Modderige sprookjestuin

The Garden (Záhrada). Regie: Martin Sulík. Met: Marián Labuda, Roman Luknár, Zuzana Sulajová. In: 2 bioscopen. ****

Mythisch, mystiek, mysterieus; het zijn grote toverwoorden om een film als het Slovaakse The Garden (Záhrada) te beschrijven, maar ze zijn allemaal van toepassing als je er ook nog modderig aan toevoegt. Want The Garden is even verheven als aards, even raadselachtig als banaals, magisch-realistisch in de beste zin dus. De film dateert al uit 1995 maar vormt nu een toepasselijk tweeluik met Sulíks nieuwste film Cigan, die sinds twee weken door de filmtheaters toert. Beide films beschrijven twee kanten van de postcommunistische Slovaakse realiteit. Sprookjesachtig en satirisch in The Garden en grimmig en hard in de Hamlet-variant Cigan.

Met The Garden brak Sulík in 1995 internationaal door. De film concentreert zich net als Cigan op een vader-zoonrelatie. Al is er in dit geval nog een overleden opa bij betrokken. Want de dertigjarige nietsnut van een Jakub neemt het op zich om het huis van opa op te knappen. En het is in zijn in spiegelschrift geschreven dagboek dat Jakub de sleutel vindt tot een reeks mysterieuze ontmoetingen met mensen die de namen Rousseau en Wittgenstein dragen.

Knap hoe Sulík de filosofie in de film licht weet te houden. De hoofdstukstructuur, als van een mix tussen Voltaires Candide en ouderwets jongensboek, helpt daarbij.

Dana Linssen