Sport blijft voor mannen in Saoedi-Arabië

Twee Saoedische vrouwen doen mee aan de Olympische Spelen. Dat is uniek. Maar voor de vrouwensport in Saoedi-Arabië betekent het niets.

Onder zware internationale druk en met duidelijke tegenzin is Saoedi-Arabië er uiteindelijk toch mee akkoord gegaan voor het eerst vrouwen af te vaardigen naar de Olympische Spelen die eind deze maand in Londen beginnen. Het is een doorbraak – volgens de BBC hebben de koning, de kroonprins, de minister van Buitenlandse Zaken en de belangrijkste geestelijken zich over de kwestie gebogen, zo gevoelig lag de zaak. Maar tegelijk betekent het niets voor vrouwen en meisjes in Saoedi-Arabië.

Sport – dat is voor mannen. Vrouwen sporten niet en dat blijft voor de afzienbare toekomst zo.

De tegenzin blijkt wel uit het feit dat na een aanvankelijke principe-toezegging, drie weken geleden, twee weken later het bericht kwam dat vrouwen zich niet hadden gekwalificeerd voor deelneming. Gisteren meldde het Internationaal Olympisch Comité dat Saoedi-Arabië alsnog overstag is gegaan. De Saoedische media hebben tot dusverre het stilzwijgen bewaard over dit nieuws.

De twee vrouwen die onder Saoedische vlag mogen meedoen zijn de judoka Wejdan Shahrkani en de 800-meter loopster Sarah Attar. Beiden leven buiten het koninkrijk. Dat kan ook niet anders. Saoedi-Arabië, dat op haast alle gebied een rigoureuze scheiding tussen mannen en vrouwen handhaaft en waar vrouwen niet eens mogen auto rijden, kent nauwelijks sportfaciliteiten voor vrouwen.

De openbare meisjesscholen hebben geen sportvelden of gymnastiekzalen; de leerlingen krijgen geen gymnastiekles. Sommige particuliere meisjesscholen bieden tegenwoordig wel mogelijkheden voor sport. Maar sport voor vrouwen blijft problematisch, ook in de conservatieve maatschappij.

De mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch citeerde eerder dit jaar in een rapport een vrouwelijke docent aan een vrouwenuniversiteit die vertelde dat de vrouwelijke rector vier jaar geleden de mogelijkheid had geschapen voor basketbal en tafeltennis. Maar de sporthal werd niet gebruikt en de rector was sindsdien weggesaneerd omdat ze „te progressief” was.

Hoe de twee vrouwen gaan meedoen is nog niet duidelijk. Begin deze maand eiste de hoogste chef van de Saoedische sport, prins Nawaf bin Faisal, dat ze een islamitisch tenue zouden dragen, dat ze begeleid zouden worden door een naaste verwant – zoals voorgeschreven voor elke Saoedische vrouw als ze reist – en dat tijdens hun wedstrijden een strikte scheiding van de seksen zou worden gehandhaafd.

Wat het islamitisch tenue betekent blijkt uit foto’s van 800-meter loopster Sarah Attar, die een Amerikaanse moeder heeft en altijd in de Verenigde Staten heeft geleefd, voor en na de bekendmaking van haar deelname. Eerst is ze te zien (via saudijeans.org) in een kort broekje en met blote armen. Maar in een video op de website van het IOC, onder de kop ‘Historische stap voor gelijkheid van de geslachten’, draagt ze op de baan een wijde zwarte broek, grijze trui met lange mouwen en een grijze hoofddoek. Maar strikte scheiding tussen man en vrouw tijdens de wedstrijden wordt vast een lastige zaak.

De meeste islamitische landen hebben niet zoveel problemen met sportende vrouwen, mits in het openbaar gehoofddoekt. Iran heeft jarenlang islamitische vrouwenspelen georganiseerd.