Ze woont tussen buitenlanders: een verrijking

De volkse Resedabuurt en de gegoede Gaspeldoornbuurt in Eindhoven zijn elkaars buren. Buurten met zulke grote inkomensverschillen, pal naast elkaar – dat komt in het opgedeelde Nederland anno 2012 nog maar zelden voor. Waarin verschillen ze? Wat hebben ze gemeen? Verslaggevers Sheila Kamerman en Dick Wittenberg vroegen het aan de mensen die er wonen. Aflevering zes van een serie dubbelportretten. Fotografie Merlin Daleman.

Twee buurten naast elkaar: een gegoede en een wat minder rijke. Hoe zien ze het buitenland? In de ene wijk woon je er zowat middenin. „Het lijkt hier wel Verenigd Europa.” In de andere wijk gaan ze het liefst naar het buitenland toe. „Ik zou graag naar Nepal gaan, met z’n vieren.”Door Sheila Kamerman en Dick Wittenberg

Vraag haar naar het buitenland, en ze wijst naar een huis verderop in de straat.

„Daar woont een Turks gezin. Hun kinderen zijn hier opgegroeid. Ze zijn pas opa en oma geworden.”

„In dat huis woont een Brits echtpaar. Laatst zijn ze naar een trouwfeest in Nice geweest. Ik heb op hun poesjes gepast.”

„En daar woont die behulpzame Kroaat die auto’s repareert. Naast dat Turkse gezin met die jongen die voetbalt bij PSV. Het lijkt wel Verenigd Europa.”

Ria Silleman, 66 jaar, getrouwd met Kor. Twee zonen, vier kleinkinderen. Danste bij Scapino. Gaf balletles. Twintig jaar in de thuiszorg gewerkt.

Ze kent iedereen in de straat. Een jong Nederlands gezin met twee kinderen. Een psychisch gestoorde meneer. Twee topzwemsters die hier tijdelijk wonen. Een Marokkaanse familie. Twee broers. In gedachten gaat ze de hele rij langs. Daarna de overkant. Een Oekraïense met een Nederlander. „Soms komt ze op de koffie. Ze spreekt al heel goed Nederlands.”

„Een verrijking” vindt Ria, die „mengelmoes van culturen” in haar straat. „Kinderen krijgen in het ene huis een snoepje, in het andere een amandel.” Hoe vaak ze bij buurvrouwen al exotische gerechten heeft geproefd. Hoe vaak ze meteen het recept heeft gevraagd. „Kip met dadels, dat kende ik niet.”

Jaren hebben ze naast Grieken gewoond. Dat was elke zondag feest. Toen ze 25 jaar getrouwd waren, aten de gasten bij de buren. „Hier hebben we met honderd man de sirtaki gedanst.”

Het ging ook wel eens mis. Zoals met die Congolezen die ’s nachts gebedsdiensten hielden, waarvan de hele buurt kon meegenieten. „We probeerden met ze te praten. Je moet altijd blijven communiceren. Ze gingen gewoon door. Ze zeiden: we zijn gekomen omdat hier alles mag.”

Ze gaan graag naar andere landen: even alles loslaten

In deze buurt wonen geen buitenlanders. Alleen een expat die nooit thuis is. Als je hun naar het buitenland vraagt, dan beginnen ze over de vakantie. Ze weten nog niet waarheen, ze kijken op weeronline.nl en rijden richting de zon. De camper staat klaar, op de oprit. Ze nemen de tent mee, hebben hun dochters meer ruimte.

Ben van der Plas (51) is geen man voor drie weken strand. Even is goed. Dan iets nieuws. Liefst met spanning en avontuur. Hij verzint, zijn vrouw Nancy (47) doet mee. Zo lang hij zijn plan voor een zeiltocht langs de Griekse en Turkse kust maar niet uitvoert. Al is het daar prachtig, zeezeilen vindt ze eng. Ze is bang dat de boot omslaat als zij in de hut ligt te slapen.

Ze werken allebei hard. Hij als bedrijfskundig adviseur, reist door het hele land. Zij als kinderergotherapeute. Vakanties zijn belangrijk. Even alles loslaten. Even samen met het gezin. Ze willen Michelle (14) en Vera (12) bijzondere ervaringen meegeven. Die hebben ze dan maar mooi in hun zak. Ze doken en zagen apen in Indonesië. Ze bekeken resten van de oorlog in Vietnam.

Nancy zou graag een keer naar Nepal gaan met z’n vieren. Rugzakken op, wandelschoenen aan. Lopen. Ze twijfelen over de meisjes. Genieten die wel van wandelen? Michelle gaat graag naar een camping met groot zwembad. Nepal lijkt haar ook bijzonder.

Ze gaan vaak weekendjes weg. Zweefvliegen in Zeeland. Parachutespringen op Texel. Ook wel gewoon kamperen. Als Ben iets geks bedenkt, doen ze het.

Soms denkt Nancy: het zal toch niet waar zijn? Zoals die keer dat er een luchtballon landde op het grasveld voor hun huis. Het was hun trouwdag. Ze dacht: het zal toch niet waar zijn. En stapte in.