Dreiging van de ‘academische lente’

Uitgevers Elsevier en Wolters Kluwer maken deze week hun halfjaarcijfers bekend. Hebben zij last van de opkomst van open access?

Larry Benson verzamelt fraudes. Elke dag plaatst de Amerikaan verhalen op FraudOfTheDay.com over hoe burgers de overheid hebben opgelicht. Over gevangenen die onterecht een werkloosheidsuitkering krijgen. Of over fraudeurs die namens overledenen geld terug krijgen van de belastingen.

Het zijn hilarische anekdotes. Maar – dit is Amerika – mét een commerciële boodschap. Benson is manager bij LexisNexis Risk Solutions, onderdeel van informatieconcern Reed Elsevier. Herhaaldelijk stelt hij dat overheden miljoenen dollars kunnen besparen als zij slimmer de beschikbare gegevens van burgers combineren. En laat Bensons werkgever dat nu net doen. LexisNexis Risk Solutions levert software om de financiële handel en wandel van consumenten door te lichten.

FraudOfTheDay.com is opmerkelijke marketing van Reed Elsevier. Het concern hoeft zich doorgaans weinig aan te trekken van de publieke opinie. Wetenschappers hebben de tijdschriften van het concern nu eenmaal nodig. Ook juristen, medici en accountants kunnen niet zonder de vakinformatie van de uitgever.

De recessie verandert dat. Maar ook de discussie over open access, gratis toegang tot wetenschappelijke informatie, speelt mee. Reed Elsevier en andere uitgevers moeten nu uitleggen aan bijvoorbeeld de Europese Commissie en nationale overheden waarom de abonnementen op hun vaktijdschriften zo duur zijn. En hoe het komt dat zij zulke hoge rendementen halen op wetenschap.

Er zit een gat tussen wat wij doen, wat wij vertellen en wat mensen over ons denken, zegt men binnen het concern. Wetenschappelijke uitgevers hebben wel degelijk een toegevoegde waarde, vinden ze zelf. Ze coördineren de redactie van tijdschriften, maken veel productietechnische kosten (drukken, automatisering), denken na over het ‘artikel-van-de-toekomst’. Bovendien: het aantal artikelen blijft stijgen, net als het aantal bijdragende wetenschappers. Klanten krijgen good value voor hun geld, aldus het concern.

De klant weet dat misschien. Maar de belegger is nog niet overtuigd, zo bleek vorige week. Eurocommissaris Kroes (Digitale Agenda) deed vorige week dinsdag een oproep voor meer open access. Direct daalde het aandeel Reed Elsevier een paar procent. Die reactie lijkt wat overdreven: open access vormt slechts 3 procent van de wereldmarkt van wetenschappelijke literatuur. „Open access wordt al jaren als bedreiging gezien”, zegt analist Johan van den Hooven van SNS Securities. „Het is de vraag of het huidige sentiment een einde maakt aan de hoge marges.”

Bedreigt die ‘academische lente’ het bedrijfsmodel van Reed Elsevier en concurrenten als Wolters Kluwer? Zij maken beide deze week hun halfjaarcijfers bekend.

Op korte termijn heeft Reed Elsevier nog geen last van open access. De wetenschappelijke en technologische divisie haalde in het eerste half jaar van 2012 een rendement van een kleine 40 procent. Ook LexisNexis Risk Solutions boekt een vergelijkbaar rendement. Met name deze twee divisies stuwen de autonome groei naar een procent of 3.

Probleemkind bij Reed Elsevier is volgens analist Van den Hooven de juridische divisie. LexisNexis Legal & Professional, dat 70 procent van zijn omzet haalt uit de VS, meldt waarschijnlijk een marge van 14 procent.

Ook bij Wolters Kluwer is de juridische tak de slechtst presterende tak. Van den Hooven: „Legal & Regulatory loopt in Amerika en Azië redelijk, in Europa valt het tegen.” Beide uitgevers twijfelen over hoeveel ze moeten investeren in (digitale) informatievoorziening van juristen.

Wolters Kluwer heeft minder last van de open access-discussie. Het concern heeft de meeste wetenschappelijke onderdelen in 2003 verkocht aan Springer. In sectoren waar Wolters actief is, speelt dat minder.

Bij Wolters kijken analisten vooral naar de autonome omzetgroei. „Het bedrijf zit net in de plus”, zegt Van den Hooven. „Maar daarvoor was wel een ingrijpende reorganisatie nodig.” Dat kostenbesparingsprogramma loopt nu af en Van den Hooven twijfelt of er nog zo’n groeibevorderende reorganisatie komt.