Hologrammen, videogames, Twitter, Facebook, alles komt straks samen

Waarom zou het evenement altijd in één grote stad moeten plaatsvinden? Denk liever na over de essentie van de Spelen, betogen architecten David Mulder en Max Cohen de Lara.

Je kijkt de finale van het basketbaltoernooi niet via de tv, nee, je speelt vanuit huis mee via een online videogame met 3D-projectie. Je controller schudt heftig heen en weer als je na het eindsignaal de Amerikaanse ster LeBron James een stevige hand geeft. Na afloop drink je samen met andere gamers virtueel een drankje in de olympische fanzone.

De Spelen als één grote online ervaring, waar iedereen aan mee kan doen. Het klinkt als toekomstmuziek, maar het zou over een decennium of twee, drie zomaar werkelijkheid kunnen zijn.

In opdracht van onder meer het ministerie van Infrastructuur en Milieu deed het Amsterdamse architectenbureau XML onderzoek waar een olympisch ‘bid’ in de toekomst aan moet voldoen. Concrete aanleiding: de eventuele kandidatuur van Nederland voor 2028. Het rapport, getiteld Olympic Cities, Nederland als Game Changer, gaat uiteindelijk over meer dan Nederland.

Architecten David Mulder (32) en Max Cohen de Lara (32) – die het onderzoek hebben geleid – stellen een totaal andere benadering voor dan tot dusver gebruikelijk: Nederland moet het toernooi niet organiseren, Nederland moet het veranderen.

Wil je de tijd vooruit zijn, dan moet je de Spelen opnieuw uitvinden, je moet een totaal nieuw denkmodel creëren. Een nieuw paradigma. „Nederland moet nadenken over hoe de Spelen in 2028 een model kunnen zijn voor de toekomst van de Spelen”, zegt Mulder

De Spelen zijn misschien wel de laatst breed gedragen utopie, zeggen de architecten. Het is bijna ‘religieus olympisme’, met een eed, een vlag, een vlam en witte duiven die worden losgelaten. Sport als het ultieme middel om tot internationale verbroedering en vrede te komen. Je kunt het evenement niet organiseren zonder na te denken over wat het bijdraagt aan de toekomst van het land, zo groot is de impact.

Nederland heeft, net als elke andere kandidaat, een ijzersterk verhaal nodig om gastland te worden.

Dit zijn hun drie revolutionaire modellen:

De Deltapolis Spelen

Het idee: de wedstrijden houden in een regio, in plaats van in een stad. Het zou voor het eerst in de historie zijn. In dit model worden de Spelen ingezet voor het creëren van een stedelijk systeem in het westen van het land, een gebied dat loopt van Dordrecht tot Zaandam: de Deltapolis. Het wordt een regio waarin alles samen gaat: voedselproductie, wonen, vervoer en werken. Het IOC vraagt altijd om centrale organisatie, maar Nederland heeft volgens de onderzoekers geen steden die zo’n mega-event aankunnen: Amsterdam en Rotterdam zijn te klein. Plaatsen binnen de grenzen van Deltapolis kunnen zich kandidaat stellen. Zoetermeer heeft een kanobaan, daar zou het kanovaren kunnen plaatsvinden. Rotterdam-Zuid, waar grote behoefte is aan stedelijke herstructurering, lijkt een geschikte plek voor het olympisch dorp: het gebied kan zo worden opgeknapt. Een slim systeem van openbaar vervoer en autowegen moet ervoor zorgen dat steden in de Deltapolis met elkaar verbonden worden. Het model is ook toe te passen op andere plekken in de wereld.

De Virtuele Spelen

Dit lijkt de meest vernieuwende van de drie modellen: je bent niet langer toeschouwer, je wordt deelnemer. De Spelen worden één groot sociaal medium dat liefhebbers op verschillende manieren kunnen beleven. De Spelen als online-experience, en niet meer als televisie-evenement. Iemand kan zich thuis onderdompelen in een 3D-projectie van een tenniswedstrijd, een ander kan online meespelen in een voetbalduel en een derde loopt virtueel mee met de finale van het hordelopen via augmented reality. Hologrammen, videogames, Twitter, Facebook, alles komt samen. Natuurlijk wordt er nog wel gewoon gesport, en je kunt nog kijken in het stadion, maar digitaal is maatgevend. Wat houdt Nederland hier aan over? Cohen de Lara: „Technologie. Je houdt er een samenleving aan over waarbij digitaal volledig geïntegreerd is in het normale leven. Het versterkt Nederland als kennisland.”

De Wereld Spelen

We gaan terug naar het ideaal van de bedenker van de moderne Spelen: Pierre de Coubertin, de initiator achter de eerste Spelen in 1896. Hij zag het toernooi als een manier om tot internationale samenwerking te komen. In dit model – de Wereld Spelen – worden wedstrijden over de hele wereld in stedelijke regio’s georganiseerd. Daarbij treedt de gastregio op als een soort curator en op basis van een thema (bijvoorbeeld klimaatverandering) zoekt het andere plekken in de wereld die ook met dat thema bezig zijn. Er heeft dan kennisuitwisseling plaats over het thema, vergelijkbaar met de populaire TED-conferenties. De openingsceremonie vindt plaats in de gastregio, daarna verspreiden de atleten zich over de wereld voor wedstrijden. De paardensport kan bijvoorbeeld in Engeland worden gehouden, boksen in Amerika en voetbal in Brazilië.

Mulder: „Meerdere plekken hebben baat bij zo’n organisatie. En kleine regio’s die normaal niet voor zo’n wereldtoernooi in aanmerking komen, kunnen nu één sport organiseren.”