Ouderenzorg is juist goedkoper

De vraag of een dwarslaesiepatiënt van zorg uit zijn eigen ‘netwerk’ gebruik kan maken, is niet economisch, maar moreel, vindt Jacob Zuurmond. Berg en Canoy berekenen de kosten verkeerd. Duitse ouderen liggen vaker in het ziekenhuis, stelt Marijke van der Vaart.

Het is te betwijfelen of Duitsland drie keer minder aan ouderenzorg betaalt dan Nederland, zoals Marc Berg en Marcel Canoy stellen (Opinie, 9 juli).

Mensen belanden in Nederland niet onnodig in instellingen. De stelling dat een 65+’er in Nederland twee maal zo snel als in Duitsland in een inrichting belandt, zou ik graag onderbouwd zien met cijfers.

Duitsland telt 1 verpleeghuisbed op 100 inwoners, Nederland 1 op 270. Er zijn geen wachtlijsten. De gemiddelde ligduur in een verpleeghuis in Duitsland is drie tot vier jaar, in Nederland twee jaar.

In Nederland hebben we een unieke situatie. Specialisten ouderengeneeskunde, de vroegere verpleeghuisartsen, verlenen 24-uurs medische zorg. Doordat de AWBZ al sinds 1968 functioneert, hebben we een enorme expertise opgebouwd in de medische en multidisciplinaire verpleeghuiszorg. Dit leidt tot een enorme reductie van de ziekenhuisopnamen van verpleeghuispatiënten in vergelijking met de ons omringende landen. De hogere kosten van onze verpleeghuiszorg worden beperkt door de besparing op onnodige ziekenhuisopnames.

In Duitsland houdt de patiënt zijn eigen huisarts, ook in het verpleeghuis. Huisartsen krijgen hiervoor één tot twee visites per kwartaal vergoed. Juist als de patiënt zijn arts het meest nodig heeft, ziet hij zijn arts slechts vier- tot achtmaal per jaar, waar de gemiddelde Duitser zijn arts wel negentien maal per jaar ziet.

De eerstelijnsgezondheidszorg is in Duitsland slecht ontwikkeld. Hierdoor worden ouderen, die bij ons poliklinische hulp ontvangen van huisarts, thuiszorg, of specialist, in Duitsland vaak opgenomen in het ziekenhuis. Duitsland heeft één ziekenhuisbed op 150 inwoners, met een gemiddelde ligduur van zeven tot acht dagen. Ouderen blijven vaak veel langer. Nederland heeft slechts één ziekenhuisbed op 300 inwoners.

Verpleeghuispatiënten in Duitsland worden diverse malen per jaar opgenomen in het ziekenhuis, omdat de huisarts niet bereikbaar is, of niet deskundig op geriatrisch gebied. Van de huisartsen die de ruim tweehonderd verpleeghuizen in Berlijn bedienen, is slechts 5 procent geriatrisch geschoold.

Verpleeghuispatiënten sterven vaak in het ziekenhuis, omdat de verpleeghuizen geen palliatieve zorg bieden. Alle ziekenhuiskosten zijn voor de ziektekostenverzekeraar (Krankenkassen). Het verblijf in het verpleeghuis is voor de verpleegkostenverzekeraar (Pflegekassen). Wat in Nederland onder de AWBZ valt, gaat in Duitsland naar de gewone zorgverzekering. De conclusies van Berg en Canoy zijn ongefundeerd.

Marijke van der Vaart-Bakker is specialist ouderengeneeskunde en was de afgelopen vier jaar werkzaam in verpleeghuizen in Duitsland.