Eeuwige roem voor Gürbüz de Hoofdworstelaar

Turkije zat de laatste dagen, zoals elk jaar, drie dagen voor de buis voor het Kirkpinar olieworstelfestival in Edirne. Sinds 1361 staat het symbool voor de Ottomaanse glorie. Maar kan het niet flitsender?

Sali Dogrun uit Antalya draagt een stuk verband als een kroon om zijn hoofd. Zijn oor heeft de dokter nog net kunnen redden. Maar het scheelde niet veel.

Ze lachen er om, aan de ontbijttafel. Geknakte oren hebben ze hier allemaal, het hoort bij het metier.

Elk jaar zitten dezelfde vleesbonken aan deze ontbijttafels in de hotels van Edirne, Turkijes meest westelijke stad, pal aan de Griekse grens. Het Kirkpinar olieworstelfestival is na de Olympische spelen het oudste sporttoernooi ter wereld. Anno 1361.

Ze zeggen dat de oude Egyptenaren al met olie worstelden. De Perzen. Laat de worstelaars het niet horen. Kirkpinar staat voor heel Turkije symbool voor de Ottomaanse veroveringen in de regio, toen ze nog een sterk rijk waren. Het begon in de tijd van de heerschappij van Orhan Gazi, de zoon van Osman de Eerste.

Terwijl de Ottomaanse legers de Balkan stad voor stad veroverden, brachten de soldaten hun vrije uren worstelend door.

Iedereen op de broeierige velden kent het verhaal van de twee broers Ali en Selhim die zo gewaagd aan elkaar waren dat ze na een lange nacht stoeien dood ter aarde stortten. De rest van het bataljon, veertig soldaten sterk, vond de twee innig verstrengeld in elkaar terug en begroeven hen onder een boom. Jaren later stroomde bronwater van die plek. Ze noemden het Kirkpinar, de bron van veertig.

Nu is Kirkpinar uitgegroeid tot een festijn dat drie dagen lang heel Turkije aan de buis gekluisterd houdt en ook daarbuiten. Door de Turkse migratie heeft het Turkse olieworstelen ook West-Europa bereikt. Het Europese Kampioenschap wordt in Amsterdam gehouden.

De olie is zuivere olijfolie. Duizenden liters gieten de yagci, de oliemannen, over de grote lijven van de worstelaars.

Geen millimeter huid mag onbedekt blijven. Ze houden hun traditionele worstelbroeken, gemaakt van kalfsleer, ervoor open, zodat de olie tot tussen de benen kan kruipen. Zover als de handen van de tegenstander kunnen reiken, want olieworstelen is niet preuts. Tot hun ellebogen gaan de armen die broeken in, in de hoop ergens op het lijf van de opponent vat te kunnen krijgen.

„De olie beschermt”, zegt Dogrun. Tegen de scherpe nagels van de tegenstander, de blauwe plekken, de meedogenloze zon van Edirne, alle drie de dagen van het toernooi 35 graden heet. Olie beschermt alleen niet tegen de dreunen op zijn oor.

De winnaar kan in Turkije rekenen op eeuwige roem. Driehonderd festivals per jaar worden er in Turkije georganiseerd, met tien miljoen toeschouwers in totaal, met Kirkpinar als hoogtepunt.

Rond het stadion staan standbeelden van de gladiatoren die niemand mag vergeten. Daar staan de meervoudige winnaars van de Gouden Riem, de winnaars in de categorie van zwaargewichten. „We trainen zes dagen in de week, vijf uur per dag”, zegt Dogrun.

Worstelen, dat is vooral goed eten. Vlees en vis, zolang er maar proteïne in zit. Zware worstelaars staan steviger op hun benen. Op Kirkpinar is vet nog in de mode.

Met zoveel publiek voor een sport, houdt de politiek zich nooit ver weg. De grondlegger van de moderne Republiek Turkije, Mustafa Kemal Atatürk, bemoeide zich al met de eeuwenoude rituelen. Hij zag persoonlijk toe op afschaffing van vee, koeien, schapen en eenden als prijzen voor de winnaars. Zo doen ze dat in Europa ook niet.

De burgemeester van Edirne beklaagde zich afgelopen weekeinde over de passiviteit van de worstelaars, die soms veertig minuten lang in elkaars schouders hangen. Dat moest volgend jaar maar anders, korter, spannender.

Het zal worstelaar Dogrun uit Antalya allemaal wat. Hij stortte zaterdag snikkend ter aarde toen hij werd uitgeschakeld. De boomlange Ali Gürbüz, ook uit Antalya, mocht zich dit weekeinde opnieuw Baspehlivan (Hoofdworstelaar) noemen. Sali Dogrun moet weer een jaar wachten op zijn wraak.

Bram Vermeulen