Ik heb nog invloed op de formatie

Secretaris-generaal Ton Annink van het ministerie van Defensie verhuist naar Sociale Zaken. Maar zijn rol is nog niet uitgespeeld bij de krijgsmacht. „Achter de schermen heb ik invloed.”

Het gaat slecht met het ministerie van Defensie. De moeilijkste fase van de bezuiniging van 1 miljard euro, het verdwijnen van 12.000 banen, is aanstaande en er dreigt na de komende verkiezingen nog meer gesneden te worden. Geen prettig moment voor het departement om zijn hoogste ambtenaar te verliezen. Secretaris-generaal Ton Annink (59) stapt over naar het ministerie van Sociale Zaken. Het is zijn zesde ministerie.

Verlaat u het zinkende schip?

„Absoluut niet. Daarom ga ik ook pas in oktober, als ik de reorganisatie in de volgende fase heb gebracht. Het zal mij niet gebeuren dat de controle me nu uit mijn vingers glipt.”

Waarom gaat u dan toch, midden in de reorganisatie?

„Dit is in negen jaar al mijn tweede heftige bezuinigingsronde en er komt misschien meer aan. Ik ben 59 en wilde graag nog secretaris-generaal worden op een ander departement. Het hilarische is dat hoe succesvoller Sociale Zaken is in het verhogen van de pensioenleeftijd, hoe meer ik mijn eigen werktijd verleng. Daarnaast denk ik hier nog invloed uit te kunnen oefenen op de kabinetsformatie.”

Pardon, bedrijft u politiek, door een glossy te maken bijvoorbeeld, zoals Landbouw deed voor Gerda Verburg?

„Ambtenaren ondersteunen de minister niet alleen als bewindspersoon, maar ook als politicus die voorbereidingen kan treffen en een rol kan spelen in de formatie. Wij maken hier analyses van mogelijk defensiebeleid die de minister kan gebruiken in gesprekken met mensen die bij de formatie betrokken zijn. Het is niet zo dat ik op een partijbijeenkomst folders sta uit te delen.”

Dat zou een bijzonder CDA-congres zijn, want u bent lid van de PvdA. Ooit een politieke carrière geambieerd?

„Nee, dank je. Ik sta liever in de coulissen dan op het podium.”

Juist uw partij wil nog een miljard weghalen bij defensie, waar probeert u politici van te doordringen?

„Dat het ongelofelijk belangrijk is dat we in Nederland de fase van het boekhouden achter ons laten en meer nadenken over de prioriteiten. Hoe valt bijvoorbeeld te rijmen dat we veiligheid uiterst belangrijk vinden en daarom de politie uitbreiden, maar tegelijkertijd het leger verkleinen? Met mijn netwerk kan ik daar aandacht voor trekken en achter de schermen invloed uitoefenen.

„Ik zie het ook als de klassieke rol van de topambtenaar om de minister te confronteren met de gevolgen van politieke keuzes.”

Vorig jaar bracht u uw minister in een moeilijke positie door informatie achter te houden over misstanden. U had Hillen moeten informeren over diefstal en intimidatie bij een ICT-onderdeel in Den Helder.

„Ik neem hier tientallen besluiten per dag. Ik heb een feilloos geheugen voor belangrijke zaken, maar de onbelangrijke kan ik snel uit mijn hersenpan laten wegglijden. Mij is ooit gevraagd om een machtiging te tekenen om de baas van de Defensie Materieel Organisatie toestemming te geven om een dossier zelf af te handelen. Dat was zo’n papiertje”, hij houdt zijn duim en wijsvinger twee centimeter uit elkaar. „Ik was dat vergeten, dat kan gebeuren.”

De minister kwam onder vuur en er werd geroepen om uw hoofd. Hebt u gevreesd voor uw carrière?

„Dat is het risico van het vak. Als je daar niet tegen kunt, moet je maar groenteboer op Schiermonnikoog worden. Ik heb er in ieder geval geen moment minder om geslapen.”

Wat laat u achter bij Defensie?

„Ik heb de minister beloofd dat we de bezuiniging die ons nu is opgelegd gaan waarmaken. Dat is bij eerdere bezuinigingen niet gelukt. Daar heb ik van geleerd en daarom heb ik strakker gestuurd. Maar ik heb ook gezegd dat als er een nieuwe ronde komt, ik die garantie intrek. Dan kan ik niet meer beloven dat we het onder controle hebben.”

Waar heeft u dan geen controle over?

„Politiek is vluchtiger geworden, we hebben geen kabinet meer dat de vier jaar volmaakt. Politici voelen de druk om in nog kortere tijd hun stempel te drukken en stapelen bezuiniging op bezuiniging. Defensie heeft een enorm incasseringsvermogen en we kunnen veel van mensen vragen, maar het houdt een keer op. Ik weet bijvoorbeeld niet of het ons lukt om nog gekwalificeerde mensen binnen te halen als die alleen maar zien en horen dat de organisatie mensen ontslaat. Bij reorganisaties vertrekken de geschikte mensen die een alternatief hebben. Dat mag, tot op zekere hoogte, maar je moet wel hun opvolgers klaar hebben staan.”