De schurftige pers wordt bedreigd

Een jaar na de start van het schandaal rond tabloid News of the World zijn de onderzoeken nog bezig. De balans: de kranten zijn milder, de lezers verdwenen.

Laatste editie van News of the World, 10 juli 2011

Hij voorspelde het een jaar geleden al. Op de zondag dat de Britse tabloid News of the World voor het laatst verscheen, antwoordde marktkoopman en acteur Leo Heath Whitakker op de vraag wat hij nu zou gaan lezen: „Niets”. Daar is hij bij gebleven. Kranten, zo zegt hij nu, interesseren hem niet meer zo.

Het is misschien de verandering waar het minst ruchtbaarheid aan is gegeven. Want toen vorig jaar het Verenigd Koninkrijk vijf dagen op zijn grondvesten trilde, in de dagen nadat bekend werd dat News of the World (NotW) de voicemails van de vermoorde tiener Milly Dowler had afgeluisterd, werd vooral gewezen op hoe dit een waterscheiding in de journalistiek zou betekenen. De media zouden onherstelbaar veranderen, en het gekonkel tussen politici, pers en politie zou aan het licht komen. En er werd voorspeld dat mediamagnaat Rupert Murdoch, uitgever van NotW, aan invloed zou inboeten. Dat is allemaal gebeurd.

Maar over de lezers had niemand het. Heeft niemand het. Terwijl Leo Heath Whittaker voor meer staat: een half miljoen NotW-lezers verdween in het niets. Geen van de zondagse concurrenten heeft geprofiteerd van het opheffen van de tabloid, allemaal hebben ze net als de doordeweekse varianten minder lezers dan een jaar geleden. The Sun on Sunday, door Rupert Murdoch in februari opgericht ter vervanging, verliest na een eerste nieuwsgierige drie miljoen wekelijks lezers en zit nu op een oplage van ruim 2,2 miljoen.

Misschien heeft het oplageverlies te maken met het feit dat de tabloids zijn veranderd in de nasleep van het schandaal, en vooral nu het onderzoek van rechter Brian Leveson naar de werkwijze van de pers nog steeds loopt. Leveson moet voor oktober met een advies over persregulering komen.

Britse zondagstabloids waren altijd plat, maar ook zo nieuwswaardig dat je ze móest lezen. En NotW was marktleider. De krant schreef als eerste over Christine Keeler, die in 1973 sliep met zowel de minister van Oorlog als een Russische diplomaat, over Hugh Grants escapades met een prostituee en het gangsterliefje van prins Andrew. Een bericht in NotW had meer impact dan een voorpagina van een andere krant.

Nu opende The Sun on Sunday vorige week met een verhaal over de Amerikaanse actrice Katie Holmes die van acteur Tom Cruise wil scheiden. „Primeur”, meldde de voorpagina. Maar het nieuws was ook in elk willekeurig ander blad te vinden. The Sun on Sunday is „niet zo smeuïg als News of the World”, vat marktkoopman Leo Heath Whitakker het samen.

„De verslaggeving van de tabloids is gematigder geworden”, zegt hoogleraar journalistiek Brian Cathcart, oprichter van de Hacked Off-campagne voor een onderzoek naar het afluisterschandaal. Hij wijst op de zelfmoord van Gary Speed, bondscoach van Wales, in november vorig jaar. Die werd in tegenstelling tot wat Cathcart had verwacht niet breed uitgemeten op de voorpagina’s: „De media toonden meer zelfbeheersing dan ik ooit voor mogelijk hield”.

Niet dat hij onder enige illusies verkeert: „Als je de kans loopt dat je hoofdredacteur morgen door rechter Leveson wordt gehoord, houd je je wel in.” De arrestaties die nog steeds plaatsvinden – inmiddels zijn er meer dan veertig journalisten opgepakt wegens verdenking van hacken, afluisteren of het omkopen van politiefunctionarissen – hebben eenzelfde effect: „Het is een waarschuwing; iedereen houdt zich nu aan de wet.”

„Het schandaal heeft een angstaanjagend effect gehad”, zegt ook Paul Connew, voormalig adjunct-hoofdredacteur van de Daily Mirror en NotW (niet in de afluisterperiode). De media zijn voorzichtiger geworden, ziet ook hij. „Misschien zijn de verhalen er niet.” Hij lacht: „Ik ken wat celebs die recent ergens heel makkelijk mee zijn weggekomen.”

Hij vindt de ontwikkeling „niet ongezond”. „Maar we hebben krachtige en ongehoorzame media nodig. Soms is een uitspatting noodzakelijk, dat laat zien dat er persvrijheid is.” Connew denkt dat het declaratieschandaal onder Lagerhuisleden nooit was gebracht door de BBC, ITV of Sky, die zich als omroepen aan strenge uitzendregels moeten houden. The Daily Telegraph durfde te betalen voor gestolen declaraties, en kon zo laten zien dat veel parlementsleden sjoemelden.

Hij vreest dan ook voor Levesons conclusies over persregulering. „Dit gaat over ethiek: het hacken van voicemails was altijd al illegaal, net als afluisteren en omkoping.” Oftwel: als de Metropolitan Police zijn werk had gedaan toen het schandaal in 2006 aan het licht kwam, toen naaste werknemers van prins William werden afgeluisterd, was het nooit zo ver gekomen.

Dat vindt ook Lagerhuislid Chris Bryant. Hij was een van de vele slachtoffers die door NotW werd afgeluisterd, en kreeg 30.000 pond (37.200 euro) schadevergoeding van uitgeverij News International. „Dit gaat niet alleen over wat er bij NotW gebeurde, maar ook bij de politie. Die had in 2006 kunnen zoeken naar meer bewijzen.” Maar hij steekt ook de hand in eigen boezem: „Het Lagerhuis heeft vier keer een onderzoek gedaan naar afluisteren, en concludeerde dat er niets mis was.” Bryants assistent heeft „486 twijfelachtige verklaringen” geteld, waar de Lagerhuiscommissie voor Cultuur en Media nooit over doorvroeg.

Dat had te maken met de greep die Rupert Murdoch had op de politiek, meent Bryant. Pas vorig jaar september werd de mediamagnaat gehoord. Bryant, een van de weinigen die altijd kritiek op Murdoch durfde te geven en niet vreesde voor represailles van diens kranten, vindt het nog steeds ongelooflijk: „Hij was de grootste krantenuitgever van het land – en hij werd pas vorig jaar ondervraagd.”

Strengere regels moeten er volgens Bryant dan ook vooral komen om mediaconglomeraten te voorkomen: „We hebben te veel macht gelegd in één paar handen. En daar was bijna BSkyB bijgekomen.” Murdochs News Corp wilde die Britse satellietzender overnemen, maar zag daar door het schandaal van af.

In 2003 publiceerde tabloids foto’s van de openlijk homoseksuele Bryant die van de website Gaydar waren gehaald. „Ik begrijp dat de tabloids naar prikkelende verhalen zoeken, maar ze doen dat met het morele kompas van de jaren vijftig. Winston Churchill zou nu niet één seconde hebben overleefd, met verhalen over drankgebruik en depressies.”

Desondanks pleit Bryant voor „een schurftige pers”, zonder al te veel regels. Persvrijheid is een groot goed in een democratie. Maar hij vreest dat die regels niet het grootste probleem zijn. Hij wijst naar de oplagecijfers: „Volgens mij zijn er over vijf of tien jaar geen kranten meer om regels aan op te leggen.”