Vreugdekreten van Jarrett

Keith Jarrett: Sleeper ****

jazz

Het is aan de orde van de dag in de jazz: wanneer het stof wordt geblazen van lang op een plank bewaarde concertbanden komt niet zelden mooi materiaal tevoorschijn. Muziek die bij latere beluistering van grote waarde blijkt.

Zo strekt zich nu een nieuwe langslaper stralend uit, toepasselijk Sleeper genaamd. Het gaat om concerttapes uit het archief van Keith Jarrett, waar jaren geen mens meer naar omkeek. Totdat jazzlabel ECM de opnames besloot op te poetsen in Oslo en weer uitbracht.

Ga mee terug naar Tokio, 16 april 1979. In de Nakano Sun Plaza spelen pianist Keith Jarrett en zijn European Quartet, dat bestaat uit Scandinavische kopstukken: rietblazer Jan Garbarek op diverse saxofoons, bassist Palle Danielsson en drummer Jon Christensen. Samen destijds ook wel de Belonging Band genoemd, naar de eerste elpee die het kwartet in 1974 samen maakte.

Keith Jarrett voelde zich, ondanks dat hij in deze jaren veel andere projecten had – met zijn Amerikaanse kwartet en zijn steeds succesvollere soloconcerten – erg op zijn gemak in deze groep. Hij was dol op de transparante manier van uitwisselen zonder onderlinge competitie. Die blijdschap kun je af en toe horen: het zijn zijn vreugdekreten bij een vloeiende versmelting of ter aanvuring in solo’s van zichzelf of de anderen. Als altijd zoemt en humt Jarrett weer mee met zijn eigen noten, maar minder nadrukkelijk dan normaal.

Het concert kan beschouwd worden als een dwarsdoorsnede van vier belangrijke live-cd’s: Belonging (1974), My Song (opgenomen 1977, uitgebracht 1978), Nude Ants (1979) en Personal Mountains (opgenomen in 1979 en uitgebracht in 1989). Toch is er geen overlap met andere versies. Op deze dubbel-cd is een kwartet te horen in de bloei van zijn korte leven, dat zeven composities van Keith Jarrett uitvoert met wervelende energie.

Het is een genot deze vier te horen op deze onterecht laat opgediepte uitgave. Hoe tijdloos: de sprankelende souplesse in de noten, de gelijkwaardige interactie en een keur aan melodieën die in alle instrumenten, soms unisono, lijken schuil te gaan.

Het was voor de toen jonge saxofonist Garbarek een cruciale vorming in zijn carrière om met de buitengewone pianist Jarrett jazz te spelen, heeft hij later eens gezegd. Op Sleeper excelleert hij fraai en geïnspireerd op het buitengewoon zwierige pad dat Jarrett had uitgezet.