GroenLinks is plots uit gratie

GroenLinks lijkt opeens geen optie meer bij mijn vrienden, schrijft Floor Rusman. Gek, want die partij is inhoudelijk toch niet zo veranderd?

De laatste tijd heb ik veel déjà vu’s. Elke keer dat ik aan een vriend of vriendin vraag wat hij of zij op 12 september gaat stemmen, is de reactie hetzelfde. Een gepijnigd gezicht, een zucht, en dan het antwoord: „Ik stemde altijd GroenLinks, maar nu weet ik het niet meer.” Voor deze hoogopgeleide, naar links neigende twintigers is GroenLinks geen optie meer. Niemand die bij de Provinciale Statenverkiezingen GroenLinks stemde, is van plan dat nu weer te doen. Sommigen noemen Jolande Sap of de Kunduz-missie als reden om niet meer op GroenLinks te willen stemmen, maar dit verklaart niet waarom zij hun partij vorig jaar maart wél trouw bleven. De antipathie tegen GroenLinks lijkt iets recents te zijn.

Van grote invloed op het voorgenomen stemgedrag zijn de peilingen. Sinds het Dibi-debacle staat GroenLinks op vier zetels, een historisch dieptepunt. Mensen die nog wel iets voelen voor GroenLinks willen nu, in de hoop een rechts kabinet te voorkomen, toch op een andere linkse partij gaan stemmen – vaak is dat de SP. In een opiniestuk in de Volkskrant probeerden de directeurs van TNS NIPO en Ipsos Synovate onlangs de kritiek op het obsessieve peilen te weerleggen. „Als kiezers op basis van onze peilingen strategisch willen stemmen, is daar niets mis mee”, schreven ze. Een argument voor deze stelling ontbrak. Jammer, want volgens mij is er wel iets mis met strategisch stemmen. Een overwinning voor de SP zal bijvoorbeeld worden uitgelegd als een ‘Nee’ tegen Europa, terwijl zich onder de SP-kiezers waarschijnlijk veel voormalige GroenLinksers bevinden die niks hebben tegen Europa.

Niet iedereen noemt de strategische stem echter als voornaamste argument. Veel vaker nog blijft de reden om niet meer op GroenLinks te stemmen vaag: ‘Gewoon, nu met al dat gedoe enzo.’ Hiermee wordt onder andere gedoeld op het geharrewar rond Tofik Dibi en het online zetten van lullige teksten over fractiekandidaten. Waarom dat een reden zou zijn om niet op een partij te stemmen waarmee je het inhoudelijk eens bent, kunnen veel mensen niet goed uitleggen. „Ik denk dat ik ook ben beïnvloed door de negatieve media-aandacht”, zei een vriendin. En inderdaad, GroenLinks is de laatste tijd het mikpunt van spot in de media. Sinds ‘de stekkerdoos’ is de partij door slapstick omgeven, met Tofik Dibi’s hulplijn bij een rekentest als laatste dieptepunt.

Het lijkt erop dat, alle (semi)redelijke argumenten ten spijt, ongrijpbare verschijnselen als imago en uitstraling het stemgedrag bepalen. Zelfs hoogopgeleide, in politiek geïnteresseerde en krantenlezende kiezers stemmen klaarblijkelijk niet op basis van een partijprogramma, maar op basis van ‘een gevoel’. Hierdoor is de GroenLinks-achterban onberekenbaar en gemakkelijk te beïnvloeden door media, peilingen en meningen van vrienden. Niemand wil op een verliezende partij stemmen, zeker niet als die partij dag in dag uit belachelijk wordt gemaakt. GroenLinks is als een feestje waar alle toffe mensen heen zouden gaan, maar dat ineens niet meer gaaf is.

Floor Rusman (26) is historica en freelance journalist.