Gouden gok van Schotten

De mondiale race om natuurlijke hulpbronnen heeft Wood Mackenzie geen windeieren gelegd. De specialist in energiegegevens uit het Schotse Edinburgh werd drie jaar geleden gekocht door de Londense bedrijvenopkoper Charterhouse. Deze stoutmoedige transactie, op het hoogtepunt van de crisis, blijkt een gouden gok te zijn geweest: een overname voor 1,7 miljard dollar door de Amerikaanse concurrent Hellman & Friedman levert de verkoper het drievoudige op van wat hij destijds heeft betaald.

Nu grote oliemaatschappijen, onafhankelijke onderzoeksfirma’s en staatsenergiebedrijven op zoek zijn naar nieuwe energievoorraden, zit Wood Mackenzie in een lucratieve niche. Informatiekosten vormen slechts een fractie van de enorme budgetten in deze sector.

De gegevens van het bedrijf over buitengaatse energievoorraden zijn ongeëvenaard. De winstmarges zijn fenomenaal, de winst vóór belastingen is ongeveer de helft van de omzet. Deze zal exploderen, van 38 miljoen pond in 2008 naar vermoedelijk ruim 100 miljoen in 2013.

Charterhouse had Wood Mackenzie halverwege 2009 overgenomen van Candover, een andere private equity-firma, waarbij het management naast de nieuwe eigenaar ongeveer een derde van de aandelen voor zijn rekening nam. Charterhouse moest een stevig bedrag neertellen van 553 miljoen pond, ofwel 11,7 maal de winst over dat jaar. Daarvan bestond 240 miljoen pond uit schulden en de rest uit aandelen. Samen met de biedkosten bedroeg de totale investering in aandelen waarschijnlijk 330 miljoen pond.

De schuld is volgens ingewijden bijna gehalveerd, doordat Wood Mackenzie zo veel geld heeft gegenereerd. Trek 120 miljoen pond af van de huidige bedrijfswaarde van 1,1 miljard pond, en de verkopers houden een aandelenkapitaal over van 980 miljoen pond. Dat impliceert een indrukwekkend rendement: drie maal de waarde van het oorspronkelijke aandelenkapitaal.

Hellman & Friedman moeten diep in de buidel tasten en 12,5 maal de winst op tafel leggen, ofwel bijna 1,4 miljoen pond voor ieder van de 800 werknemers van Wood Mackenzie. Hellman & Friedman is groter en opereert mondialer dan Charterhouse. Wood Mackenzie zou een positie kunnen verwerven in de VS en in de mijnbouwsector. Maar het bod dat Charterhouse destijds uitbracht leek ook aan de royale kant. Misschien kan Hellman & Friedman het kunstje herhalen.

Vertaling: Menno Grootveld