Welke vogel begint er 's ochtends met zingen?

Martha Ursem hoorde in een mooie nacht om 04.15 uur één vogel als eerste fluiten. Het duurde even voordat de andere vogels mee gingen doen. Ursem wil weten waarom juist deze vogel begon met fluiten.

De vroege vogel die Ursem hoorde, zat wellicht als hoogste in de boom. Helemaal in de top ving hij het eerste zonlicht op waarna hij begon te zingen. Precies weten we het niet, maar het lijkt erop dat vogels met relatief grote ogen eerder beginnen te zingen, zegt neurobioloog Johan Bolhuis, die aan de Universiteit Utrecht het zanggedrag van vogels onderzoekt. „Licht blijkt een stimulus om te zingen.”

Vroege zangers zijn de leeuwerik, de merel en de roodborst, terwijl de tjiftjaf en de fuut hun gezang vaak later inzetten. Het tijdstip wordt waarschijnlijk bepaald door het dieet, zegt Bolhuis. „Vroege zangers zijn vaak wormeneters. En omdat ze weten dat wormen bij daglicht onder de grond verdwijnen, zijn ze er snel bij. The early bird catches the worm.” Een andere reden is dat vogels de ochtend – met zijn luchtvochtigheid – als beste atmosfeer voor een liedje ervaren.

Redenen om fluitend aan de dag te beginnen, zijn er ook. Zo proberen vogels door gezang – met succes – hun territorium af te bakenen. Tegelijkertijd pogen ze met hun zangkeeltjes een vrouwtje te versieren. Daarbij geldt: hoe uitgebreider het repertoire, hoe aantrekkelijker de vogel. Zangers zijn dus meestal mannetjes, al zijn er soorten, zoals de kanarie, waarbij het vrouwtje meezingt. „Er zijn tropische soorten die echte duetten zingen.”

De koolmees kent maar één liedje, de nachtegaal kent er vele. Bij bepaalde vogels is het zingen evolutionair wat uit de hand gelopen, denkt Bolhuis. Andere vogels, zoals de zebravink, kennen hetzelfde liedje in twee varianten: één als er niemand in de buurt is, één als ze een vrouwtje hebben gezien. Het verschil is voor het menselijk oor niet te horen.

Of de vogel die ’s ochtend begint met zingen veel navolging krijgt, is nog maar de vraag, zegt Bolhuis. „Dat is afhankelijk van de status van de anderen. Mannetjes die al een partner hebben, houden vaak hun mond.”

Barst het na de eerste toon al los, dan zit de boom wellicht vol singles.

Freek schravesande