Gepassioneerd en omstreden

In alles hartstochtelijk: non, columnist en predikant

Emmy van Overeem. Ze ontroerde haar lezers of maakte hen kwaad.

In de jaren 70 was Emmy van Overeem een bekende en door menigeen bewonderde columnist van deze krant. Tegelijkertijd was ze ook uiterst omstreden en dreef schrijver/columnist Gerrit Komrij de spot met haar. Hij noemde haar „de Trol van Lourdes”, en dat werd vaak geciteerd.

Van Overeem schreef in een hoogst persoonlijke stijl over haar onderwerpen: vrouwenaangelegenheden, geloofsvragen en kwesties van leven en dood. Op de redactie van deze liberale krant vond menig redacteur haar een excentrieke, maar boeiende vogel en vooral ook een aardige collega.

Wat ze schreef, maakte bij veel lezers iets los. Mensen reageerden soms tot tranen toe geroerd. Anderen maakten zich heel kwaad over haar. Haar hartstochtelijke manier van schrijven was in die tijd heel ongewoon. En zeker omstreden.

Voordat zij journalist werd, was Emmy van Overeem (Den Haag, 1931) non bij de zusters Karmelietessen in Boxmeer. Zij hield het twaalf jaar in het klooster uit.

Toen ze de strengheid daarvan niet langer verdroeg, stapte zij eruit en werd journalist. Eerst bij het Eindhovens Dagblad, later bij de Nieuwe Rotterdamse Courant respectievelijk NRC Handelsblad (1968-1980).

Als beginneling schreef ze allerlei alledaagse nieuwsberichten en reportages. Maar haar hart ging uit naar artikelen waarin zij volkomen zichzelf kon zijn en waarin ze geen afstand tot welk onderwerp ook hoefde te bewaren. In alles was ze hartstochtelijk.

Toen er bij de krant in 1980 een conflict uitbrak over haar manier van schrijven, verhuisde zij naar Elseviers Magazine, waar zij nog eens tien roerige jaren beleefde. Ook daar ontstond onenigheid over haar persoonlijke stijl. Daarop gaf zij er de brui aan en trok zich terug op het Groningse platteland waar ze dominee werd van de vrijzinnig hervormde gemeente in Vlagtwedde. Later, alweer lang geleden, vertelde ze dat ze in het predikantschap de vervulling van haar leven had gevonden. „Hier is het elke zondag feest, hier zijn tenminste mensen die echt naar me willen luisteren en er niet steeds op uit zijn om me onderuit te halen.”

Van Overeem leefde ‘met de geest’, vanuit wat goddelijke inspiratie wordt genoemd. In geestelijke zin vond ze steeds weer iets nieuws uit en maakten zich steeds weer nieuwe inzichten van haar meester.

Tot voor kort trad zij op een bijna priesterlijke manier nog op als predikant in Vlagtwedde. Maar toen zij met preken moest stoppen, verschenen er opnieuw donkere wolken in haar bestaan. Emmy van Overeem overleed vorige week onverwacht op 81-jarige leeftijd in Winschoten.

Van Overeem in 1976: ‘Bij jezelf naar binnen kijken’

Dokters verdienen goud geld aan de onbekendheid van vrouwen met hun eigen lichaam. Als je er goed over nadenkt, is het krankjorem dat wij het gewoon vinden om eens in de zoveel tijd op een onderzoektafel te liggen, benen omhoog op koude ijzeren dingen, terwijl een dokter ons binnenste verkent. Hij wel.

Wij weten nooit hoe we er van binnen uitzien. Terwijl mannen dagelijks meermalen hun geslachtsdelen in de hand nemen en zien en dus attent kunnen zijn op eventuele ziekteverschijnselen, blijven de meeste vrouwen hun hele leven in het ongewisse omtrent de veranderingen die zich aan vagina en baarmoedermond voordoen gedurende de maandelijkse cyclus.

De gedachte alleen al dat je bij jezelf naar binnen zou kijken, jaagt veel vrouwen een blos naar het hoofd. Een aantal lezers leest al twee alinea’s met in walging afgewend hoofd en alleen uit nieuwsgierigheid verder. Stel je voor, wat gênant, bah, hoe halen die vrouwen het in heur hersens. Alles wat zich bevindt tussen knieën en ceintuur is van hout.

Met dit fragment begon de column ‘Bij jezelf naar binnen kijken’, die op 8 maart 1976 in NRC Handelsblad stond.