Hier begon verval van de cowboys

Vandaag finisht de Tour de France in La Toussuire. In 2006 brak geletruidrager Floyd Landis daar, tot genoegen van Lance Armstrong. Een lange ruzie volgde.

Redacteur Wielrennen

Mâcon. Is dat geletruidrager Floyd Landis, die daar ‘geparkeerd’ staat op de flanken van de Alpenklim naar La Toussuire? Michael Boogerd kan het haast niet geloven. Het is Landis, die hij hier zomaar voorbij rijdt. De gedoodverfde winnaar van de Tour 2006 oogt asgrauw en komt geen meter meer vooruit. Dan glijdt ook een ploegleidersauto van Discovery Channel langzaam aan Boogerd voorbij. Naast de bestuurder zit Lance Armstrong, een dagje als gast in de Ronde die hij de zeven jaar hiervoor won. Teleurgesteld over de inzinking van land- en voormalig ploeggenoot Landis? Integendeel, merkt Boogerd op. „Lance keek me lachend aan en stak zijn duim op.”

Voor de tweede keer in de Tourhistorie eindigen de renners vandaag op 1.705 meter hoogte in het skioord La Toussuire, na een korte Alpenrit met vier zware beklimmingen. De Deense Raborenner Michael Rasmussen won er zes jaar geleden na een fraaie solo. Maar de etappe werd legendarisch door de sensationele inzinking van geletruidrager Landis op de niet eens zo superlastige slotklim, 18 kilometer lang met een gemiddelde stijging van 6,1 procent. De inzinking op La Toussuire leidde een reeks dramatische verwikkelingen in, die tot op de dag van vandaag de wielersport bezighouden. En tot een meedogenloze strijd tussen Armstrong en Landis, die zijn vroegere kopman jaren later openlijk van doping beschuldigde.

Cowboys waren ze – maar aardige cowboys. De Amerikaanse wielrenners die vanaf 2001 in het Spaanse stadje Girona neerstreken, hadden het goed getroffen met zichzelf. Armstrong was de ongekroonde koning van het profpeloton, zijn toenmalige vriendin Sheryl Crow de primadonna van de rennersvrouwen. Met vazallen als George Hincapie, Tyler Hamilton, Levi Leipheimer en Christian Vandevelde woonden ze in fraaie appartementen in het pittoreske centrum. Ze trainden met hun omstreden wonderbegeleider Michele Ferrari in de bergen, en glorieerden na afloop in de koffiebarretjes in de stad, schrijft de Amerikaanse journalist Daniel Coyle in zijn in 2005 verschenen boek Lance Armstrongs Oorlog. Ook Landis zat er.

Na het afscheid van Armstrong is de koppige Landis in 2006 Tourfavoriet, zeker als Jan Ullrich en Ivan Basso niet mogen starten wegens een dopingaffaire. Weerstand is er volop tegen de in een mennonietengemeenschap opgegroeide Landis, die weigert met zijn ploeg de wedstrijd te controleren. Het leidt tot een scheld- en bijna een vechtpartij met Boogerd, dan een van de bazen van het peloton. „Hij ging helemaal uit zijn kneiter”, zo herinnert de in 2007 gestopte Boogerd zich.

„Ik hoop dat Landis de Tour wint”, verklaart Armstrong plechtig aan de vooravond van de zestiende etappe naar La Toussuire. Zou het echt? Het is die dag snikheet in de Alpen. Met ploeggenoten Koos Moerenhout en Axel Merckx lijkt geletruidrager Landis de rit te controleren. Tot hij na acht kilometer klimmen plotseling breekt. De opgestoken duim van Armstrong naar Boogerd zegt alles. Hij blijft liever zelf nog de laatste Amerikaanse Tourwinnaar dan dat hij de eigenwijze Landis ziet winnen.

Liefst tien minuten na ritwinnaar Rasmussen zwalkt de gele truidrager over de finish. Zweet druppelt van zijn fiets, terwijl hij in een ploegauto verkoeling zoekt. Hij krijgt het blikje priklimonade niet eens meer open. Maar de naar de elfde plaats in het klassement gezakte Landis is een paar uur later weer opvallend monter, wanneer hij een glas whisky neemt in een bar onder het hotel. En de volgende dag vlamt Landis onnavolgbaar over acht cols naar Morzine: hij wint de rit en pakt de gele trui weer. De rest is geschiedenis: doping, Tourzege kwijt, twee jaar geschorst en privéproblemen.

Vier jaar later volgt Landis’ wraak. Armstrong heeft in 2009 een geslaagde comeback gemaakt, maar weigert zijn aan lager wal geraakte oud-ploeggenoot na diens schorsing een contract te geven. Tijdens de Ronde van Californië beschuldigt Landis zijn vroegere kopman van dopegebruik: epo, bloedtransfusie, groeihormoon. Na jaren van ontkennen geeft hij zelf ook dopegebruik toe, hij deed het naar eigen zeggen op aanwijzing van Armstrong en ploegleider Johan Bruyneel. Die sloten volgens Landis ook een pact met Hein Verbruggen, voormalig voorzitter van de internationale wielerunie UCI – om een positieve dopingtest te verdoezelen.

Na Landis komen andere voormalige cowboys uit Girona met beschuldigingen. Hamilton kiest de publiciteit, tijdens deze Tour wordt duidelijk dat Hincapie, Leipheimer, Vandevelde, David Zabriskie en Jonathan Vaughters tegen Armstrong hebben getuigd. Landis hult zich in stilzwijgen. In de wetenschap dat zijn voormalige kopman is geschorst na een aanklacht van het Amerikaans antidopingagentschap USADA.

Armstrong vecht terug en klaagde deze week tot twee keer toe USADA aan. Wellicht had de Texaan zich veel ellende bespaard als hij in 2006 zijn duim niet had opgestoken.