Wet uit ’57 ter tafel - vier vragen over de verhoging van de AOW-leeftijd

De Eerste Kamer stemt naar verwachting rond middernacht voor de verhoging van de AOW-leeftijd, zoals deze in het Lenteakkoord is opgenomen. Dat bleek uit het debat dat de senaat vanavond met demissionair minister Henk Kamp hield. Wat zijn de gevolgen?

De Eerste Kamer stemde vannacht voor de verhoging van de AOW-leeftijd, zoals deze in het Lenteakkoord is opgenomen. Dat bleek uit het debat dat de senaat vanavond met demissionair minister Henk Kamp hield. Politiek redacteur Marike Stellinga legt de historische betekenis van deze beslissing uit, net als de directe gevolgen.

Er is een jaar of twintig over gebakkeleid, gepolderd en geruzied, zo schreef Stellinga vandaag:

“Er zijn veelbelovende politici over gestruikeld (denk aan Elco Brinkman van het CDA en Wouter Bos van de PvdA). De AOW, er zijn verkiezingen mee verloren en mee gewonnen. En nu wordt een ingrijpende versobering er in vijf weken doorheen gejast”

Wat ging er vooraf aan de historische beslissing waar de senaat vanavond voor staat?

Stellinga vandaag in NRC:

“Al bij de invoering in 1957 voorzag de geestelijk vader van de wet, premier Willem Drees, dat de pensioenleeftijd wellicht ooit omhoog moest. Er was, vijf decennia later, een immense financiële crisis voor nodig voordat politici het aandurfden de geliefde volksverzekering te versoberen. En zelfs na die crisis van 2008 bleken er nog vier wetsvoorstellen nodig om het politiek eens te worden.

Het eerste was van het kabinet-Balkenende IV (CDA, PvdA, ChristenUnie) dat in 2009 besloot de pensioenleeftijd te verhogen. De redding van ING en ABN AMRO had een gat geslagen in de overheidsfinanciën. Het verhogen van de AOW-leeftijd levert veel geld op, want de uitkeringen hoeven minder lang te worden uitbetaald en de belastinginkomsten nemen toe – mensen werken langer door. Dubbel kassa. De wet sneuvelde toen het kabinet in 2010 viel.

Daarna volgde in 2010 een wetsvoorstel van het kabinet-Rutte (VVD en CDA) en gedoogpartner PVV. Dat voorstel werd vervangen toen oppositiepartij PvdA bereid bleek te tekenen voor een hogere AOW-leeftijd dan de PVV, 67 in plaats van 66. Die wet haalde de Eerste Kamer, maar werd in april, na de val van het kabinet, plots vervangen door de afspraak in het Lenteakkoord om al in 2013 de leeftijd te verhogen met één maand per jaar.”

Waarom willen de partijen van het Lenteakkoord de wet nu plots toch veranderen?

“Na jaren van fluwelen handschoenen rond de AOW hebben de partijen van het Lenteakkoord even geen medelijden meer. Ze wilden niet meer wachten op de uitslag van de verkiezingen. Als de wet vanavond wordt aangenomen, wordt terugdraaien voor een nieuw kabinet lastig. Dan zou een jarenlang taboe in twee maanden zijn geslecht.

Volgens minister Kamp hebben veel ouderen behoorlijk wat vermogen om het gat mee te overbruggen. Ook kunnen ze hun aanvullende pensioen eerder laten ingaan. Maar dat betekent wel een lager pensioen.”

Wat betekent de verhoging van de AOW-leeftijd precies voor mensen de komenden jaren 65 worden?

“Wie de komende jaren 65 wordt, moet goed rekenen wanneer hij precies AOW krijgt. Want ook al klinkt het Lenteplan simpel, dat is het niet. In 2013, 2014 en 2015 gaat de pensioenleeftijd jaarlijks met één maand omhoog. In 2016, 2017 en 2018 met twee maanden. Daarna wordt het drie maanden.

Wie echter in december 2013 65 wordt, gaat niet één maar twee maanden later met pensioen. Dat werkt zo: de jarige uit december mag een maand later met pensioen, in januari 2014 dus. Maar in 2014 geldt een AOW-leeftijd van 65 jaar plus twee maanden. Deze 65-jarige krijgt dus pas februari 2014 AOW. Dit kan behoorlijk oplopen. In 2019 geldt een pensioenleeftijd van 66 jaar. Wie in 2019 65 jaar wordt, moet echter niet een jaar wachten op zijn AOW zoals velen denken, maar een jaar en drie maanden.”

Welke zorgen bestaan er over de verhoging?

“Werknemers die nu in de vut zitten of met prepensioen zijn, komen tijdelijk zonder inkomen te zitten. Dit kan een maand zijn, tot 1,5 jaar. Dat is vooral zuur voor werknemers in beroepen waarvoor in de cao een vroege pensioenleeftijd gold, zoals brandweerlieden of ambulancepersoneel. Zij mochten niet doorwerken.

Hoe groot de groep precies is, is onduidelijk. De Nederlandse gemeenten hebben ongeveer 4.000 man in dienst (ambulance en brandweer) die met een gat van een jaar tot anderhalf jaar komen te zitten. Minister Kamp schat dat 60.000 tot 80.000 vutters tussen 2013 en 2015 te maken krijgen met een inkomensgat van 1 tot 3 maanden.

Veel pensioenfondsen bieden aan het pensioen eerder te laten ingaan, en de uitkering de eerste jaren extra hoog te maken om het AOW-gat op te vangen. Dat betekent wel een lager pensioen daarna.”