Nu vallen de euroredders zelf om, van vermoeidheid

De mensen die in Brussel en andere Europese hoofdsteden bezig zijn de euro overeind te houden, of te zorgen dat de banken niet instorten, beginnen het zwaar te krijgen. Verdomde zwaar.

Een bevriend diplomaat kreeg een nare darmziekte – te weinig weerstand, zeiden ze in het ziekenhuis.

Een vriendin dichtbij het crisisvuur kreeg in één jaar twee miskramen. Misschien had ze die anders ook gekregen, je weet nooit. Maar de dokter had gewaarschuwd: rustig aan, niet meer tot vijf uur ’s ochtends op Europese toppen zitten. Maar toppen horen bij haar werk. En er was geen collega die het kon overnemen.

Iemand anders vertelt hoe het voelt als je ’s avonds weer eens laat op kantoor zit, de kinderen wilt bellen om te vragen het eten vast voor je op te warmen – en dan weet je ineens je eigen telefoonnummer niet meer. Deze black-out bleek het begin van meer ellende.

Een Europees ambtenaar die iets met financiën doet, heeft meerdere medewerkers met stressachtige klachten: „Tijdens functioneringsgesprekken wordt tegenwoordig gehuild. Laatst had ik een vijftiger. Enórme kerel. Alcoholproblemen.”

Een andere ambtenaar keek laatst tijdens een bespreking op zijn horloge, stond op en zei: „Sorry, ik moet naar de therapeut. Tennisarm, van de computer.”

Veel psychologen en bottenkrakers in de Europese wijk zitten vol en nemen geen nieuwe patiënten meer aan.

Een arts bij de Europese Commissie vertelt dat het aantal burn-outs toeneemt. Het personeelsbestand van de Commissie moet al sinds 2004 gelijk blijven, terwijl het werk (twaalf nieuwe landen erbij) is toegenomen. Door de crisis moeten er nu mensen uit, „als gebaar”, omdat dit in bepaalde lidstaten ook gebeurt. Op sommige afdelingen kan dit, op andere niet.

Zo heeft de Commissie net beloofd begin september een wetsvoorstel te presenteren over Europees banktoezicht. Nog los van alle politieke haken en ogen moet dit voorstel ook nog juridisch stroken met wetgeving van alle lidstaten. Niet eenvoudig, middenin vakantietijd en juist op afdelingen waar al mensen zijn ‘omgevallen’ wegens overbelasting in een crisis die na vier jaar enkel heviger lijkt te worden.

Eurogroepvoorzitter Jean-Claude Juncker loopt al maanden krom van de nierstenen. Ook in Frankfurt moeten de euroredders nu zelf gered worden. Bij de Europese Centrale Bank (ECB), schreef de Financial Times Deutschland laatst, bleek uit een interne enquête dat overbelasting een „serieus operationeel risico” vormt.

Vroeger was monetaire politiek een eitje. Nu is het aanpoten. Vergaderingen ’s avonds laat en in het weekend. Wéér experts naar een euroland sturen dat in zijn eigen bankschuld verzuipt.

En dat alles onder zware politieke druk, want alle eurolanden willen iets anders van de ECB. Maar op doktersadvies in een spa gaan zitten, is er voor de meesten niet bij. De crisis is ‘systematisch’ geworden en de ECB, zei een analist deze week, „is the only game in town”.

Veel rust krijgen al deze doktersklanten komende tijd niet. Nieuwe landen staan in de rij voor het noodfonds, banken blijven vallen. Dit betekent méér reizen, meer nachtwerk, meer stress.

„En dan zó gehaat worden in de lidstaten”, zegt een Brusselse insider (in scheiding). „Dit is het meest ondankbare beroep ter wereld geworden, lijkt het wel.”

Correspondent Brussel