NS ziet niets in plan Schultz voor decentralisatie spoor

Foto Hollandse Hoogte / Peter Hilz

De NS is niet te spreken over het plan van minister Schultz van Haegen van Infrastructuur om op bepaalde trajecten stoptreinen van concurrenten te laten rijden. Volgens de NS levert deze vorm van decentralisatie niets op voor de reiziger en kost het de belastingbetaler alleen maar geld.

Schultz maakte gisteravond bekend het advies van een onafhankelijke commissie onder leiding van oud-senator Eric Janse de Jonge (CDA) over te nemen. Uit dat advies blijkt dat vier lijnen regionaal kunnen worden aanbesteed. Vervoerders als Arriva en Veolia zouden ook kans moeten maken op de trajecten Zwolle - Groningen, Zwolle - Enschede, Maastricht Randwyck - Roermond en Sittard - Heerlen.

Decentralisatie: problemen met overstappen en verschillende tarieven

De commissie zag wel nog een aantal beren op de weg. Zo blijkt de verdere decentralisatie niet in alle gevallen goedkoper of beter voor de reiziger. Ook zien lokale bestuurders nog knelpunten, onder meer bij de voorgenomen timing van de decentralisatie. Daarnaast zijn er problemen met overstappende reizigers van de ene naar de andere vervoerder.

De NS heeft zelf een onafhankelijk onderzoek laten uitvoeren naar de decentralisatieplannen en formuleert ongeveer dezelfde bezwaren. De vervoerder vreest voor verschillende tarieven, extra kosten bij het overstappen en een minder goed aansluitende dienstregeling, zo meldt de NOS vanochtend.

SP en GroenLinks vinden decentralisatie overbodig

Minister Schultz gunde de NS vorig jaar de concessie om gebruik te maken van het hoofdnet, maar wel op voorwaarde dat een aantal regionale lijnen zouden worden aanbesteed. De plannen voor twee andere lijnen, Eindhoven - Weert en Apeldoorn - Enschede, worden later opnieuw bekeken.

SP en GroenLinks zien in het rapport van Janse de Jonge bevestiging voor hun standpunt dat decentralisatie overbodig is. SP’er Farshad Bashir noemt het een “duur speeltje van neo-liberale politici”. GroenLinks-Kamerlid Ineke van Gent vindt dat snel moet worden besloten dat de NS over het hele hoofdspoornet mag rijden.