Afrika hoeft van haar geen coulance te verwachten

Het Internationaal Strafhof bestaat tien jaar. Er is veel kritiek. Zo werd er tot nu toe maar één veroordeling uitgesproken en is er frustratie over de ‘selectieve’ vervolging.

Redacteur Afrika

Syrië, mei 2012. Tijdens een demonstratie dragen activisten spandoeken met de tekst: ‘Assad naar Den Haag’. Ze willen dat hun president wordt berecht door het Internationaal Strafhof. Volgens mensenrechtenorganisaties maakt het Syrische regime zich schuldig aan oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid.

Maar tegen Assad kan het Strafhof geen arrestatiebevel uitvaardigen. Syrië behoort niet tot de 121 landen die het Statuut van Rome, waarin de jurisdictie van het Strafhof is vastgelegd, hebben geratificeerd. Dat betekent dat alleen de VN-Veiligheidsraad het Strafhof kan verzoeken om een arrestatiebevel. En dat zal in dit geval niet snel gebeuren, omdat Rusland ertegen is en een veto heeft in de Veiligheidsraad. Het versterkt de kritiek op het Strafhof dat het zich laat gebruiken als een politiek instrument. Waarom werd de Libische leider Gaddafi wel snel aangeklaagd, en Assad niet?

Congo, juli 2012. Het Strafhof heeft in zijn tienjarige bestaan één verdachte veroordeeld: de Congolese krijgsheer Thomas Lubanga kreeg vorige week, na drie jaar procederen, veertien jaar cel wegens het rekruteren en inzetten van kindsoldaten. Lubanga’s voormalige rechterhand, generaal Bosco Ntaganda, ook gezocht door het Strafhof, deserteerde onlangs uit het Congolese regeringsleger, onrustig geworden door Lubanga’s veroordeling. Nu dreigt Ntaganda met zijn nieuwe rebellenleger de Oost-Congolese stad Goma in te nemen. De VN hebben extra blauwhelmen gestuurd om de stad te beschermen. Het Strafhof zorgt voor gerechtigheid, maar helpt het ook de vrede?

Ethiopië, afgelopen weekeinde. In de hoofdstad Addis Abeba waren de staatshoofden en regeringsleiders van de landen van de Afrikaanse Unie bijeen. Onder hen heerst zo veel frustratie over het Strafhof dat onlangs is geopperd een apart Afrikaans strafhof op te richten. Afrikaanse landen zien het Strafhof in Den Haag als „instrument van westers imperialisme” omdat alle verdachten tot nu toe Afrikanen zijn, van de Oegandese krijgsheer Joseph Kony tot de Soedanese president Omar al-Bashir.

Het Internationaal Strafhof bestaat deze maand tien jaar, en het is volop in het nieuws. Er is veel kritiek, vooral op de juridische kwaliteit van de aanklachten en de trage voortgang van processen. Het Strafhof is zeven strafrechtelijke onderzoeken begonnen en heeft twintig arrestatiebevelen uitgevaardigd. Tot nu toe zijn slechts zes verdachten opgepakt en drie rechtszaken van start gegaan. Lubanga is de enige veroordeling die het Strafhof heeft uitgesproken.

Maar het Strafhof spreekt ook tot de verbeelding. De spandoeken in Syrië laten zien dat het aanzien van ‘Den Haag’ is gegroeid. Dat bleek ook toen een Amerikaanse burger op eigen initiatief een film op YouTube verspreidde om Kony op te sporen en voor het Strafhof te brengen.

Discussie is er altijd geweest, sinds het Strafhof op 1 juli 2002 werd opgericht. Door tijdelijke internationale hoven als het Joegoslaviëtribunaal was de behoefte ontstaan aan een permanent internationaal tribunaal voor oorlogsmisdaden. Maar er was twijfel of het wel genoeg werk zou hebben. Grootmachten als China, Rusland en de Verenigde Staten ratificeerden het Statuut van Rome niet. De Amerikaanse president Bush tekende zelfs een wet die militair ingrijpen autoriseert om eventuele Amerikaanse gevangenen in Scheveningen te bevrijden.

De VS zijn inmiddels bijgedraaid. Nog steeds is Amerika niet aangesloten, maar nu vragen de VS als het zo uitkomt zelf – via de VN-Veiligheidsraad – om vervolging van verdachten via het Strafhof – zoals in Libië.