Waarom Olympic Café nu lympic heet

Brug naar het Olympisch Park, met reclame van sponsor Coca-Cola Brug naar het Olympisch Park, met reclame van sponsor Coca-Cola

Ophef vorige week toen de voorzitter van het Londense organisatie comité, Seb Coe, suggereerde dat als je een T-shirt met het Pepsi-logo aanhebt, je het stadion niet inkomt. CocaCola is immers hoofdsponsor van de Spelen. En vanaf vandaag wordt streng gelet op zulke details: in de hele olympische zone geldt een verbod op ,,ongeautoriseerde reclame”.

Zo’n verbod is begrijpelijk, vond Coe:

,,We moeten de rechten van de sponsors beschermen. Zij betalen voor het overgrote deel deze Spelen.”

Coe bleek het verkeerd te hebben begrepen. Locog kwam vrijdag met een verklaring dat ,,elk individu elk soort kleding, met merknaam of anderszins” aan mag hebben. Het gaat om ,,grote groepen die samen binnenkomen met duidelijk zichtbare merkkleding”. Alles om een guerrillamarketingactie als dat van Bavaria tijdens het WK in 2010 te voorkomen.

Maar Coe’s reactie toonde wel aan hoe krampachtig er in Londen met olympische reclame-uitingen wordt omgegaan. Sinds 1995 mogen de olympische ringen, het logo van de organiserende stad en de officiële mascotte alleen door goedgekeurde bedrijven worden gebruikt. Dat werd in 2006 nog eens wettelijk vastgelegd door het Britse Lagerhuis: alleen sponsoren en licentiehouders mogen zich met de Spelen associëren.

Dus kreeg Kamel Kichane, manager van Café Olympic in Stratford al in 2009 te horen dat hij de naam van zijn café moest veranderen op straffe van een boete. Het heet sindsdien lympic. De O is zorgvuldig bedekt. En in 2007 moest een slager in Weymouth, waar het zeilen plaatsvindt, ophouden met zijn worsten in de vorm van olympische ringen neer te leggen.

,,De regels waren nooit bedoeld voor een bloemenwinkel die zijn bloemen in olympische ringen neerzet, of de slager die zijn vlees in een olympisch thema etaleert”,

zei dit weekeinde Michael Payne, een Britse marketingdeskundige die in 1983 door het Internationaal Olympisch Commité (IOC) werd gevraagd om iets te verzinnen zodat de Spelen zichzelf konden bedruipen.

,,Het publiek begrijpt het wel. Ze begrijpen dat Coca-Cola heeft betaald, en Pepsi niet. Dus dat Coca-Cola drankjes mag verkopen. Maar wat heeft dat te maken met een broodje in de vorm van een olympische vlam?”

In het totaal zijn er elf wereldwijde sponsors (onder wie McDonald’s en Coca-Cola), zeven Britse sponsors (BT, British Airways), zeven donateurs (Cadbury, ArcelorMittal) en 38 leveranciers (Heineken UK).

Niet alle onofficiële reclame wordt gespot door de ‘branding police’: