Dat werkt eerder averechts.”

De methode van Van Geuns en Jungmann – ontwikkeld in overleg met onder andere het ministerie van Sociale Zaken – wordt in de loop van de volgende jaren ingevoerd door gemeenten.