Op naar de Spelen van 2048

Om aan de vooravond van ‘Londen’ maar meteen met een sterke bewering in huis te vallen: „Over dertig, veertig jaar bestaan de Spelen niet meer”. Dat zegt, wat dieper in deze speciale bijlage, oud-atletiektrainer Henk Kraaijenhof. „Verreweg de meeste sporten zoals we die nu kennen, hebben hun houdbaarheidsdatum al lang en breed overschreden.”

Gelukkig betwijfelt diens gesprekpartner, drievoudig olympisch kampioen Pieter van den Hoogenband, de boude stelling. Maar de redactie van deze krant vroeg zich wel af hoe de Spelen – als ze nog bestaan – er rond het midden van deze eeuw uit zullen zien. De Spelen van 2048. Hebben we dan de Coca-Cola Games die beheerst worden door kitesurfers die niet langer deel uitmaken van landenteams maar wel van gesponsorde ploegen? Krijgen we dan genetisch gemanipuleerde sporters? En hoe gaan toeschouwers dit alles beleven?

Eén ding staat wel als een paal boven water: er is geen toekomst voor het toernooi in de huidige vorm. Het gigantisme heeft zijn grenzen bereikt. „Olympische Spelen zijn als een sprinkhanenplaag: in twee weken tijd wordt een stad kaalgevreten met als overblijfselen veel onbruikbare accommodaties”, schrijft een van onze verslaggevers. Kijk maar naar de in verval geraakte zwembaden in crisisland Griekenland of het Vogelneststadion in Peking dat gedegradeerd is tot toeristische attractie.

Dat voor de Winterspelen van 2014 in het Russische Sotsji een onverantwoorde ecologische aanslag wordt gepleegd op de natuur, is ronduit onaanvaardbaar. Willen de Spelen – die nieuw leven werden ingeblazen aan het einde van de negentiende eeuw – overleven, dan moeten ze ook de waarden omarmen van de 21ste eeuw: duurzaamheid, kleinschaligheid, transparantie. Londen 2012 en Rio 2016 zijn misschien de laatste ‘Oude Spelen’. Op naar de Nieuwe Spelen in 2048.

Peter Vandermeersch

Hoofdredacteur van NRC Handelsblad