Grote vakantie

Toen ik in de zesde klas van de lagere school zat, werd dat ineens groep acht van de basisschool. Ik was twaalf en wist: in deze nieuwerwetsigheid ga ik niet mee. Lang heb ik gedacht dat de term ‘basisschool’ nooit zou aanslaan omdat het zo lullig klinkt, zo ‘even terug naar je basis’. Maar nee: kinderen van nu kijken je raar aan als je het over de lagere school hebt. En ze hebben het ook heel on-ironisch over de ‘groep’ waar ze in zitten, alsof het om een jaren-zeventig-therapie gaat. Soms hoor ik mensen van mijn leeftijd die nog steeds weigerachtig doen over het woord basisschool; zij weten nog niet dat dit een verloren strijd is.

Vroeger hadden we het ook over de grote vakantie. Dat werd de zomervakantie. Dat is jammer. Zomer is het toch wel, terwijl uit ‘grote’ een soort ontzag spreekt. Net als bij ‘grote smurf’, bijvoorbeeld.

En dat past, want Nederlanders hebben veel ontzag voor hun vakantie. „Lekker weer helemaal opladen!” hoor je weleens. Dat is calvinistisch gedacht – je mag alleen ‘niets’ doen als dat tot doel heeft later weer beter te functioneren. „De batterij is leeg” hoort in dezelfde categorie thuis.

Er zijn ook mensen die zichzelf niet als efficiënte machine zien, maar meer als een patiënt. Deze mensen zeggen dingen als: „Pas na een week vakantie is mijn hoofd weer leeg” en „Ik mag van mezelf maar een keer per dag mijn e-mail checken, anders ben ik nóg niet echt weg.”

En dan zijn er nog de mensen die elke vakantie als een spirituele reis zien. Die zeggen bij terugkomst: „Ik ben wel terug, maar ik moet nog landen.” En: „Ik heb de afgelopen tijd weer héél veel over mezelf geleerd!”

Ooit was ik in Club Med (op reportage! Moet ik hier van mezelf bij zeggen). Ik sprak daar een vrouw die lekker twee weken niets aan het doen was. Tegen haar vrienden thuis had ze gezegd dat ze aan het backpacken was in Mexico. Dat zij in plaats daarvan niets aan het doen was, werd door haar vrienden niet geaccepteerd, vermoedde zij. Wat ook kon, was dat ze het zelf niet accepteerde.

Vanaf volgende week is Paulien zes weken met vakantie.