De Saoedische koning is als de dood

De nieuwe Egyptische president is op bezoek in Saoedi-Arabië. De Saoedische koning wantrouwt hem en zijn Broederschap, maar heeft Egypte ook nodig.

Redacteur Midden-Oosten

Rotterdam. In het Westen wordt de Moslimbroederschap vaak als bedreiging gezien, maar misschien nog bezorgder is Saoedi-Arabië. Het politiek activisme van de Broederschap is niets voor de Saoediërs. En nu is een Moslimbroeder president van Egypte.

De nieuwe Egyptische president, Mohammed Morsi, arriveerde woensdag voor een kleine pelgrimstocht in Mekka en een goed gesprek in Jeddah. Niet voor niets is Saoedi-Arabië Morsi’s eerste buitenlandse reisdoel als president. Hij kent de gevoeligheden, en de kwakkelende Egyptische economie heeft dringend extra Saoedische investeringen nodig.

Voor zijn vertrek onderstreepte Morsi in een verklaring de „historische en diepgewortelde” relaties tussen beide landen, die „de tand des tijds hebben weerstaan”.

Dat was zeker zo onder de vorig jaar februari afgezette president Hosni Mubarak. De Saoedische koning Abdullah voerde samen met Mubarak en de Jordaanse koning Abdullah II het Arabische front tegen het gevreesde Iran aan. Maar Mubarak was een verklaard tegenstander van de Moslimbroederschap, die onder zijn bewind was verboden. Tijdens de opstand in Egypte liet het Saoedische koningshuis publiekelijk zijn grote ongenoegen blijken over de Amerikaanse druk op Mubarak om zo snel mogelijk af te treden.

Een president uit de Moslimbroederschap is een heel ander verhaal voor de Saoediërs. De Saoedische monarchie wantrouwt de fundamentalistische organisatie als een directe bedreiging van haar voortbestaan.

Het Saoedische systeem is gefundeerd op een machtsdeling tussen het koningshuis, dat verantwoordelijk is voor het politieke domein, en de ultraconservatieve wahabitische geestelijkheid, die de vrije hand heeft in religieuze zaken en in ruil daarvoor gehoorzaamheid aan de heerser predikt.

Dit eeuwenoude verbond heeft tot dusverre in grote lijnen intact overleefd. De politieke leider, de koning, is nog steeds zo goed als onschendbaar. Je kunt wel hervormingen vragen en soms krijgen in Saoedi-Arabië, zoals grotere vrijheid van meningsuiting of zelfs meer rechten voor vrouwen. Maar wie de term constitutionele monarchie (laat staan republiek) bezigt en dus een fundamentele inperking van de macht van de koning eist, gaat onverbiddelijk de gevangenis in.

De Moslimbroederschap daarentegen zit oppositie tegen de heerser in het bloed. De Saoedische leiders zijn als de dood dat de opstandige ideeën van de Broederschap zich nog verder over de Arabische wereld uitbreiden.

Tegelijk hebben ze Egypte nodig in de coalitie tegen Iran. Het Iraanse leiderschap dingt naar Morsi’s hand en er zijn tekenen dat hij in elk geval minder vijandig jegens Teheran staat dan Mubarak. De Saoediërs hebben wel wat troeven achter de hand, zoals de oliemiljarden die Egypte nodig heeft. Iran, dat langzaam wordt verstikt door westerse sancties, heeft financieel niets te bieden.