Asbestpaniek in Utrecht heeft een zekere logica

Na de vondst van asbest, zoals in Utrecht, is een zoektocht in de archieven nodig. Zit het wellicht ook in andere huizen? Dan duurt de onzekerheid lang.

Eerst was er de chaos. Zo’n 150 bewoners van de Utrechtse wijk Kanaleneiland moeten zondag direct hun huizen verlaten wegens gevaar van blootstelling aan de kankerverwekkende stof asbest, die was vrijgekomen tijdens een renovatie. Straten worden afgesloten met hekken. Politie bewaakt de toegang, er is zelfs mobiele eenheid. Tegelijk is het in de wijk druk op straat. Kinderen spelen gewoon buiten. Niemand kan vertellen wat er precies aan de hand is. Er is sprake van „metingen”, maar over de uitslag wordt niets bekendgemaakt. Gemeente en woningcorporatie zijn niet bereikbaar. Alles ademt de sfeer van een ernstige crisissituatie.

Gisteren kwamen de berichten dat het wel meevalt. Weliswaar worden nog 120 woningen op asbest onderzocht, maar GGD Utrecht spreekt van „een uiterst beperkt risico voor de volksgezondheid”. Kinderen mogen gewoon buiten spelen. Liever niet lopen waar asbest op de grond ligt: de met geel/zwart lint afgezette stukjes grond met het een bordje ‘gevaar asbest’.

Zo lijkt de situatie al snel weer onder controle. Waarom dan toch de paniek een dag eerder? Voor emeritus hoogleraar toxicologie Gerard Mulder zit er wel een zekere logica in de gebeurtenissen. Als asbest in één huis wordt aangetroffen, moet je er achter zien te komen of het ook in de andere huizen zit. Dat vergt een zoektocht door de archieven. „Ik kan me voorstellen dat als voorzorgsmaatregel het hele gebied wordt afgesloten. Dat is een ingrijpende maatregel die natuurlijk niet goed valt. Maar als men het niet doet, wordt men daar achteraf ook op aangesproken. Het is voor de overheid toch een beetje een dwangsituatie.”

In talloze Nederlandse woningen is asbest toegepast in de bouw, vooral huizen uit de jaren vijftig, zestig en zeventig. Asbest werd beschouwd als een zeer nuttige, brandvertragende stof. Het kankerverwekkende effect was nog niet bekend, pas in 1977 werd asbest verboden. Het is gevaarlijk asbestvezels in te ademen, weten we nu. Bij spuitasbest, dat zondag in de Utrechtse flats werd aangetroffen, is dat gevaar groter, omdat het makkelijker vezels afgeeft aan de lucht. Meestal openbaart de gezondheidsschade zich pas na twintig tot veertig jaar. De ingeademde asbestdeeltjes kunnen zich inkapselen in de longen, en na lange tijd tumoren veroorzaken. Als het dan gaat om een mesothelioom (longvliestumor) wacht de patiënt een snelle dood.

Toch hoeven mensen die jaren in een asbestflat hebben gewoond, zich volgens Mulder geen zorgen te maken. „Door de renovatie komen plekken vrij waar asbest in en achter zit. Dat was eerder afgeschermd. Zolang dat zo is, is er niets aan de hand. Zoals ook kwik niet gevaarlijk is zolang de dop op de fles zit.” Daarbij is een kortdurende blootstelling aan asbestvezels vrijwel nooit kankerverwekkend, tenzij de hoeveel vezels extreem hoog is. „Bij bepaling van het risico op verwekking van kanker gaat het om levenslange blootstelling, of, bij werknemers, gedurende veertig jaar. Wat je op een dag inademt, is maar een fractie van de in de regels genoemde normen.”

Toch vallen volgens het Instituut Asbestslachtoffers jaarlijks meer asbestdoden dan doden in het verkeer, namelijk 700. Tweede Kamerlid Paulus Jansen (SP) pleit al langer voor een ‘inventarisatieplicht’ voor asbest, bijvoorbeeld voor basisscholen. Mulder noemt dat sympathiek maar onhaalbaar. „Natuurlijk wil je weten in welke gebouwen asbest zit, dan ben je gewaarschuwd als je gaat breken. Maar het is zo ontzettend veel gebruikt. Dat is onbegonnen werk.”

In Utrecht zal locoburgemeester Gilbert Isabella de raadsleden die niet op vakantie zijn morgen informeren over de zaak. Na het zomerreces moet volgens D66-raadslid Arjen Kleuver een raadsdebat volgen. Hij denkt dat de gemeente op het gebied van communicatie steken heeft laten vallen. „Uit alles blijkt dat mensen onvoldoende geïnformeerd zijn, waardoor de paniek en onzekerheid alleen maar groter geworden zijn.” Het door de gemeente ingestelde speciale telefoonnummer werd zondag en maandag ruim zeshonderd keer gebeld. „Het is bekend dat in Kanaleneiland veel nationaliteiten wonen. Had je niet ook een bericht moeten verspreiden in het Turks en Marokkaans? Het gaat wel om de volksgezondheid.” Dat burgemeester Wolfsen niet terugkeert van vakantie vindt hij geen probleem. „Burgemeesters hebben ook vakantie nodig. Burgers begrijpen dat ook.”

Kleuver vraagt zich wel af waarom woningcorporatie Mitros niet beter voorbereid was op spuitasbest, hoewel bekend was dat asbest bij de bouw gebruikt was en Mitros de renovatie ook was begonnen met inzet van een asbestteam. „Plots bleek er dat gevaarlijke spuitasbest te zitten. Dat komt zo vaak voor. Waarom hadden ze niet op zijn minst het vermoeden, zodat ze erop voorbereid waren? Dan had je deze hele paniektoestand kunnen voorkomen.”

Gerard Mulder tekent aan dat weinig te zeggen valt over de ernst van de situatie voor er ingewikkelde metingen verricht zijn, wat dagen kan duren. „Je moet wel iemand ter plekke hebben die het duidelijk kan uitleggen, maar die heb je niet zomaar gevonden. Dan gaan geruchten een rol spelen. In het ene huis mag je wel, in het andere niet. Het is natuurlijk een panieksituatie.”

Locoburgemeester Gilbert Isabella was vandaag niet bereikbaar voor commentaar.