Wat is spel? En wat is werkelijkheid?

De natuur is hard, mensen zijn slecht. Je moet een krijger zijn om te overleven maar uiteindelijk overwint ware vriendschap – misschien.

Dat is de boodschap van de film The Hunger Games, de Hongerspelen, gebaseerd op het gelijknamige jeugdboek van Suzanne Collins. De schrijfster liet zich inspireren door de Griekse mythe van Theseus. De film speelt zich af in de verre toekomst in een fictieve wereld waarin een elitaire welvaartsstaat absolute macht uitoefent over straatarme horigen. Die horigen wonen in twaalf districten en elk district moet jaarlijks twee jongeren afstaan. De jongeren bevechten elkaar op leven en dood. Degene die wint wordt niet alleen overladen met roem en rijkdom, maar blijft als enige in leven. Het spektakel is in elk district dag en nacht live te volgen op megagrote schermen. Wie er het mooist uitziet en het sympathiekst overkomt, krijgt geld en hulp van de staat.

Een tijd geleden zat ik met mijn zoon van twaalf jaar naar de film te kijken en de beelden zetten me aan het denken over de groeiende kloof tussen arm en rijk, over de teloorgang van de privacy, de macht van de media, het grote geld én over de toekomst van de Olympische Spelen. Ik was geschokt te zien hoe de jongeren in de film elkaar als beesten afmaakten, maar ik was nog meer geschokt toen ik merkte dat mijn zoon niet onder de indruk was van dit geweld. Misschien is dat een fenomeen van alle tijden: jongeren die hun eigen angsten sublimeren door naar dit soort films te kijken. Is het niet zo dat jongeren extreme beelden nodig hebben om emoties te voelen en te leren wat morele waarden zijn? Denk maar aan de Griekse mythen, Superman of Harry Potter.

De wereld van de marketing en reclame werkt net zo. Ze overdrijven emoties en morele normen opdat wij die makkelijk herkennen en producten kopen die dezelfde gevoelswaarde vertegenwoordigen.

Toen ik hoofdrolspelers Katniss Everdeen en Peeta Mellark gekleed in vlammende en glimmende tenues in Romeinse strijdwagens ten tonele zag verschijnen, realiseerde ik me dat Suzanne Collins een spannend maar ook maatschappijkritisch boek heeft geschreven. Ook op de Spelen van Londen zullen er sterren zijn als Mellark and Everdeen: mooi, atletisch, moedig, snel en slim. Zij zullen de meeste media-aandacht, sponsors en fans krijgen. Zeker in de toekomst zal de grootste gemene deler van de kijkers bepalen welke sporten mogen uitkomen op de Spelen en niet het IOC.

Ik voorspel dat op de Spelen de grens tussen spel en werkelijkheid zal vervagen, met grote consequenties voor de olympiërs. Dat zullen atleten moeten zijn met een cyberachtig uiterlijk als Mellark en Everdeen. Compromisloze waaghalzen met genetisch gemanipuleerde lichamelijke kwaliteiten die tegelijkertijd door het grote publiek sympathiek gevonden moeten worden. Want de kijkers mogen jokers inzetten en met stemkastjes interactief de uitslag bepalen. En net als in de The Hunger Games kunnen de fans hun helden dag en nacht op grote schermen live volgen.

Als ik me voorstel dat mijn toekomstige kleinzoon met zijn kroost op de arm naar die levensgrote beelden staat te kijken, moet ik denken aan wat mijn moeder in onvervalst Hazerswouds tegen me zei toen ik in 1992 terugkwam van de Spelen in Barcelona: „Kind, toen ik tijdens de openingsceremonie die enorme zilvervloot het stadion binnen zag glijden, geloofde ik mijn ogen niet. Wat ze tegenwoordig niet allemaal verzinnen.”

Oud-tafeltennisster Bettine Vriesekoop (50) deed mee aan de Spelen van 1988, 1992 en 1996. Ze was tot 2009 correspondent in China voor NRC Handelsblad en schreef verschillende boeken over het land. Tijdens de Spelen schrijft ze wekelijks een column.