Over de Duitse kom en de Franse kling

Bas Verwijlen koos al op jonge leeftijd voor de degen, het koningswapen in zijn sport. Hij is een van de weinige schermers die zijn eigen wapen prepareert. „Zo kan ik niemand de schuld geven.”

Bas Verwijlen struinde vorige maand bij de Europese kampioenschappen in Legnano weer uitgebreid langs de stalletjes met schermuitrusting. Even genieten van het vakmanschap van een ervaren Russische verkoper, die met de grootste zorg wedstrijdwapens in elkaar zet. Verwijlen verliet Italië, waar hij niet voorbij de laatste 64 schermers kwam, met een paar gloednieuwe degens. „Dat is zo lekker. Ze glimmen nog mooi en zijn zonder deuken. De eerste week zit ik ’s avonds op de bank alleen maar te kijken en te voelen. Dan denk ik: zal ik deze niet gewoon bewaren?”

Verwijlen (28), in februari en mei de nummer één van de wereldranglijst, schermde tot zijn twaalfde ook met floret en sabel. Maar zijn hart ligt bij het koningswapen, de degen. Die discipline heeft slechts een elektronisch scoresysteem, in plaats van een extra beoordeling van een scheidsrechter. „Schermen is voor mij een tactisch spel, een combinatie van boksen en schaken. Iemand raken zonder zelf geraakt te worden. Bij degen is het hele lichaam trefvlak. Bij floret en sabel ben je afhankelijk van een jury. Dat vind ik maar niks.”

De nummer twee van de WK en EK van vorig jaar is een materiaalfreak, met tientallen gebruikte wapens thuis. Hij heeft van elk merk de degens, schermpakken en schoenen al geprobeerd. Niemand zal Verwijlen op de eerste dag van augustus in Londen verrassen met materiaal dat hij niet kent. „De wereldtop heeft geen geheimen voor elkaar. De beste dertig schermers komen elkaar toch elk weekend tegen en houden elkaar in de gaten. Ik weet van iedere tegenstander welke schoenen hij draagt.”

De Britse schermfabrikant Leon Paul, zijn eigen sponsor, vraagt hem dan ook regelmatig de nieuwste snufjes te testen. „Wat is nu mooier dan helpen materiaal op de markt te brengen? Innovatie is belangrijk voor de sport. Ze hebben me nu kneedbaar spul voor rond de greep van het wapen opgestuurd. Ik laat clubgenoten daarin meedelen. Van de tien samples heb ik er al vijf weggegeven. Zo doe ik dat altijd.”

Verwijlen, vier jaar geleden in de olympische kwartfinale, weet al hoe hij zijn degen voor ‘Londen’ samenstelt. Met een kling van het Franse Blaise Frères, dat degens maakt van hoogwaardig staal met een geheime samenstelling. Dan volgt een titanium kom, ter bescherming van de hand, van Duitse makelij. Daarin een Italiaans viltje, dat een zacht laagje legt voor de vingers. Eronder een ‘pistoolgreep’, ook uit Duitsland. Op de top van het wapen een titanium punt, die de scores elektronisch registreert. De totale waarde: zo’n 150 euro.

Verwijlen is een van de weinige schermers die hun wapen zelf prepareren – de avond voor de wedstrijd. Hij leerde het als kind al van zijn vader, bondscoach Roel Verwijlen. „De Fransen, Duitsers en Italianen hebben een materiaalman bij zich. Ze geven het wapen af met wat opmerkingen en halen het na een half uur op. Ik vind het lekker dat zelf te doen. Dan kan ik niemand de schuld geven als het misgaat. En ik voel me zekerder.”

Hij toont de greep van wat nu zijn fijnste wapen is. „Ik heb ’m in een bankschroef gezet en korter gemaakt. Met een zaagje en een vijl maak ik groefjes, voor nog meer grip. De greep is normaal vrij glad, dus die maak ik met tape wat ruwer. Zo ben ik net zolang bezig totdat de greep lekker aansluit bij mijn vingers. Het wapen moet het verlengstuk van mijn lichaam zijn.”

Nog belangrijker is de afstelling van het indrukbare topje van de titanium punt, die is aangesloten op het elektronische scoresysteem. Degenschermers moeten hun tegenstander voor een geldige treffer raken met een druk van minimaal 750 gram. „Iedereen wil zijn wapen natuurlijk zo scherp mogelijk afstellen. Het puntje moet zo soepel mogelijk lopen. Ik maak het schoon met alcohol en een wattenstaafje en gebruik daarna een speciale poederspray. Als ik dan honderd keer klik, zit overal een glad laagje.”

Sjoemelen is voor de schermers onmogelijk, zeker met de afstelling van de punt. De degens worden voor elke wedstrijd onderworpen aan een strenge keuring. Het totale gewicht moet minder zijn dan 770 gram, de maximale lengte is 110 centimeter en de kom moet door een vorm van 13,5 centimeter passen. Ook wordt de buigzaamheid van de kling getest. „Het materiaal moet ook veilig zijn. Want het imago van schermen is klassiek, maar dit is echte topsport. Uiteindelijk staan gewoon twee gasten tegenover elkaar te beuken.”

Verwijlen verzorgt zijn degens secuur, maar bekent dat materiaal steeds minder belangrijk voor hem is geworden. „Een veel kleiner percentage dan ik zou willen is te danken aan het wapen. Het is niet belangrijker dan goede schoenen voor een voetballer. Schermen draait om techniek en het vertrouwen daarin. Vorig jaar bij het WK waren al mijn fijne wapens kapot. Ik schermde voor mijn gevoel met een klotedegen. Toch werd ik tweede, omdat het in mijn hoofd helemaal klopte.”

Michiel Dekker

Dit is de eerste aflevering van een serie interviews met Nederlandse deelnemers aan de Olympische Spelen die een detail van hun sport belichten.