Bepaalde foto's ga je missen als ze weg zijn

Marie-Luce Bree (40) en Kim Knoppers (36) werken bij Foam in Amsterdam. Het fotografiemuseum is gevestigd in drie aaneengeregen grachtenpanden. Het bestaat uit een wirwar van gangen en nissen, waar de kantoren dwars doorheen liggen.

Marie-Luce: „Chaotisch? Ja? Zo zou ik het hier niet willen noemen.”

Kim: „Ik wel.”

Marie-Luce: „Eerder bruisend.”

Kim: „Nou, georganiseerde chaos.”

Marie-Luce: „Vooruit. Georganiseerde anarchie. We hebben zestien tentoonstellingen per jaar, een magazine, een website, altijd projecten lopen. Onze bureaus zijn daar wel...”

Kim: „...een afspiegeling van.”

Marie-Luce: „Ja. Maar gelukkig werken hier mensen die het leuk vinden om met veel dingen tegelijk bezig te zijn.”

Kim: „We werken altijd met deadlines. Maar dat hoeft niet per se stressen te zijn, hoor.”

Marie-Luce: „Daar moet je gewoon tegen kunnen.”

Kim: „Dat kunnen we. Iedereen is hier jong en fris.”

Marie-Luce: „Heel jong. We zijn met zijn twintigen en we hebben altijd tien stagiaires in dienst – de gemiddelde leeftijd is dus nogal laag.”

Kim: „Maar die stagiaires hebben vaak juist hele originele ideeën.”

Marie-Luce: „We hebben altijd meerdere tentoonstellingen tegelijk. Als we een expositie hebben waarvan we weten dat er veel publiek op af komt, bijvoorbeeld werk van Anton Corbijn, dan programmeren we daar iets bij wat mensen nog niet kennen.”

Kim: „Dat is vaak werk waar het publiek zelf misschien niet op af zou komen, maar waarvan wij weten dat ze het wel zouden waarderen. Dat kunnen ook landschappen zijn.”

Marie-Luce: „Werk dat wij goed vinden, natuurlijk. Onze kantoren zitten midden in het museum. Daardoor loop je ook zelf voortdurend door de expositiezalen beneden.”

Kim: „Dan zie je ook welke bezoekers er komen en hoe mensen op een expositie reageren. Soms hoor ik ze dan iets zeggen over een bepaald werk, of een fotograaf, en dan kan ik het niet laten om toch even met ze in discussie te gaan.”

Marie-Luce: „Als je elke dag, drie maanden lang, daar doorheen loopt, dan beginnen bepaalde foto’s je dierbaar te worden. Die ga je missen als ze weg zijn. En het is niet zo dat je ze lekker mee naar huis kan nemen.”

Kim: „Eén van de mooiste momenten van de dag vind ik het einde van de dag, als de zaal weer helemaal leeg is. Dan hebben we hard gewerkt en zijn er de hele dag hordes mensen geweest. Dan hangt er weer zo’n fijne rust.”

Marie-Luce: „Laatst ging er een interne memo rond. Bij een bepaalde fototentoonstelling stonden ook een aantal beeldjes opgesteld. Die hoorden gekanteld op de grond te staan. Maar aan het einde van de dag stonden ze vaak gewoon weer rechtop.”

Kim: „Dus wij denken: wie doet dat toch steeds?”

Marie-Luce: „Dat zijn we een beetje in de gaten gaan houden. Bleken het elke keer bezoekers te zijn. Die dachten behulpzaam te zijn. Die hadden zoiets van: ‘Hé, dat hoort niet. Die zet ik wel even recht’. Ergens wel een sympathieke gedachte, natuurlijk.”

Marie-Luce houdt zich vooral bezig met het zakelijke deel, Kim juist met het creatieve deel. Dat vertaalt zich in hun titels. Kim is curator, Marie-Luce is ‘Deputy Director Business Affairs’. Ze lacht. „Dat zei laatst iemand tegen me. Dat we bij zo’n jonge organisatie zulke archaïsche, stijve titels hebben.” Kim valt haar bij. „Maar het is natuurlijk niet zo dat we vergaderen over welke titel we nou weer aan welke functie geven.” Marie-Luce knikt. „Dat groeit gewoon organisch. Net als Foam.”

Met je collega(’s) in deze rubriek? Aanmelden kan via werk@nrc.nl