Daar doet de rechter dus niet aan mee

Lance Armstrong probeerde de dopingzaak tegen hem te voorkomen bij de rechter, maar die gaf de zevenvoudig Tourwinnaar in een hard vonnis ongelijk.

Correspondent Verenigde Staten

Washington. De dopingzaak van het Amerikaanse anti-dopingagentschap USADA tegen Lance Armstrong kan gewoon doorgaan. De oud-wielrenner probeerde de zaak gisteren te vernietigen bij een federale rechter, maar die gaf de zevenvoudig Tourwinnaar ongelijk. De rechter zei in een hard vonnis dat hij niet bereid was „mee te gaan” met Armstrongs „hang naar publiciteit en zelfverheerlijking” in „deze lange en bittere polemiek”.

Armstrong heeft nog tot zaterdag om een serie beschuldigingen van USADA te weerleggen, of een straf te accepteren die hem onder meer zijn zeven Tourzeges kost. De oud-renner ontkent doping en beschuldigde de organisatie er vorige maand van een „vendetta” tegen hem te voeren.

Volgens de aanklacht van USADA was Armstrong jarenlang de spil in een zorgvuldig gecoördineerd dopingspel. Renners van US Postal en Discovery Channel, de voormalige sponsors van Armstrong, zouden tussen 1998 en 2007 systematisch het verboden middel epo toegediend hebben gekregen. De kopman was hiervan op de hoogte, aldus USADA. Sterker, Armstrong spoorde collega’s aan het middel te nemen en waakte over de geheimhouding.

De poging van Armstrongs advocaten om de zaak van de Amerikaanse anti-dopingautoriteit af te wenden, leek vooral bedoeld om de publieke opinie voor zich te winnen. Publiciteit is een belangrijk wapen van de renner, die tegenwoordig de triatlon beoefent. In het verweer van zijn advocatenteam wordt de zaak van USADA tegen Armstrong strijdig met de grondwet genoemd – een argument dat het altijd goed doet in de Verenigde Staten. Via onder meer Twitter beschuldigt de sportman het agentschap van geheime deals met zijn oud-ploeggenoten, bedoeld om de hetze tegen hem voort te zetten. „Als ik het goed begrijp ga je naar USADA en vertel je precies wat ze willen horen”, schreef Armstrong. „In ruil krijg je immuniteit, anonimiteit en de kans te mogen meedoen aan de grootste wielerwedstrijd ter wereld.”

Volgens onder meer De Telegraaf en The New York Times heeft USADA afspraken gemaakt met vier oud-ploeggenoten van Armstrong. George Hincapie, Levi Leipheimer, David Zabriskie en Christian Vande Velde zouden hun doping hebben toegegeven in ruil voor strafvermindering. De informatie die zij gaven zou een veel steviger basis leggen onder de zaak d tegen Armstrong.

Nog altijd draagt het Amerikaanse publiek de zevenvoudig Tourwinnaar op handen. Een recente peiling van opiniebureau Rasmussen liet zien dat slechts 17 procent van de Amerikanen gelooft dat Armstrong doping heeft gebruikt. Circa 40 procent weet zeker dat hij niet heeft gebruikt. De rest weet het niet. Het vertrouwen in Armstrong is groot. Hoewel Amerikanen niet veel met wielrennen hebben, is Armstrong de verpersoonlijking van iemand die zijn leven in eigen hand nam, kanker overwon en de allerbeste werd. Zijn stichting Livestrong, gericht op de bestrijding van kanker, heeft hem veel goodwill opgeleverd.

Zijn openlijke strijd tegen USADA, een vrij onbekend instituut in Colorado, heeft aan Armstrongs populariteit niets afgedaan. Integendeel, hij schildert zijn juridische strijd tegen USADA af als die van een gewone man tegen een log en bureaucratisch instituut. In dopingzaken is het Amerikaanse publiek soms geneigd de kant van de beschuldigde te kiezen.

Als de zaak doorgaat, zal USADA waarschijnlijk dit najaar hoorzittingen organiseren met oud-renners, ploegleiders en deskundigen. Een juridische strafzaak tegen de renner is begin dit jaar door het OM geseponeerd. USADA heeft eigen regels en kan Armstrong schorsen, of hem zijn titels afnemen.