Column

Snoepreisjes en gloednieuwe lege gebouwen

„En hier is de fitnessruimte.” Beheerder Ahmed Saleh (48) wijst trots naar de toestellen die dateren uit de tijd dat fitnessapparaten nog niet in het stopcontact hoefden. Saleh pakt een stuur van de grond en probeert dat terug te zetten op een hometrainer. Alles is bedekt onder een dikke laag stof.

De fitnessruimte is in de kelder van het Olympic Center, een hotel in Sana’a voor bezoekende atleten. Ze betalen 500 rials (nog geen 2 euro) voor een bed in een van de vierpersoonskamers van het hotel. Buiten ligt een groot sportcomplex, vol gebouwen die leeg of onaf zijn. Een verdieping hoger zetelt het Nationaal Olympisch Comité.

Topsport is in Jemen niet meer dan gloednieuwe lege gebouwen en comités met veel leden die een snoepreisje willen meepikken. Het geld komt van organisaties als het Internationaal Olympisch Comité (IOC) en de wereldvoetbalbond (FIFA). Lokale sponsors zijn er niet. „Die hebben geen belangstelling”, zegt Abdollah al-Kibsi (53), ondersecretaris-generaal van het Jemenitische Olympisch Comité.

In het hotel liggen de synthetische dekens netjes opgevouwen op de bedden. Twee chef-koks bewaken trouw hun karig ingerichte keuken. Er staat een pot thee te pruttelen. Voor henzelf, want werk is er niet. Twee jaar geleden bezochten de laatste buitenlandse sporters het hotel, hardlopers uit Soedan. Daarna werd het stil, want de locatie van het gebouw bleek ongelukkig. Het ligt aan de voet van de ‘televisieheuvel’. Daar zetelt de staatstelevisie die tijdens de opstand in 2011 doelwit was van demonstranten en stamleden van de Al Ahmar-familie, geduchte tegenstanders van oud-president Ali Abdollah Saleh.

Om de heuvel te beschermen, zette de regering tenten neer naast het Olympic Center en vulde die met schietgrage huurlingen, van wie een aantal nog steeds rondhangt. Ze sjokken over het terrein, kalasjnikovs over de schouder. De vier Jemenitische deelnemers aan London 2012 (judo, taekwondo, hardlopen) zijn allemaal buiten Jemen op trainingskamp.

In de kelder staat een schilderij van drie bij vier meter met de voorkant tegen de muur. „Dat is de voormalige president, daar zijn we nu vanaf”, grinnikt de beheerder. De joviaal zwaaiende Ali Abdollah Saleh hing jarenlang aan de gevel, nu vangt hij stof naast de biljarttafel.

Correspondenten kijken elke dag vanuit de hele wereld naar de Olympische Spelen, van 27 juli tot en met 12 augustus in Londen. Daarna hervat de rubriek In Nederland.