Een kleine oppepper voor geplaagde Nederlandse ploeg

Rabobank heeft in deze Tour veel tegenslag. Maar gisteren won Luis León Sánchez de etappe naar Foix en gaf de ploeg een oppepper.

Dat intense gebaar met de rechtervuist op 500 meter voor de finish, omkijkend naar de auto van zijn ploeg Rabobank. Verbeten trekken om de mond. Reken maar dat de Spaanse renner Luis León Sánchez gisteren begreep wat zijn ritwinst in de veertiende Touretappe betekende voor de ploeg. „Luis León spreekt geen Nederlands maar dat heeft hij wel meegekregen”, glunderde ploegleider Nico Verhoeven, die zijn kopman bij het gebaar recht in de ogen keek vanuit de auto.

Met nog slechts vier man in koers, de jonge kopmannen Robert Gesink en Bauke Mollema gehavend naar huis, bakken met kritiek. Natuurlijk won Sanchez na een schitterende solo van 11,5 kilometer voor zichzelf. Maar hij won ook voor zijn ploeg. En zoog in de laatste meters op zijn duim, priemde twee vingers in de lucht, maakte een kruisteken en spreidde op de streep in Foix zijn armen zo wijd, dat niemand de sponsornaam op zijn shirt over het hoofd kon zien. „Ik ben happy bij Rabobank”, zei hij na afloop.

’s Ochtends in de bus naar de start was er nog strijd geweest tussen de vier Raborenners. Bram Tankink en Steven Kruijswijk wilden André Hazes, Sánchez en Laurens ten Dam hadden liever Spaanstalige muziek. Ploegleider Frans Maassen gaf de doorslag. En zo reed chauffeur Piet de Vos met een luid Bloed, zweet en tranen van André Hazes de startplaats Limoux binnen. Sánchez kon er wel om lachen, zoals hij in mei ook grijnzend naast de ploegauto reed waaruit de favoriete Duitse metalband van Gesink (Rammstein) schalde.

„Luis León is in zijn tweede jaar helemaal geacclimatiseerd binnen onze ploeg”, vertelde trainer Louis Delahaye in de Sierra Nevada. Op de keuze van de muziek na, was de rest van de dag voor de Spaanse uitblinker. „Deze rit hadden we van tevoren aangekruist”, zei Verhoeven gisteren. Met Sánchez als centrale man. Als rittenkaper heeft hij zijn sporen ruimschoots verdiend. „Op dat terrein is hij de beste van het peloton”, stelde ploegleider Adri van Houwelingen aan de finish. Met drie eerdere ritzeges in vorige Tours als bewijs.

Ook in deze editie toonde Sánchez al twee keer een neus voor de juiste ontsnapping, ondanks een val in de eerste rit waarbij hij beide polsen kneusde en een week lang was veroordeeld tot de staart van het peloton. Zaterdag ging het nog net mis, omdat Bradley Wiggins in de laatste kilometer het peloton terugbracht. Sánchez slikte zijn aanvankelijke boosheid op de geletruidrager ’s avonds in, bood via twitter zijn excuses aan. En ging een dag later gewoon weer vol in de aanval, in een sterke kopgroep met ook zijn jonge ploeggenoot Kruijswijk. De debutant kwam een dag eerder gedesillusioneerd binnen op grote achterstand. Toch koos hij weer de aanval. „Stevie heeft grote veerkracht getoond”, loofde Verhoeven.

En de 28-jarige grootmeester Sánchez deed nog één keer voor hoe je een Tourrit wint. Mee in de juiste groep, Kruijswijk hard laten werken op de cols. Dan zelf het tempo overnemen, niet in paniek raken als Peter Sagan zich in de afdaling gooit. Een Tourrit wordt tegenwoordig uitsluitend nog gewonnen door kampioenen die strijden op de limiet. Dus rustig de tijd nemen om met Philippe Gilbert terug te komen bij de voorste drie. Op 11,5 kilometer, een knikje in het parcours van afdaling naar klimmetje, was het moment om de sprinters Sagan en Gilbert af te schudden. „Ze zaten een beetje te klooien met de laatste bevoorrading”, vertelde Verhoeven. „Luis León zag dat en was weg. Fingerspitzengefühl, kwestie van ervaring.” Diep zittend dook Sánchez onder de wind door. En op de streep bedroeg zijn voorsprong op een groep van vier liefst 47 tellen.

Zie de uitgeputte Sagan (tweede) en Gilbert (vierde) door hun verzorgers in de finishsstraat naar de ploegbussen worden geduwd. Even later stapt een lachende Sánchez de kluwen van camera’s en microfoons in. De winnaar voelt geen pijn. Ritwinst, twee van de vier overgebleven renners mee in de ontsnapping, ja zelfs winst in het dagploegenklassement. Alles straalt wat Rabo is. „We hebben vanavond allemaal onze eigen fles champagne”, grapt Kruijswijk, die tiende wordt. „Ik ben zo blij dat het gelukt is.”

Een Spanjaard die voor Nederlands succes zorgt? „Wij worden beoordeeld op successen van onze Nederlanders”, zegt Van Houwelingen. „Maar de vier overgebleven renners doen het goed. De jongens die nu thuis zitten kennen de oorzaak: de valpartijen. Ze weten dat ze anders ook hadden kunnen presteren.”

Sánchez loofde technisch directeur Erik Breukink. „Hij gaf me veel vertrouwen.” Gisteren betaalde Sánchez terug. Met bloed, zweet en tranen.