Het is altijd , zo uit de hoogte bonjour

Het kiesdistrict Brussel-Halle-Vilvoorde is opgesplitst, maar de taalstrijd woedt voort. „Verderop kan er geen woordje Nederlands van af.”

Linkebeek. Vlaamse en Franstalige politici in België hopen zichzelf na een halve eeuw te hebben verlost van een hoofdpijndossier: het kiesdistrict Brussel-Halle-Vilvoorde*. Het Vlaamse gebied Halle-Vilvoorde wordt afgesplitst van het hoofdzakelijk Franstalige Brussel. Ondertussen woedt de taalstrijd voort.

Zoals in Linkebeek. Op het Gemeenteplein prijst kinderkledingzaak Bébé Antoine zijn producten aan in het Nederlands en in het Frans. De Franse woorden zijn beklad met zwarte spuitverf. Op het tweetalige straatnaambordje op het pand ernaast zit de Franse naam Place Communale onder een laag verf.

In het officieel Vlaamse dorp, aan de zuidgrens van Brussel, is zo’n 85 procent van de 4.900 inwoners Franstalig. Linkebeek is binnen Vlaanderen een zogenaamde ‘faciliteitengemeente’, waar Franstaligen meer rechten hebben dan elders in de rand rondom Brussel. In het gemeentehuis, tegenover Bébé Antoine, kunnen burgers in het Nederlands en in het Frans terecht.

Maar in Vlaanderen is alleen het Nederlands de taal, vinden de activisten van het Taal Aktie Komittee (TAK), een radicale Vlaamse groep. Zij bekladden vorige week maandag de borden op het Gemeenteplein en blokkeerden enige tijd het gemeentehuis, uit protest tegen het BHV-akkoord. Tot woede van het TAK blijven de speciale rechten van Franstaligen in Linkebeek en vijf andere Vlaamse gemeenten bestaan.

Aan de balie Burgerzaken in het gemeentehuis vormt de tweetaligheid geen probleem. De Nederlandstalige baliemedewerkers wisselen moeiteloos tussen beide talen. Maar één kamer verder bepaalt de taalstrijd de sfeer. Het is de kamer van waarnemend burgemeester van Linkebeek Damien Thiéry. Hij is, anders dan de sjerpen die op zijn kapstok hangen doen vermoeden, niet officieel benoemd als burgemeester.

De Vlaamse regering weigert de Franstalige Thiéry, die in 2006 door bijna tweederde van de Linkebeekenaars werd verkozen, te installeren. Zijn fout: hij stuurde informatie over de verkiezingen aan Franstalige kiezers in het Frans, en niet in het Nederlands, zoals Vlaanderen voorschrijft. „Er is nu weliswaar een akkoord, maar de problemen hier zijn absoluut niet opgelost”, zegt Thiéry.

De Linkebeekenaar is lokaal leider van de FDF, een partij die opkomt voor Franstaligen in en rondom Brussel. Thiéry spreekt goed Nederlands. „Russische roulette” noemt hij het compromis in het BHV-akkoord over de burgemeestersbenoemingen. De tweetalige kamer van de Belgische Raad van State krijgt het laatste woord. Maar per zaak is verschillend of de voorzitter van de Raad van State Nederlandstalig of Franstalig is. Thiéry denkt dat alleen een Franstalige voorzitter hem zal steunen. „Ik zal het nooit weten”, zegt hij. Hij ziet de burgemeestersverkiezingen van oktober, die hij weer hoopt te winnen, als een „test”.

De Gentse politicoloog Carl Devos ziet de spanningen in de Brusselse rand voortbestaan. „De splitsing wordt gebetonneerd in wetten. Maar het probleem aan de basis verandert niet: de verfransing van de Brusselse rand. Net als veel Europese steden dijt Brussel uit: de groene ruimte verdwijnt; de huizenprijzen gaan omhoog. En in België komt daar de taalkwestie bij.”

„De taalgemeenschappen leven naast elkaar”, zegt Vlaming Willy Berghmans, een gepensioneerd schilder die aan de rand van het dorp woont. In zijn eigen straat wonen steeds minder Vlamingen. Bij de „Italianen” van een paar huizen verderop – Franstaligen van Italiaanse oorsprong – „kan er geen woordje Nederlands af”, zegt Berghmans. „Het is altijd ‘bonjour’, zo uit de hoogte”. „Linkebeek is mijn gemeente, maar ik voel me hier niet meer thuis”. En het BHV-akkoord maakt alles nog erger. „In Halle komen nu Franstalige rechters. Stelt u zich voor, dat er in Nederland Duitse rechters beslissen.”