Popfestivals houden kaartjes over

Live Nation organiseert bijna alle grote pop- festivals en -concerten. Het Amerikaanse bedrijf, waar ook Mojo Concerts deel van uitmaakt, heeft een forse schuld en presteert slecht op de beurs. Portret van een monopolist.

Fans van Linkin Park tijdens Pinkpop 2012. Mojo Concerts verzorgt de programmering voor Pinkpop. Foto Andreas Terlaak

Gisteren is het North Sea Jazz Festival begonnen. Niet uitverkocht, maar toch een van de meer succesvolle festivals van organisator Mojo Concerts uit Delft. De zorgen zitten elders.

Bij het recent geopende Ziggo Dome bijvoorbeeld, waarin Madonna dit weekeinde twee concerten geeft. Meerdere grote concerten in de concerthal naast de Amsterdam Arena zijn niet uitverkocht. Ook Pinkpop was niet uitverkocht en de kaartverkoop voor het festival Rockin’ Park, een week geleden in Nijmegen, was dramatisch.

Het zijn moeilijke tijden in de concertindustrie en dat hakt er in op de begroting van organisator. Mojo is voor 81 procent eigenaar in de exploitatie van de Ziggo Dome, heeft een langlopend leasecontract met de Heineken Music Hall en is sinds kort meerderheidsaandeelhouder van het GelreDome in Arnhem. Mojo organiseerde Rockin’ Park en verzorgt de programmering voor Pinkpop.

Het al lang en breed uitverkochte Lowlands en, zoals gezegd, North Sea Jazz worden ook door Mojo georganiseerd. Mojo is de onbetwiste marktleider in het boeken en bemiddelen van artiesten in het Nederlandse clubcircuit.

Het bedrijf kan onbekommerd experimenteren met de kans op flops, mopperen kleinere concurrenten uit Nederland. Om daaraan toe te voegen: de rekening sturen ze door naar Amerika. Want Mojo Concerts uit Delft is 100 procent eigendom van het Amerikaanse bedrijf Live Nation.

Malaise of niet, de concertindustrie is sinds jaar en dag een miljardenindustrie waarbij vooral de grote artiesten en de vele tussenpersonen garen spinnen. De schaalvergroting begon in de jaren negentig bij de Amerikaan Robert F.X. Sillerman.

Sillerman kocht met zijn bedrijf SFX voor 1,2 miljard dollar verschillende regionale concertorganisatoren in Amerika op. Door deze samenvoeging kon hij besparen op de kosten. SFX kocht ook veel in het buitenland, waaronder het Nederlandse Mojo Concerts. De bij elkaar gekochte wereldwijde marktleider werd vervolgens voor miljarden doorverkocht en ging in 2005 als beursgenoteerde onderneming verder onder de naam Live Nation.

Sindsdien is er geen winst gemaakt, ook al stijgt de omzet jaarlijks. Een groot deel van die omzet gaat naar de artiesten. Die krijgen vaak nog meer dan de volledige recette van de kaartverkoop. Organisatoren moeten hun winst halen uit de verkoop van drank, etenswaren en parkeerkaartjes. Live Nation is afhankelijk van de artiesten, die dankzij deze situatie een machtspositie hebben verworven.

Opmerkelijk genoeg hebben de artiesten hun positie voor een groot deel te danken aan de man die nu de scepter zwaait bij Live Nation: Irving Azoff. De 64-jarige Amerikaan leidde verschillende platenlabels, maar is ook sinds de jaren ’70 manager van bands als The Eagles en Steely Dan.

Azoff heeft de naam keihard te zijn, en wist altijd maximale gages voor zijn artiesten te bedingen. Zijn bedrijf werd overgenomen door ticketgigant Ticketmaster, dat op zijn beurt in 2010 weer fuseerden met Live Nation. Sindsdien is Azoff executive chairman bij het bedrijf dat zo veel geld kwijt is aan gages voor artiesten.

Aan bravoure ontbreekt het niet bij Live Nation. President-directeur Michael Rapino verklaarde bij de bekendmaking van de laatste kwartaalcijfers „we’re kicking ass from a year-over-year perspective”.

Toch worden er ook vraagtekens gezet bij de gezondheid van Live Nation. Er is een schuld van 1,7 miljard dollar (1,4 miljard euro) en een jaarlijks verlies. Het is niet duidelijk hoe kwetsbaar het bedrijf is als de concertmarkt nog meer klappen krijgt. Buiten de top van het bedrijf weet niemand hoe Live Nation er precies voor staat. De concertgigant is niet heel scheutig met informatie en was voor deze krant ook niet bereikbaar voor commentaar.

Het aandeel heeft op 24 dollar gestaan, maar ook rond 2,5 dollar gebungeld. „Ik heb geen hard bewijs, maar ik vermoed dat Live Nation op bepaalde momenten dicht bij een faillissement is geweest”, vertelt Josh Baron, schrijver van het boek Ticket Masters.

Baron: „Maar de kasstroom is van belang in deze industrie. Zo lang die goed is, maakt het niet uit dat het bedrijf een enorme schuld heeft. Liquiditeit is altijd aanwezig, er is altijd geld, omdat bezoekers tezamen miljoenen betalen voor kaartjes, maanden voordat het concert plaatsheeft.”

De 1,7 miljard schuld van Live Nation ontstond grotendeels na de fusie met kaartverkoper Ticketmaster. Live Nation kreeg dankzij die fusie concertindustrie én kaartverkoop in handen en daarmee ook waardevolle gegevens van hun publiek. De reden voor Ticketmaster om met een verlieslijdende partner in zee te gaan, was minder logisch.

Het management ging er in ieder geval financieel flink op vooruit. Het jaarsalaris van Michael Rapino komt inclusief bonussen en beloningen in aandelen uit op 12 miljoen dollar. Irving Azoff regelde bij dezelfde fusie dat er tussen 2010 en 2013 36,4 miljoen dollar naar de Azoff Family Trust werd overgemaakt.

Amerikaanse beursanalisten delen het optimisme van de leiding van Live Nation. In een uitgebreid artikel op Seeking Alpha stelt analist Spencer Grimes dat het aandeel is ondergewaardeerd. Hoewel hij het aandeel een serial underachiever noemt, rekent hij op dividend in 2014.

Collega Rich Tullo van Albert Fried is dezelfde mening toegedaan. Hij ziet kansen voor dynamic pricing, meer betalen voor betere plaatsen en extra diensten, zo vertelt hij. Daarnaast denkt hij dat Live Nation kan meeverdienen aan de doorverkoop van reeds gekochte kaartjes. Ook denkt hij dat Live Nation geld kan verdienen op de dancemarkt, die nu explodeert in Amerika.

Het vertrouwen van de analisten wordt ondersteund door het belang dat het Amerikaanse mediaconcern Liberty Media in Live Nation heeft genomen. Liberty Media is vooral actief in kabel-tv en ook eigenaar van UPC. Het bedrijf bezit 26 procent van de aandelen Live Nation. De analisten snappen die positie niet goed, omdat Liberty normaal alleen investeert in beter presterende bedrijven.

Op de concertmarkt zou het Live Nation de komende jaren beter kunnen vergaan. De Amerikaan Steve Knopper, die Live Nation voor het blad Rolling Stone volgt en over de branche het boek Appetite For Self-Destruction schreef, houdt de concertmarkt nauwgezet in de gaten.

„2010 was een rampjaar voor Live Nation. Nu opereren ze conservatiever”, aldus Knopper. „Het is een bedrijf dat zich heeft aangepast na de crisis. Live Nation heeft onlangs een Engelse dance-organisatie gekocht voor 14 miljoen pond. Ze gaan waar het geld zit. Nu ziet het eruit als een slimme investering. Maar niemand weet hoe die dance er over vijf jaar voor staat.”

Zowel Knopper als Baron verwacht dat Live Nation in de VS een paar concertzalen zal afstoten en zich meer op Europa gaat richten, omdat daar meer te verdienen valt. Tegelijkertijd komen er berichten uit Engeland en Nederland van afgelaste (Live Nation)-festivals en tegenvallende kaartverkopen. Logisch: consumenten kunnen hun geld slechts één keer uitgeven. En veel festivals spelen op zeker met dezelfde headliners.

„De mannen worden dit jaar van de jongens gescheiden”, stelden festivalorganisatoren in het Britse muziekblad Q vorige maand. Waar jongeren in het verleden nog naar vier festivals per jaar gingen, bezoeken ze er nu nog eentje. Of en hoe dit marktleider Live Nation gaat treffen, moet nog blijken. De Nederlandse divisie Mojo Concerts kan tegenvallende activiteiten meestal wel opvangen met de winstgevende festivals en concerten. Toch moest de Nederlandse marktleider in 2010 elf medewerkers ontslaan vanwege de verslechterde marktomstandigheden. Het bedrijf moet nu afwachten welk nieuws er van de Amerikaanse eigenaar komt. Na de zomer wordt duidelijk of Live Nation eindelijk op weg is naar winst of dat het verlies echt nijpend wordt.