Zoon: ‘Het was geen gespreid bedje’

Job Steenland (31), getrouwd. Kwam in 2005 in dienst bij Van Campen & Dijkstra als junior assurantieadviseur. Werd vennoot in januari, na de pensionering van vennoot Jan Dijkstra.

„Als Frank met pensioen gaat, wordt onze privésituatie makkelijker. Ik ben getrouwd met zijn dochter, hij met mijn moeder. We zien elkaar dagelijks op ons werk. Dat is een wel heel intensieve relatie. De afspraak is dat we nooit over het bedrijf praten als er een ander familielid bij is. Als we ons werk en ons privéleven door elkaar gaan halen, wordt het een zootje. Maar we zijn natuurlijk niet van steen, dus als je overdag een discussie hebt, kan het soms best vervelend zijn om ’s avonds gezellig samen aan tafel te zitten.

„Ik ben niet op een familiaire manier vennoot geworden, want er waren nog twee compagnons bij betrokken. Je moet het in zo’n onderhandelingstraject eens worden over prijzen, over wanneer, over hoe. Dan kom je patstellingen tegen. Ook tussen Frank en mij. We hebben mijn moeder daar altijd buiten gehouden. Zij zou het gevoel kunnen hebben dat ze partij moest kiezen tussen haar man en haar zoon. En hoewel ik mijn vrouw meer vertelde, was ik ook bij haar voorzichtig.

„Zodra duidelijk werd dat ik goed ben in dit werk, wist ik dat ik het bedrijf op een dag zou willen overnemen. Tegen aanbiedingen van andere bedrijven heb ik altijd nee gezegd. Een collega noemde mij eens de kroonprins. Maar dat ben ik niet. Het was geen gespreid bedje. Juist omdat ik Franks zoon ben, heb ik altijd heel hard geknokt tegen het vooroordeel dat het me aan is komen waaien. Ik zorgde voor de beste productiecijfers, werkte het hardst. Alleen in het overnametraject heeft onze familieband geholpen. Er was één moment dat we vastzaten. Ik ben toen privé naar Frank toegegaan om het recht te trekken. Zo hebben we het kunnen oplossen. Dat was bij een vreemde een stuk lastiger geweest.”