Meegapen met chimpman

Als een mannelijke chimpansee gaapt, gapen de andere mannetjes mee. Ook met vrouwtjes wordt meegegaapt, maar minder. Dat ontdekten Jorg Massen, Dorith Vermunt en Liesbeth Sterck in de chimpanseekolonie van Burgers’ Zoo in Arnhem (PLoS One, 11 juli).

Chimps gapen met elkaar mee, net als mensen. Sommige andere apensoorten doen het ook, en van honden is gezien dat ze met hun bazen meegapen – al wordt dat door andere onderzoekers betwist.

Dat aanstekelijke gegaap heeft vast een sociale functie. Mensen die van nature medelevend zijn, gapen meer mee dan anderen. En bij chimps vond Frans de Waal vorig jaar dat ze meer worden aangestoken door het gegaap van groepsgenoten dan door vreemde apen.

Maar daarmee is het uiteindelijke doel van meegapen, bij mens of dier, nog niet bekend. Eén hypothese is dat het meegapen groepsactiviteiten synchroniseert. Gapen is dan een signaal: nu rusten we.

De vondst van de Utrechtse primatologen past in die theorie. In een experiment keken de chimps naar video’s van gapende groepsgenoten; de drie mannetjes van de groep gaapten daarbij altijd met elkaar mee. De elf vrouwtjes deden dat ruwweg bij één op de vier gapen (van mannetjes en vrouwtjes). Bij chimps zijn mannetjes het fundament van de groep, en dus zijn zij het belangrijkst voor groepsdynamiek. Een goede band tussen twee apen had op meegapen echter geen invloed – tot verrassing van de onderzoekers. Hester van Santen