Brief over stedenband

Die stedenbanden zijn wel degelijk kostenefficiënt

De terechte kritiek van wethouder Joost Eerdmans van Capelle aan den IJssel op verkwisting van rondreizende politici (Opinie, 19 juli) dreigt een verkeerd doel te treffen. De meeste buitenlandreizen van gemeentelijke beleidsfunctionarissen betreffen excursies naar technisch en economisch relevante oorden. Zo ging een delegatie vanuit de regio Leiden naar Karlsruhe om de kunst af te kijken van een sneltram door de binnenstad, die in de sleutelstad overigens niet doorging.

Stedenbanden hebben een algemeen politiek doel – wederzijds begrip en vriendschap – en een sociale en culturele dimensie. Zo is de door Eerdmans aangestipte Poolse zusterstad van Leiden de geboortestad van astronoom Nicolaas Copernicus. De binnenstad van Torun staat op de Werelderfgoedlijst. Volgend jaar bestaat de officiële gemeentelijke stedenband tussen Leiden en Torun een kwart eeuw. In deze tijd zijn aan beide zijden honderden belangstellenden grotendeels op eigen kosten naar de zusterstad gereisd. Talrijke koren, sport- en jongerengroepen namen kennis van elkaars cultuur en gewoonten, voor een jaarlijkse subsidie aan Leidse zijde van rond de vijfduizend euro, en nu nog maar 2.500.

Allerwegen wordt de rol van soft power in het buitenlandbeleid erkend. Het onderhouden van gemeentelijke vriendschapsbanden is een buitengewoon doelmatig en kostenefficiënt middel. En over die geleende fiets gesproken: in het verleden gingen er Leidse gemeenteambtenaren op de racefiets naar Torun – 1.250 kilometer.

Vrijwilliger en bestuurslid van de Stichting Stedenband Leiden-Torun