Doe mij de biodata van Ranomi realtime

In 2048 beleef je sport thuis net zo intens als in het stadion. De tv-kijker voélt de spanning in het stadion en weet dankzij biosensoren op en in het lichaam van de sporter hoe fit die nog is.

Pak de onderarm van je buurman eens vast. Pets er drie keer stevig op. Vraag dan: welke emotie probeer ik over te brengen? Wedden dat je buurman zegt: eeeuh, woede?

Probeer ook eens op zijn arm sympathie over te brengen. Of angst, tederheid, frustratie. De kans is groot dat je buurman snapt wat je bedoelt.

Bij de afdeling Human Computer Interaction van de Universiteit Twente laten ze proefpersonen gevoelens uiten op een blok vol sensoren die aai- en klopbewegingen registreren. De computer herkent de patronen en geeft de bijbehorende emotie – als het prototype over een paar maanden werkt – door naar een onderarm op afstand. Dat gaat met behulp van een elektronische mouw vol vibratiemotors en drukpunten.

Denk even mee over de mogelijkheden die zo’n mouw biedt.

Een voetbalwedstrijd kijken met een vriend tweehonderd kilometer verderop gaat dan zo. Je zet het scherm aan, doet de mouw om en logt in op elkaar. De mouw meet huidgeleiding en hartslag. Sensoren in je lichaam leveren extra data: ademhaling, spierspanning, adrenalineniveaus. En zelf sla en klop en knijp je in een bijgeleverde knijpbal. Alle metingen gaan naar een server, die jouw emotie herkent en doorstuurt naar de mouw tweehonderd kilometer verderop.

En dan. De spits rent op het doel af. Het gejuich in het stadion zwelt aan. Je staat op van de bank. Je mouw knijpt samen. Ja! Ja!

Mis!

Jammer. Je zakt terug op de bank, de armband ontspant zich. Je loopt naar de keuken voor een biertje. Maar de mouw trilt weer. Terug naar het scherm!

Nuttig? Nee. Leuk? Vast wel. Sport beleven is meer dan met je ogen naar spelers kijken, zegt hoogleraar Dirk Heylen, die de vakgroep in Enschede leidt. Het is ook met je lichaam voelen wat de andere toeschouwers voelen. Net zoals je in het stadion op de golven van opwinding deint.

En denk even verder mee. Misschien log je straks niet meer in op je vriend, maar op je favoriete voetballer of Tourrenner, die met allerlei sensoren is uitgerust.

Dan wordt het echt spannend. Dan kun je in jouw elektronische beenstukken zijn verzuring voelen. Op jouw buik klemt zíjn hongerklop, op jouw borst bonkt zíjn hartslag.

Tegen betaling, uiteraard.

In 2048 beleef je sport thuis net zo intens als in het stadion. Misschien wel intenser, omdat thuis de ervaring op de kijker is toegesneden. Vijf speculaties over hoe dat eruit zal zien.

Beleef op maat

Niemand ziet straks meer dezelfde wedstrijd. De één bekijkt een voetbalfinale liever van bovenaf, de ander stuiterend vanuit de bal. De één volgt de Tour door de camera op de helm van de geletruidrager, de ander schakelt naar het oortje van de meesterknecht. En detecteert je tv dat je het saai begint te vinden? Dan zoomt hij zelf in en zet het geluid harder.

Nieuwe technieken wijzen in de richting van de op maat gesneden beleving. De nieuwste smartphone van Samsung kan met eyetracking al zien of je naar het scherm kijkt. Straks ziet hij ook hóe je kijkt. Mediabedrijf Technicolor werkt aan een registratiesysteem waarmee de kijker zelf kan kiezen met welke camera hij een replay van een doelpunt wil zien.

Die eigen beleving is niet iets voor het grote scherm waar je met anderen naar kijkt, zegt Roeland Stekelenburg. Het is iets voor je persoonlijke ‘tweede scherm’, het modewoord van het moment. De ex-chef nieuwe media van de NOS geeft nu leiding aan de afdeling innovatie van sportdataleverancier Infostrada Sports Group.

De afdeling maakte de tweede-scherm-app Sidekick voor het voetbalkanaal Eredivisie Live. Tijdens het kijken kunnen mensen met Sidekick op hun eigen telefoon of tablet statistieken opzoeken over de club en de spelers, heatmaps bekijken en feitjes over de wedstrijd lezen.

Voed de datahonger

Het tweede scherm op zichzelf is niks, het gaat erom wat er op te doen valt, zegt Stekelenburg. Kijkers willen data, denkt hij. Historische feiten, weetjes, records, spelstatistieken. En in toenemende mate zullen ze hun datahonger willen stillen met realtime biodata.

Dat kan, als spelers straks worden volgehangen met sensoren. Biosensoren op en in het lichaam houden de hartslag van de sporter bij, de liters bloed die worden rondgepompt, de hoeveelheid zuurstof die in het bloed wordt opgenomen, of de spiercellen die zuurstof wel gebruiken.

Die informatie is nuttig voor de sporter en de coach, maar ook voor de kijker. Die wil wel weten of zijn favoriete renner al aan het verzuren is. Stekelenburg: „Bij het EK had je eindeloze discussies over of het elftal fit was of niet. Dan wil je gewoon objectieve informatie. Wat is hun hartslag? Hoe snel herstellen ze zich na een sprintje?”

Nu is dat concurrentiegevoelige informatie: zal ik nu wel of niet inhalen? Maar, denkt Stekelenburg, dat zal de trend niet lang tegenhouden. De sport zal zich aanpassen aan het feit dat biodata vrij verkrijgbaar is.

Koop een profiel

Bij het langlaufen werd de trend om hartslag en zuurstofopname te meten al lang geleden ingezet, weet ex-langlaufer en uitgever van website Sportnext Gijsbregt Brouwer. Toen werden meters nog voor topsporters ontwikkeld. „Maar de techniek democratiseert. Nieuwe technologieën worden eerst voor amateurs gemaakt, want dat is een grotere markt.”

Amateurs kunnen straks voor weinig geld tests kopen die uitwijzen of hun lichaam geschikt is voor een bepaald type training, en of die training wel effect heeft gehad. Brouwer: „Dan weet je: hoe hard is je witte spiermassa toegenomen? Hoe verzuurd ben je?”

Amateurs zullen daardoor steeds beter presteren, denkt Brouwer, maar de verschillen met topsporters blijven. Dat moet ook, er moeten helden blijven om naar te kijken.

Die sportheld kan wel verdienen aan zijn met gadgets overladen fans, denkt Brouwer. Hij kan zijn biologisch profiel verkopen. Dan komen er Train als Sneijder- en Train als Gesink-programma’s op de markt. Dat gaat zo, fantaseert Brouwer: „Je doet wat tests om te kijken of jouw lichaam meer op Sneijder of op Gesink lijkt. Dan koop je het bijbehorende, op jouw lijf aangepaste trainingsprogramma en krijg je inzicht in de meetwaardes van jouw topsporter.” In de toekomst worden sporters nog meer als merk neergezet, denkt hij. „Het worden steeds meer idols.” 

Speel mee

Nu blijft het vergelijken van je eigen prestaties met die van je sportheld niet lang interessant. „Usain Bolt loopt twee keer zo hard”, zegt Brouwer. „Dat is niet lang leuk.”

Sport beleven wordt een spelletje, horen ze bij Infostrada vaak. Sport gamificeert. Maar ze zijn wel benieuwd welk soort spelletje dan.

Infostrada weet niet of games waarin de kijker virtueel deelneemt aan de Tour of de Spelen erg populair zullen worden. Het bedrijf denkt dat mensen het leuker vinden om tijdens een wedstrijd hun mening te geven en mee te beslissen. In de app Sidekick duikt daarom af en toe in de tijdlijn een vraag op: bent u het eens met deze wissel? Het zijn dat soort kleine spelletjes die Infostrada in 2048 overal denkt aan te treffen.

Als het aan Stekelenburg van Infostrada ligt, kan de uitslag van de vraag over de wissel trouwens rechtstreeks naar een bord in het stadion worden gestuurd. Kan de coach daar ook rekening mee houden. Stekelenburg: „Een club is toch van de fans?”

Terug naar af

Zonder fans geen sport. En daarom komt er een tegenbeweging, beweren sommigen. Die beweging is al in de Tour te zien. Het publiek raakt de maximaal opgepompte sporters, die hun lichaam volspuiten met pepmiddelen, een beetje beu. Sport gaat toch over bloed, zweet en tranen?

Sportcommentator Brouwer voorspelt de komst van ‘wilde’ wedstrijden, ergens achteraf, zonder poespas. En een Tour zoals die honderd jaar geleden werd gereden. „Met fietsen van twaalf kilo en zelf je banden plakken. En zonder doping.”

Een puur-natuurvariant van de Spelen, voorspelt ook futuroloog Marcel Bullinga. Als tegenhanger van de Spelen waarin elke sporter zoals ‘Blade Runner’ met bionische verbeteringen rondrent. De sporters die doping en bionische technieken afwijzen, kúnnen dan niet eens frauderen, want ingebouwde chips monitoren voortdurend wat er in hun lichaam gebeurt.

Het publiek in 2048 wil échtheid, authenticiteit, denken ze. Het wil kijken naar teams die ondanks hun dure training, hun superieure materialen, hun talent en hun excellente statistieken tóch verliezen.

En naar sporters die ondanks de uitputting, de tegenslag, een gebrekkig lichaam en beroerde training, tóch winnen. Op zoiets ongrijpbaars als mentale kracht.