Verhoging AOW-leeftijd aangenomen - ‘historisch besluit’

Een ouder paar zit op een bankje bij de Kralingse Plas. Foto Hollandse Hoogte / David Rozing

De senaat heeft vannacht ingestemd met het verhogen van de AOW-leeftijd zoals deze in het Lenteakkoord is opgenomen. De wijziging werd aangenomen door een meerderheid van de parlementsleden in de Eerste Kamer.

Op de laatste dag voor het reces debatteerden de senatoren met demissionair minister Henk Kamp over de verhoging, met direct daarop de stemming. Als de Eerste Kamer vannacht niet tot stemming was gekomen, dan had er pas weer gestemd kunnen worden op elf september, één dag voor de verkiezingen voor de Tweede Kamer.

Eerste verhoging sinds invoering in 1957

VVD, CDA, ChristenUnie, GroenLinks en D66 hebben in het Lenteakkoord afgesproken de pensioenleeftijd vanaf januari elk jaar met een aantal maanden te gaan verhogen, om te beginnen met één maand in 2013. In 2019 moet de AOW-leeftijd daarmee 66 jaar zijn, en in 2023 67 jaar. De senaat stond voor een historisch besluit: voor het eerst sinds de invoering van staatspensioen AOW in 1957 is de AOW-leeftijd verhoogd.

Nicoly Vermeulen, directeur van de SVB, die de AOW uitkeert, zei eergisteren tijdens een hoorzitting met deskundigen dat de tijd dringt om de leeftijd omhoog te brengen, zodat mensen die tegen de pensioenleeftijd aan zitten duidelijkheid krijgen:

“Wij verschaffen bij voorkeur na morgen duidelijkheid aan mensen die volgend jaar 65 worden. U moet zich voorstellen hoeveel onduidelijkheid er zal zijn als u nu niet besluit de AOW-leeftijd te verhogen.”

decennia is er gebakkeleid

Het voornaamste verwijt tijdens deze hoorzitting was volgens politiek redacteur Marike Stellinga de plotselinge haast achter de verhoging. Gisteren schreef zij in NRC Handelsblad dat er al een jaar of twintig over is gebakkeleid, gepolderd en geruzied, maar dat deze ingrijpende versobering er nu in vijf weken doorheen is gejast:

“De haast rond de wet tekent niet zozeer de daadkracht van de Lente-coalitie maar veeleer het gebrek aan daadkracht van de jaren ervoor. Al bij de invoering in 1957 voorzag de geestelijk vader van de wet, premier Willem Drees, dat de pensioenleeftijd wellicht ooit omhoog moest. Er was, vijf decennia later, een immense financiële crisis voor nodig voordat politici het aandurfden de geliefde volksverzekering te versoberen. En zelfs na die crisis van 2008 bleken er nog vier wetsvoorstellen nodig om het politiek eens te worden.”

200.000 mensen een maand later met pensioen

Als de wet standhoudt, moeten volgend jaar 200.000 mensen een maand later met pensioen dan ze dachten. Na 2015 gaat de leeftijd sneller omhoog, zodat in 2019 de pensioenleeftijd 66 is en in 2023 67. Daarna stijgt de leeftijd met de levensverwachting.

De aanpassing is nodig omdat de groep gepensioneerden snel groeit. Er zijn nu 3 miljoen AOW’ers, 700.000 meer dan in 2000. Een op de vijf Nederlanders geniet nu van zijn pensioen, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het verhogen van de AOW-leeftijd levert veel geld op, want de uitkeringen hoeven minder lang te worden uitbetaald en de belastinginkomsten nemen toe – mensen werken langer door.

Zorgen zijn er volgens Stellinga over ouderen die nu al in de vut zitten of met prepensioen zijn:

“Die regelingen houden gewoon op bij 65 jaar, terwijl vanaf volgend jaar de AOW steeds later ingaat. Zij komen zonder geld te zitten. Dat kan een maand zijn, maar ook 1,5 jaar.
Voor die groep biedt het Lente-akkoord weinig steun: ze kunnen een voorschot krijgen op hun AOW, maar dat moeten ze snel terugbetalen. Ook is er bijzondere bijstand aan te vragen bij de gemeente.”