Terpstra valt, Poels naar Venlo

Wielrenner Niki Terpstra moet na zijn val in de Ronde van Polen vrezen dat hij niet op tijd hersteld is voor de Olympische Zomerspelen. De Nederlands kampioen op de weg heeft last van een knie, waarin gisteren in Polen twee hechtingen zijn gezet.

Terpstra is in Londen voor de tijdrit én voor de wegwedstrijd geselecteerd. De wielrenner van de Belgische ploeg Omega Pharma-QuickStep, die eind vorige maand in Kerkrade met overmacht de nationale wegtitel behaalde, is sceptisch over de herstelperiode. „Op dit moment heb ik best wel vrees dat ik de Spelen zou kunnen missen. Hopelijk valt het allemaal mee en kan ik gewoon trainen”, zegt Terpstra in De Telegraaf.

Uit de eerste röntgenfoto’s in Polen bleken gisteren geen breuken in schouder of sleutelbeen. „Ik denk ook niet dat dat het geval is, maar wel dat de spieren beschadigd zijn”, aldus Terpstra. Hij zou vandaag in een ziekenhuis in het Belgische Herentals een second opinion ondergaan.

Wout Poels, die vorige week zwaar ten val kwam in de Tour de France en daarna nog even op zijn fiets werd gezet voordat hij definitief afstapte, is gisteren na een MRI-scan van een ziekenhuis in Metz naar een hospitaal in Venlo in zijn geboortestreek vervoerd. De wielrenner van Vacansoleil werd met een speciale ambulance uit Amsterdam in Noord-Frankrijk opgehaald. Poels ligt in Venlo opnieuw op de afdeling intensive care.

Het Limburgse klimtalent liep afgelopen vrijdag in de Tour een gebroken nier en een gescheurde milt op. Ook brak hij drie ribben. Daardoor raakten zijn longen beschadigd. Begin volgende week wordt een volgende MRI-scan gemaakt, waarna mogelijk iets kan worden gezegd over de herstelduur.

Manager Daan Luijkx van Vacansoleil, gisteren tegenover het persbureau ANP over de lichamelijke toestand van zijn renner: „De scan bevestigde dat Wouts gezondheidssituatie stabiel is en dat hij transportabel is.”

Volgens Luijkx wilde Poels heel graag weg uit Frankrijk vanwege de taalbarrière. „Dichter bij huis zullen specialisten van verschillende ziekenhuizen samenwerken om hem de medische zorg te geven die hij nodig heeft.”