Trucks, seks en rock in een vol weiland

Ooit gold de Zwarte Cross in Overijssel als een boeren-rockfestival. Inmiddels trekt het 150.000 bezoekers met een breed aanbod: van cross tot literatuur en dubstep.

„Eindelijk Dikkie Dik in ’t plat!” belooft de presentator de afgeladen theatertent op Zwarte Cross. „Joa, hier hebben jullie toch joaren naar verlangd.” Al zingend verwelkomt het publiek voorlezer Gerda Havertong: „Sesamstroat, Sesamstroat, laat je speelgoed stoan voor Sesamstroat!” In haar beste Achterhoeks, op knalrode rubberlaarzen en met Surinaamse hoofddoek leest Havertong een nieuw Dikkie Dik-avontuur voor. Met participerende oh’s, joa’s en lachsalvo’s luistert het publiek aandachtig naar het verhaal van een Amsterdamse straatkat die moet wennen aan het Achterhoekse drinktempo en zich daarom „luk sloerig in de rakkert” voelt.

Een paar uur later barst enkele tenten verderop de hel los. Op de metalweide zwaait David Bower, zanger van de satanische heavymetalband Hell, in ontbloot bovenlijf theatraal met een zweep. Zijn zwaar opgemaakte bandleden headbangen in trance mee. Voor het podium pronkt een reusachtige schedel met bloeddoorlopen oogholtes.

De organisatie van de Zwarte Cross in Lichtenvoorde noemt het programma van haar zestiende editie terecht „zo eclectisch als Silvio Berlusconi’s 1000-koppige harem”. Met podia voor zowel rock, reggae, metal, disco, theater als kleinkunst probeert het festival al enkele jaren te vernieuwen en het hardnekkige imago van boerenrockfestival te bestrijden. Op verschillende ‘weides’ spelen zich heuse minifestivals af met een eigen programmering, aankleding en catering. Terwijl zaterdag bijvoorbeeld in de Megatent honderden bier drinkende feestvierders onder leiding van festivalmascotte Tante Rikie luidkeels het Wilhelmus zingen, luistert men op het exotische reggaeterrein tussen palmbomen en cocktailbars naar de reünie van Beef. In een overvolle theatertent elders op het terrein leest schrijver Ronald Giphart expliciete seksscènes voor uit zijn columns en korte verhalen.

Volgens muzikant en organisator Hendrik Jan Lovink past zo’n diverse programmering bij deze tijd. „Vroeger waren jongeren voor óf dance, óf metal. Maar dat is aan het verschuiven. Je merkt dat de jeugd van nu een veel bredere smaak heeft.”

Daarom zijn dit jaar nieuw op de Zwarte Cross een rootsweide en een dancetent. Het festival wil niet meer groeien in omvang, maar wel in diversiteit, zegt organisator Lovink. „Wij willen blijven verrassen.” ‘Rootsweide’ The Bayou is aangekleed als een westernachtige ‘Chill & Grill’-plek met kampvuren en barbecues. Op de veranda van een houten prairiehuis spelen bands rauwe blues, soul en boogie. In de nieuwe uit pallets opgebouwde tent De Dansvloer klinken balkanbeats, electro en dubstep. Het idee voor een danceprogrammering deed Lovink bij de vorige editie op. „Junkie XL speelde een verrassingsoptreden en dat was een enorm succes.” Tijdens de opening van het nieuwe podium door Don Diablo vrijdag gaat het publiek meteen los en het hele verdere weekend staat De Dansvloer vol.

In totaal trekt het festival over het hele weekend een nieuw record van 156.218 bezoekers. Toch is niet iedereen even gelukkig met alle vernieuwing. Een varkensboer uit Wijhe vindt het „allemaal veel te commercieel geworden”. Maar volgens Lovink „blijft al het oude en komen de nieuwe dingen er alleen als iets extra’s bij”.

Ook de keuken van het festival blijft vernieuwen. Naast eetkramen met typische Zwarte Cross-specialiteiten als het ‘Broodje Trukkerbal’ staat dit jaar een opvallend ‘sterrenrestaurant’ op het terrein. In Le Carburateur serveren topkoks Rik Jansen (De Basiliek) en Erik de Mönnink (De Swarte Ruijter) Achterhoekse streekgerechten aan deftig opgedekte tafels. Voor de met schilderijtjes en kroonluchters aangeklede partytent staan tegen etenstijd lange wachtrijen.

Het thema ‘Heilstaat Uitopia, Koninkrijk der Zwarte Cross’ moet de verschillende festivalelementen weer bij elkaar brengen. Voor alle Uitopianen is er een paspoort en Tante Rikie is hun geestelijk en militair leider. Het volkslied Ik bun ’n Zwarte Crosser van de motorband is als onderdeel van een competitie geremixt door tal van beginnende producers. Winnaars Knarsetand en El Jando mochten vrijdag hun versie presenteren in de dancetent. Ook het nationale drankje Nozem Oil, een speciaal voor Zwarte Cross gebrouwen shooter in een olieflesje, verbroedert. Het energiedrankje met 10 procent alcohol vindt gretig aftrek.

Maar, de nationale sport en grootste publiekstrekker van Uitopia is en blijft de cross. Op de crossbaan rijden trucks, tractoren en motoren uit officiële en minder officiële klassen carnavaleske optochten. Midden op het festivalterrein rijden in een zogenaamde Globe of Death vier motorrijders tegelijkertijd om hun as in het rond. Daaroverheen springen freestyle motorcrossers en BMX’ers. Hoofdact dit jaar zijn de zogenaamde ‘Nozem Sprongen’ over het hoofdpodium. Begeleid door vuurwerk en de muziek van bands als The Hives, Within Temptation, Di-Rect en de Kaiser Chiefs, springen twee motorcrossers over het 16 meter hoge en 31 meter brede podium. Iedereen kijkt ademloos omhoog.