Het paasei van Börger

Het heeft ruim zesenveertig jaar geduurd voordat ik eindelijk eens voor de Toren van Pisa stond en niemand die daarover ooit gezeurd heeft. Het Ei van Koons stond er nog geen vijf maanden en iedereen vond het al een schande dat ik het nog niet gezien had. Maar nu was het er dan eindelijk van gekomen. Ik was in het Boijmans en daar stond het. Groot, glanzend en net als de Toren van Pisa veel kleiner dan ik had verwacht. En hoe eindeloos lang ik er ook naar keek en hoe goed ik mijn best ook deed, ik kon niets anders doen dan me afvragen wat m’n vrienden ervan zouden vinden wanneer ík een roestvrij stalen ei zou laten maken en het daarna, uiteraard volgens de meest geavanceerde technieken uit de auto-industrie, oranje en magenta zou laten spuiten.

Zouden ze het mooi vinden? Zouden ze me prijzen om mijn vakmanschap? Zich verbluft afvragen hoe ik in hemelsnaam op het geweldige idee gekomen was om een paasei drie miljoen keer uit te vergroten? Ik hoop het wel. Maar ik denk het eigenlijk niet. Ik denk het om verschillende redenen niet. Maar ik denk het in eerste plaats niet omdat ik het niet zelf heb bedacht, niet zelf heb gemaakt en het daarna ook nog eens niet zelf gespoten zou hebben.

Maar zouden ze het dan tenminste wel een leuk idee vinden? Zou kunnen. Maar ik ben bang van niet. Ik ben bang dat ze zullen zeggen dat er bij de patatzaak op de hoek een meters hoge zak friet staat. Met mayonaise en al. En dat die ook goed lijkt, maar dat ze dat ook een beetje flauw vinden. En ik vrees dat ze zelfs zullen gaan lachen wanneer ik uitleg dat het symbool staat voor wedergeboorte en vruchtbaarheid. En dat het een kritiekloze uitvergroting is van de consumptiemaatschappij, waarmee ik hoge en lage cultuur samen weet te brengen.

Ze zullen heel hard lachen. En daarna zullen ze de dokter voor me bellen. En ik zal boos zijn en roepen dat ze kunstverzamelaar Bert Kreuk moeten bellen. Dat het er om gaat wat Bert ervan vindt en of hij bereid zal zijn er een paar miljoen voor te betalen. Ik hoor het mezelf zeggen; een paar miljoen voor een idee dat eigenlijk niet eens van mijzelf is maar gewoon uit de reclamewereld komt. Een paar miljoen dus eigenlijk voor alleen maar een lulverhaal. Het zou geweldig zijn. Maar ik ben bang dat Bert mijn ei ook niet hoeft omdat lulverhalen nou eenmaal beter werken wanneer je Jeff Koons en niet Taco Börger heet.

Paulien Cornelisse is met vakantie