Indonesiërs zijn geen geboren topsporters

De badmintonners, vooral het duo Natsir en Ahmad, zijn in Londen de hoop van Indonesië op goud. In andere sporten telt het land niet mee.

Correspondent Indonesië

Jakarta. Tontowi Ahmad schreeuwt het uit als hij zijn shuttle tegen het net smasht. Zijn teamgenoot Lilyana Natsir kijkt onverstoord voor zich uit. De badmintonster heeft geleerd haar irritatie te verbergen wanneer haar partner een fout maakt. „Eerst liet ze merken hoe pissig ze werd”, zegt dubbelcoach Christian Hadinata. „Maar dat kan echt niet, hebben we tegen haar gezegd.”

Het gemengd dubbelteam van Lilyana en Tontowi is de grootste hoop van Indonesië op olympisch goud. Lilyana heeft meer ervaring en moet het spel leiden. Lolbroek Tontowi jaagt zijn tegenstanders angst aan met zijn grote postuur en harde smashes. Hij vertelt dat hij vroeger geen interesse had voor de sport. „Ik werd gedwongen door mijn vader.” Op het tweetal rust de zware taak om de olympische eer van Indonesië hoog te houden. Sinds badminton in 1992 een olympische sport werd, heeft Indonesië altijd een gouden medaille behaald. Sportfanaten zien graag dat die gouden traditie wordt voortgezet.

Op andere sporten hoeft Indonesië niet te rekenen voor medailles. Alleen de badmintonners zijn van wereldklasse. En dat allemaal door een overwinning op Maleisië in 1958. Een team van badmintonlegendes als Tan Joe Hok en Ferry Sonneville onttroonde het buurland destijds bij de prestigieuze Thomas Cup. „We realiseerden ons dat badminton een sport was waarin we internationaal konden meedoen”, zegt coach en voormalig kampioen Hadinata (62). Sindsdien wordt overal in Indonesië gebadmintond. In de kampongs werd een touwtje opgehangen als net; rackets werden van hout gemaakt. De echte bloeiperiode begon in 1970 en duurde tot begin jaren 90. Met Rudy Hartono, die acht keer het All England kampioenschap won. Hadinata was zelf vaak succesvol in het dubbelspel.

Dat het met andere sporten nooit is gelukt, komt volgens voorzitter Rita Subowo van het Komite Olimpiade Indonesia doordat het land zich niet richt op topsport. Te weinig faciliteiten, geen langetermijnplanning. Er wordt te veel energie gestoken in kleine sportevenementen en niet-olympische sporten. „Waarom doen we aan rolschaatsen, paragliden, muurklimmen en dragonboarden?”

Maar het probleem zit dieper, denkt de 67-jarige Sumohadi Marsis, al ruim veertig jaar sportjournalist. Niet veel Indonesiërs willen de benodigde offers brengen om topsporter te worden. Anders dan in China, de grootste badmintonconcurrent. „De Chinese filosofie is: hard werken. Alles om iets te bereiken. Indonesië is een melkbad, zo vruchtbaar: je hoeft niks te doen en hebt toch te eten.”

Het is geen toeval dat veel badmintonkampioenen Chinese Indonesiërs zijn. Zo ook oud-kampioen Hadinata en sterspeelster Lilyana Natsir. De vader van de Javaan Tontowi is een uitzondering. „Buiten de Chinese gemeenschap hebben Indonesische ouders geen traditie om van hun kinderen kampioenen te maken. Ze vinden het genoeg als de kinderen het beter hebben dan zijzelf”, zegt Marsis.

Maar zelfs het badminton dreigt in verval te raken. Indonesië verliest nu ook van mindere landen als Japan. Dieptepunt was de blamage in mei, toen het land in de Thomas Cup en Uber Cup niet verder kwam dan de kwartfinales. Een badmintoncrisis volgens lokale media. Kenners wijzen verschillende oorzaken aan. Oud-spelers hebben publiekelijk kritiek geuit op de badmintonbond. „De voorzitter van de bond, oud-generaal Djoko Santoso, heeft allemaal legermensen aangesteld die niets van badminton weten”, klaagt Alan Budi Kusuma, die in 1992 het eerste olympisch goud voor Indonesië won.

Coach Hadinata denkt dat Indonesië alleen zijn geroutineerde topspelers naar toernooien stuurt, omdat die tenminste winnen. Zoals Taufik Hidayat, die voor de vierde keer aan de Spelen meedoet. De jongere generatie heeft daardoor nauwelijks ervaring. Hadinata ziet ook hoe de concurrenten uit China en Zuid-Korea gedisciplineerder trainen en daardoor meer snelheid en kracht hebben. Al komt dat de schoonheid van het spel niet ten goede.

Al met al houden Indonesische sportkenners hun hart vast voor ‘Londen’. Want er staat meer op het spel dan die ene gouden medaille. Badmintonsucces is hard nodig om de sport aantrekkelijk te houden voor de jeugd. Vroeger waren de straten tijdens belangrijke wedstrijden uitgestorven. Hadinata: „Nu blijven mensen niet meer thuis, want ze weten niet zeker of we wel gaan winnen.” Als de Spelen geen goud opleveren, vreest hij dat de teloorgang van de badmintontraditie niet te stoppen is.