Gebed om elf uur, de wekker om zeven

Hoe combineren islamitische vrouwen hun fulltimebaan met de ramadan? „Ik ga doordeweeks niet ‘s avonds naar de moskee, anders ben ik de volgende dag niet scherp.”

Amsterdam. Sohaila El Ouahabi (32) staat komende maand elke nacht om drie uur op voor het ochtendgebed. Ze eet zeven dadels en drinkt wat koffie. Om zeven uur gaat de wekker. Ze woont in Amsterdam en werkt in Utrecht als gezinstherapeut. ’s Avonds laat mag ze pas weer eten en drinken. Vandaag begint de ramadan*.

Ruim 40 procent van de vrouwen met Turkse ouders, en 38 procent van de vrouwen met Marokkaanse ouders, werkt meer dan twaalf uur per week buitenshuis, blijkt uit cijfers van het CBS. Hoe combineren zij een fulltimebaan met alle ramadanrituelen? Vasten, bidden, ’s avonds laat naar de moskee, bezoek afleggen, bezoek ontvangen en dagelijks koken.

Het is pittig, zeggen drie werkende vrouwen die in Nederland zijn geboren of in elk geval opgegroeid. Ze slapen weinig en moeten lange dagen maken zonder eten of drinken. Maar vasten is ook heilzaam, zeggen ze. Ehtimaad Rais (33) uit Amsterdam, die als internetproducer in Hilversum werkt: „Vooral de eerste dag is zwaar, maar je lichaam went er snel aan. En je krijgt echt energie van het vasten. Heel gek.” Sterker, ze zeggen zich alle drie te verheugen op deze vastenmaand.

Het avondeten begint dit jaar om tien voor tien ’s avonds, wat heel laat is vergeleken met de ramadan in de winter. De vastenmaand verschuift elk jaar tien dagen, zodat moslims in dertig jaar alle seizoenen meekrijgen. Voordeel, zegt Rais, is dat ze na het werk uren heeft om te koken. Nadeel is dat het gebed in de moskee pas om elf uur ’s avonds begint. En de volgende ochtend moet ze weer werken.

El Ouahabi neemt de laatste tien dagen van de ramadan altijd vrij, zodat ze tot laat in de avond naar de moskee kan. „De eerste twintig dagen doe ik dat doordeweeks niet, anders ben ik niet scherp op mijn werk.”

Doorwerken én vasten lijkt zwaar, maar de ontbering geeft een kick, zegt de Tilburgse taalkundige Zakia Lamghari (30). „Tijdens ramadan leg je alle zintuigen stil. Je eet niet, hoort geen geroddel, ziet geen slechte dingen, zegt geen slechte dingen enzovoorts. En áls je honger hebt, mag je niet geïrriteerd worden. Het werkt zuiverend.” Het koken, zegt Lamghari, neemt minder tijd in beslag dan vroeger. „Mijn moeder was huisvrouw en had acht kinderen. Als we thuiskwamen, stond de tafel tijdens ramadan elke dag vol hapjes. Pannekoeken met gehakt, dadels, soep, zoetigheden. Ik maak zelf alleen harira, de traditionele soep. Mijn schoonmoeder woont hier in de buurt en zij kookt uitgebreider. We eten ook weleens bij haar.”

Moslims ‘breken’ de vast als het donker wordt met dadels en melk. Vervolgens eet Ehtimaad een zelfgemaakte smoothie. „Mijn moeder maakte vroeger allemaal heerlijke dingen voor de avond omdat ze het zielig vond dat wij de hele dag moesten vasten. ‘Ik maak álles wat je wilt’, zei ze dan. Maar op een goed moment hebben we besloten dat ramadan geen eetfestijn moet worden. Alleen wanneer er bezoek is. Een iftar (de maaltijd) hoort sober, gezond en verantwoord te zijn. Niet te zwaar.”

Marjo Buitelaar, hoofddocent ‘moderne islam’ aan de Rijksuniversiteit Groningen, interviewde veel moslima’s voor haar boek Islam en het dagelijks leven. (2011). Zij zegt: „De meeste werkende moslima’s vasten tijdens de ramadan. Maar door tijdgebrek worden de maaltijden aangepast. Waar hun moeders en grootmoeders olijfolie uit de boomgaard in het thuisland lieten overkomen, gaan zij naar de supermarkt om de hoek. Lekker eten staat ook voor hen centraal, maar zij ontlenen geen status aan een maaltijd.” Veel werkende moslima’s gaan tijdens de ramadan eerder naar huis of werken door tijdens de lunch zodat ze eerder weg kunnen, zegt Buitelaar. „Zij koken ’s avonds voor de volgende dag of vragen hun moeders mee te helpen. ”

Volgens Buitelaar ervaren werkende moslima’s de ramadan over het algemeen niet als religieuze verplichting, maar als een feest. „Zij zijn trots als zij ondanks hun drukke baan een maaltijd op tafel kunnen zetten. Ze vinden het opwindend.” Dus helemaal geen klachten? Nou ja, twee. „Sommige vrouwen vinden het jammer dat ze weinig tijd hebben om de Koran te lezen of te mediteren. Dat contemplatieve schiet er een beetje bij in.” Ook vinden moslima’s het moeilijk dat autochtone collega’s de ramadan verbijzonderen. „Jaar in jaar uit dezelfde vragen, dat gaat op den duur vervelen.” Ehtimaad Rais kan erover meepraten: „Ik krijg maar niet uitgelegd dat ik totaal niet aan eten denk tijdens het vasten.”

En de echtgenoten, helpen die een beetje mee in de keuken? Ja, zeggen Rais en Lamghari – als zij hulp nodig hebben. „Nee”, zegt Buitelaar. „Koken blijft een vrouwenaangelegenheid. In die zin verandert er weinig.”