'Populair bij criteriums'

A llez Ten Dam! Dat riep een Frans jongetje zaterdag naar mij, toen ik aan het inrijden was voor de tijdrit. Ouder dan vijf kan hij niet zijn geweest. Toen ik aankwam, zag ik van een afstandje aan zijn blik dat hij mij had herkend.

Het deed me denken aan vroeger. Toen ik drie turven hoog was en de Tour voor het eerst meemaakte. Aan de indruk die Indurain in 1991 op mij maakte op de Joux-Plane tijdens een Alpenetappe. Ik heb nu drie weken lang hetzelfde gedaan, de Tour gefietst en indruk gemaakt op de jongetjes van nu. Dat vind ik heel mooi.

Gisterochtend werd ik voor het eerst niet fit wakker. Ik ben verkouden, moet constant kuchen. Het wordt tijd dat de Tour erop zit. Mensen worden vaker ziek als de spanning weg is. Gisteren hoefde ik alleen nog naar Parijs te fietsen.

Over mijn Tour ben ik tevreden. Ik heb van de week zitten rekenen: van de zeven lastige bergetappes waarin ik normaal gesproken voor Gesink en Mollema had moeten werken, zat ik vier keer in de ontsnapping en ben ik drie keer in de groep met de gele trui gefinisht. Voor een succesvolle Tour was ik afhankelijk van mijn kopmannen. En die zijn in de eerste week gevallen, en later afgestapt.

We hebben de laatste week met de vier overgebleven renners van ploeg veel sympathie gekweekt bij het Nederlandse publiek. Met z’n vieren hard gewerkt en veel aangevallen, ik ook. Helaas ben ik zelf niet dichtbij een ritzege gekomen. Ik zat in kopgroepen met Voeckler, Vinokoerov en Valverde. Dat is wel even wat anders dan Ten Dam.

Alles moet op z’n plaats vallen als je een rit wilt winnen. Je moet de beste zijn van tweehonderd van de beste renners ter wereld, en een beetje geluk hebben. Donderdag zat ik in een kopgroep met dertig man, Valverde had zelfs nog een knecht bij zich. Hij kon in de luwte blijven en won later de rit. Een kopgroep van vijf man zou voor mij een goede ontsnapping zijn.

Het is dat de renners van Team Sky zo goed waren, anders hadden we met de ploeg meer dan één etappe gewonnen. In de rit van vorige week zaterdag naar Cap d’Agde reed Sky het gat met mijn ploeggenoot Luis León Sánchez dicht. Afgelopen vrijdag deden ze hetzelfde. En in de tijdrit, zaterdag, eindigde Sanchez als derde. Bradley Wiggins en Chris Froome van Sky eindigden op plaats één en twee. Maar dat Sky goed was, had ik aan het begin van de Tour al gezien. We deelden bij de start in Luik het hotel met de renners van Sky. Ze stonden allemaal scherp.

Bradley Wiggins ken ik al langer. We zijn even oud en komen elkaar al lang tegen. In de Giro van 2009 zag ik dat hij plotseling goed bergop kon fietsen, in de Tour werd hij een paar maanden later vierde. In kleine koersen maken we wel eens een praatje, nu niet. Wiggins is zo gefocust op het winnen van de Tour, daar kom je helemaal niet doorheen.

Toen het halve peloton in de etappe van vorige zondag door spijkers was gereden, ben ik dat Wiggins even gaan vertellen. Als geletruidrager heeft hij de leiding. Hij legde het peloton stil om te wachten op de anderen.

Deze Tour ben ik de beste Nederlander, maar daar heb ik niet voor gereden. In mijn eerste Tour was ik ook de beste in het eindklassement, op plaats twintig. Toen heb ik in de bergen aangeklampt, voor een goed klassement. Deze Tour niet, ik was er voor mijn kopmannen. Vrijdag verloor ik nog vijf minuten omdat we voor Sánchez op kop hadden gereden. Het maakte niet zoveel uit of ik 26ste of 28ste zou worden. Het was belangrijker dat Sánchez die rit zou winnen. Dat gebeurde bijna – totdat hij werd bijgehaald door Sky.

Als beste Nederlander ben ik populair bij de organisatoren van criteriums. Ik rij er deze week zeven, de week erna vier. De meeste in Brabant of in het Westland, ik ga dan met mijn vrouw en zoontje kamperen in onze Chevy Van uit ’89. Het liefst op een camping van Staatsbosbeheer, lekker rustig en in de natuur. Als het meezit kan ik zelfs op de fiets naar de koers toe.

Het is wel weer zeven dagen fietsen, ik heb er net drie weken op zitten. En soms gaat het in die criteriums nog hard ook, wordt er echt gereden. Maar ik moet nu toch ook een klein beetje profiteren van mijn populariteit. Ik ben beroepswielrenner.

Raborenner Laurens ten Dam (31) vertelde de afgelopen weken over zijn belevenissen in de Tour.