Chaos na eurotop is nu probleem van ministers

Na de Europese top van eind juni ontstond veel verwarring over wat de regeringsleiders hadden afgesproken. Hun ministers van Financiën staan vandaag voor de lastige taak de plooien glad te strijken.

De ministers van Financiën van de eurolanden vergaderen vanavond in Brussel, en dat kan een latertje worden. Ze moeten alle losse draden van de top van regeringsleiders van eind juni afhechten – en dat zijn er heel veel.

De opluchting op de financiële markten was na de top snel vervlogen. De rentes die Spanje en Italië op leningen betalen zijn weer wurgend hoog. Elke regeringsleider lijkt een andere lezing te hebben van wat er tijdens de top besloten is over leningen aan Spaanse banken en het opkopen van Italiaanse staatsobligaties.

En als regeringsleiders het hierover al niet eens worden, hoe denken ze dan binnenkort nog een Griekse knoop door te hakken? Athene loopt achter met hervormen en heeft lucht nodig. Of noordelijke eurolanden hier ja tegen zeggen, is twijfelachtig.

Eerst de verwarring over de top van eind juni. Ongeveer het enige onbetwiste is, dat eurolanden banksupervisie gaan overhevelen naar de Europese Centrale Bank. Maar over alle overige besluiten, die nota bene gewoon in hun slotverklaring staan, spreken de deelnemers elkaar tegen. Daardoor straalt de eurozone besluiteloosheid en chaos uit – het omgekeerde van wat de bedoeling was.

Finland en Nederland zeggen dat directe herkapitalisering van Spaanse banken strijdig is met de statuten van het noodfonds ESM. Finland betwist verder de passage in de slottekst, die stelt dat Spanje niet eerst eurolanden hoeft terug te betalen en dan pas particuliere crediteuren.

Ook de deal voor Italië is omstreden. Europese functionarissen en de Italiaanse premier Monti zeggen dat het noodfonds staatsobligaties gaat opkopen als Italië erom vraagt. Rome moet een contract tekenen en als tegenprestatie alle (bestaande) strenge aanbevelingen van de Europese Commissie netjes uitvoeren.

Italië zou een ‘trojka-light’ krijgen: beperkte inspecties, zonder Internationaal Monetair Fonds. Ook dit bestrijden Finland en Nederland: er komt een complete inspectie en een complete trojka, zeggen zij. Diplomaten die er die nacht bovenop zaten, spreken elkaar op dit punt eveneens tegen.

Tijdens de top, zo is inmiddels duidelijk, schortte het ook aan de communicatie tussen deelnemers. Crisisonderwerpen staan bovenaan de agenda van de regeringsleiders. Die zijn technisch van aard. ‘Staatsobligaties opkopen op de secundaire markt’ – als regeringsleiders al weten wat dit betekent, kunnen ze de portee niet goed overzien.

Daarom waren er hoge nationale en Europese ambtenaren van Financiën op de top. Zij bereidden de ESM-plannen voor Italië en Spanje voor. Maar Duitsland wilde niet dat zij regeringsleiders briefden. Dat moesten de ‘sherpa’s’ doen. Sherpa’s doen, als de rechterhand van regeringsleiders, het politieke voorwerk.

Zo waren er op de top drie vergaderingen: technici, sherpa’s en regeringsleiders. Velen zijn op elkaar ingespeeld, maar toch vielen er dingen tussen wal en schip. Niet elk land was steeds bij elk overleg vertegenwoordigd. Daarom was de één de volgende dag soms oprecht verbaasd dat een ander bezwaar maakte tegen besluiten van die nacht. Hun irritatie leek oprecht, niet gespeeld.

De gang van zaken tijdens en de openbare clashes na de top beperken de manoeuvreerruimte van de politici. Hun overleg van vanavond wordt er nóg lastiger door. En te midden van dit gekrakeel komt bovendien Griekenland weer in beeld. Op de top werd er met geen woord over gerept. Er was net een regering, na twee maanden verkiezingsimpasse waarin hervormingen en bezuinigingen hadden stil gelegen. Maar de Griekse premier was niet op de top, omdat hij een oogoperatie moest ondergaan.

Trojka-inspecteurs gingen pas na de top naar Griekenland om vast te stellen hoe groot de achterstand is. Zonder precieze informatie konden de regeringsleiders er weinig over zeggen. „Maar ze weten: Griekenland komt als een boemerang terug”, zegt een Europese functionaris. „Het trojkarapport wordt vernietigend.” In Brussel wordt al gespeculeerd over een speciale Griekenland-top over vier of zes weken.

Eurolanden hebben Athene enige souplesse beloofd, mits niets aan de doelstellingen (reductie van schulden en begrotingstekort) wordt veranderd. Griekenland wil extra tijd, wat waarschijnlijk onvermijdelijk is. „Iemand”, concludeerde de Griekse minister Yannis Stournaras van Finaciën gisteren, „moet ons dus meer geld geven. Dat is niet simpel.”

Zegt Duitsland ja, nu de spanningen in de coalitie in Berlijn oplopen en de nee-campagne luider wordt? En Nederland, dat 12 september verkiezingen houdt? Finland? Of Slowakije, waar veel kiezers weigeren meer te lenen aan Grieken met hogere inkomens dan zijzelf?

De technici lossen het dilemma waarschijnlijk zo op. Maar omdat dit zo’n politiek beladen onderwerp is, moeten regeringsleiders beslissen. Een van de grootste problemen, schreven José Ignacio Torreblanca en José M. de Areilza eind juni in een essay voor de denktank European Council on Foreign Relations, is dat Europa „ten prooi valt aan een clash of narratives, waarbij het noorden het zuiden een tekort aan geloofwaardigheid verwijt, en het zuiden het noorden een tekort aan solidariteit”.

Ook al zijn beide percepties maar gedeeltelijk juist, ze maken compromissen alsmaar moeilijker. Dit veroorzaakte het probleem op de vorige top. Dat de ministers er vanavond ook last van krijgen, is waarschijnlijk een understatement.