Roemenië heeft het vertrouwen verloren

Roemenië en Bulgarije krijgen zware onvoldoendes van de Europese Commissie. Het gaat Brussel vooral om hervormingen van het justitiële apparaat en corruptie.

Redacteur Europa

Rotterdam. Zulke harde woorden hoor je zelden in Brussel. Roemenië is het vertrouwen kwijt van de rest van Europa, schrijft de Europese Commissie in een rapport. En over de soliditeit van de rechtsstaat in Bulgarije heeft de EU behoorlijke twijfels.

Zware onvoldoendes dus, in de twee rapporten die de Europese Commissie heeft gepubliceerd. Toen de twee landen in 2007 lid werden van de EU, waren er al twijfels. Maar bezwaren dat ze nog niet klaar waren voor toetreding, werden indertijd gebagatelliseerd door de Commissie. De voormalige Oostbloklanden moesten nauwer bij de rest van Europa worden getrokken, en Roemenië en Bulgarije verdienden een beloning omdat ze zich in de oorlogen op de Balkan in de jaren negentig neutraal tot pro-Westers hadden opgesteld.

Die toon is duidelijk veranderd. Vijf jaar terug heette het wat vaag dat er „meer werk” nodig was op het gebied van de rechtsstaat en de strijd tegen corruptie. Daarom werden de twee landen min of meer onder curatele gesteld, met ieder jaar een voortgangsrapportage.

Roemenië en Bulgarije hebben het als vernederend ervaren dat ze als tweederangs lidstaten werden behandeld. Ze hoopten dat dit jaar het Europese toezicht zou ophouden – en dat daarmee toetreding tot de Schengenzone voor het vrije verkeer van personen een stap dichterbij zou komen. Maar het tegendeel is het geval.

Vooral Roemenië moet het ontgelden. Wat daar gebeurt, zei eurocommissaris Reding (Justitie), „is in tegenspraak met alle rechtsstatelijke regels die we in de EU hebben”.

Dat is een verwijzing naar de manier waarop premier Ponta in Roemenië probeert president Basescu aan de kant te schuiven. Hij heeft ervoor gezorgd dat het parlement de president heeft geschorst en heeft de rechters van het Constitutionele Hof gedreigd met maatregelen toen ze bezwaar maakten – en heeft ook uitspraken van het Hof naast zich neer gelegd.

Volgende week zondag mogen de Roemeense kiezers in een referendum zeggen of de president echt weg moet. Ponta veranderde op het laatste moment de spelregels voor dat referendum, maar moest dat laten terugdraaien na een storm van kritiek uit Brussel.

„Roemenië heeft weliswaar de afgelopen jaren vooruitgang geboekt bij de hervorming van het justitiële apparaat”, zei eurocommissaris Reding tegen de Frankfurter Allgemeine Zeitung. „Maar nu is dat allemaal in één keer door een soort coup via een noodwet in één, twee weken van nul en gener waarde gemaakt.”

Ook over andere landen is Brussel bezorgd geweest – denk aan de mediavrijheid in Italië en de gevolgen van de belangenverstrengeling van mediamagnaat/politicus/ondernemer Silvio Berlusconi voor de democratie. Het verschil is dat de Commissie nu een dwangmiddel heeft. Verschillende EU-fondsen zijn afhankelijk van de uitkomst van de voortgangsrapportage.

Bij de presentatie van het rapport haalde Commissievoorzitter Barroso hard uit naar Roemenië. „De Europese Unie is gebaseerd op het respect voor de wet en democratische waarden”, zei hij. „De recente ontwikkelingen in Roemenië hebben ons vertrouwen geschokt.”

Het woord vertrouwen staat, in een Europese context, twee keer in het rapport over Roemenië. Er is vooruitgang geboekt in de strijd tegen corruptie en bestendiging van de rechtsstaat, maar er bestaat twijfel of dit allemaal wel blijvend is.

„Het vertrouwen van Roemeniës partners in de EU kan alleen worden teruggewonnen met bewijzen dat de wet boven partijbelangen staat, dat alle zijden volledig respect aan de dag leggen over rechterlijke uitspraken [...] en dat de hervormingen onomkeerbaar zijn”, schrijft de Commissie in haar rapport. De kritiek op Bulgarije is minder fel, maar ook bij dat land heeft de Commissie grote twijfel of de veranderingen die Brussel heeft afgedwongen, wel blijvend en onomkeerbaar zijn. In de structuur zijn wel veel veranderingen ten goede zichtbaar, schrijft de Commissie, maar nu het erop aan daar concrete invulling aan te geven en de nog steeds bestaande lacunes in wetgeving en organisatie op te vullen.

Nederland zou in deze zeer kritische rapporten een rechtvaardiging kunnen zien voor zijn verzet tegen toetreding van de twee landen tot de Schengenzone.

Nadrukkelijk stelt de Commissie dat zij niet de boeman speelt, maar doet wat de meeste Roemenen en Bulgaren volgens opiniepeilingen willen: erop aandringen dat hun politieke bestel in lijn wordt gebracht met de rest van Europa.