Column

Fusieregels zijn soepel, kranten gaan klonteren

De wereld wordt groter, kranten worden kleiner. Tabloid, of compact zo u wilt, is de Nederlandse norm voor krantenformaat. Maar krantenbedrijven krimpen zelf ook. Oplages dalen. Uitgevers moeten opbreken. De noordelijke kranten- en boekenuitgever NDC/VBK houdt uitverkoop na vastgelopen overnames met geleend geld. Hetzelfde lot treft de Britse investeringsmaatschappij Mecom, die hier de regionale kranten van Wegener bezit plus een aparte dochter met de Limburgse kranten. NDC heeft 5 procent van de Nederlandse krantenmarkt, Mecom ruim 22 procent.

Pech voor hen dat de Amerikaanse multimiljardair Warren Buffett alleen Amerikaanse kranten koopt. Hij is de laatste grote opkoper. Tegenover hem staat krantentijger Rupert Murdoch die zijn adviseurs niet langer negeert en de kranten- en boekendivisie uit zijn mediabedrijf Newscorp (film, tv) tilt. Zij gaan zelfstandig verder. Een historische beslissing. Kranten zijn de bakermat van Murdochs faam en fortuin.

Ook zonder Buffett en Murdoch zullen buitenlandse financiers een hoofdrol spelen in de samenklontering van van de Nederlandse kranten- en mediamarkt. Van de zes grootste bedrijven op de Nederlandse tv-, radio- en krantenmarkt is er één overwegend Nederlands (Telegraaf Media Groep) en één is geen particulier bezit (de Publieke Omroep). De andere vier zijn in buitenlandse handen. Dat zijn naast Mecom: de Persgroep (Volkskrant, regionale kranten, Q-music) van de Belgische familie Van Thillo. Het Finse Sanoma (SBS, publieksbladen zoals Libelle en Margriet). En het Duitse familiebedrijf Bertelsmann (RTL).

De ‘grote zes’ leiden de mediamonitor van het toezichthoudende Commissariaat voor de Media. Als interessante media op de markt komen, bieden zij, zoals bij de verkoop van de SBS-tv-zenders. Sanoma won; de Telegraaf en de Persgroep dongen mee.

De Persgroep kocht vervolgens arbeidsmarktspecialist VNU Media (Intermediair). De Telegraaf staat onder druk van zijn een na grootste aandeelhouder, de investeringsmaatschappij Cyrte, om meer in kranten te investeren.

De Telegraaf en de Persgroep zijn de alom genoemde koplopers om de regionale kranten te kopen die nu aan de markt komen. Zij kunnen na de overname kosten besparen door samenvoeging van de bezorging en door redactionele samenwerking én inkomsten verhogen door mooiere aanbiedingen te doen aan adverteerders.

Maar komen zij ook door de toetsing van concurrentiewaakhond NMa, de Nederlandse Mededingingsautoriteit? De NMa heeft carte blanche sinds de tijdelijke wettelijke fusieregels inclusief maximale marktaandelen (35 procent) door het kabinet-Rutte per 1 januari 2011 zijn ingetrokken. Bij de laatste grote verkaveling op de krantenmarkt in 2009, toen de Persgroep uitgever PcM kocht en PcM-dochter NRC Media vérkocht, hoefde de NMa geen echt inhoudelijk beluit te nemen. De Persgroep kwam eerder al tegemoet aan de bezwaren van de NMa.

De soepelste uitkomst, vanuit mededinging bekeken, is de overname van de Wegener-kranten door een groep geldschieters, met een krantenuitgever als minderheidsaandeelhouder. Dat beperkt ieders risico’s. Maar een complete overname door de Telegraaf of de Persgroep kan ook. De uitgevers hebben eerder met succes gepleit voor opheffing van de wettelijke fusiebeperkingen. Schaalvergroting moet zwakke kranten redden.

Op de zorgverzekeringsmarkt blijkt de NMa geen moeite te hebben met regionale bijna-monopolies, zoals in Friesland. Waarom zou zij dat bij kranten wel hebben?