Column

Als het peloton niet fietst gaat de camera zwerven

„Een vlakke rit vandaag”: de Tour de France als VVV-spotje.

Televisie waarin niets gebeurt is zeldzaam. Er wordt altijd wel gerend, geschoten, gedebatteerd, gehuild, geneukt, ruzie gemaakt, gelogen of door ontklede telefoonmeisjes gekronkeld en gekreund. Dead air is a sin, zeggen ze in radioland. Het televisie-equivalent van die stelregel werd gisteren, niet voor het eerst, door het Tourpeloton als wc-papier gebruikt.

Het fijne van sport is dat je vaak niet weet of er iets gaat gebeuren, en zo ja, wát. In het tijdperk van de oortjes is het in de Tour anders: je weet exact wat er in aanloopetappes te gebeuren staat: niets. Er is een kopgroep aan een touwtje, er is een peloton dat er urenlang op stabiele afstand achteraan peddelt, tot de vluchters vlak voor de finish binnen worden gehengeld. Sprinten maar.

Commentatoren Ducrot en Dijkstra hekelden die voorspelbaarheid, maar zelfs dat is een voorspelbaar ritueel geworden. „De Fransen spreken over schapen die van de ene naar de andere weide worden gebracht”, wist Ducrot. „Met de ploegleiders als herders.” Het frappeerde hem dat oud-renners die in de gastenkaravaan rijden zich groen en geel ergeren aan het moderne koersen, terwijl oud-renners in de ploegleiderswagens er hard aan meewerken. Tja, kwestie van belangen.

Als het peloton niet wil fietsen, gaat de camera zwerven. Een kasteeltje, een rivier, uitgestrekte velden, een fiets samengesteld uit tientallen tractoren. Op vakantie kunnen zonder van huis te gaan, is van oudsher een van de charmes van Tourtelevisie, maar als de VVV-beelden de uitzending moeten dragen, haak ik af.

Moet er echt iets in beeld gebeuren? Ik dacht terug aan een etappe waarin niets te zien was, maar die in mijn geheugen gegrift staat. Bastilledag 1987, de bergetappe naar Luz Ardiden. Dichte mist had de helikopters gedwongen te landen, zodat er beeld noch bericht uit de koers kwam. Wat restte was de vaste camera bij de finish en geruchten. Dag Otto Lauritzen was vooruit, en mijn persoonlijk held, de Colombiaanse klimgeit Lucho Herrera, was in achtervolging. Zou de Adelaar uit de Andes als eerste uit de mist tevoorschijn komen, of zou de Noor zijn voorsprong kunnen behouden? De spanning was te snijden. We zagen minder maar meer, want alles speelde zich af in de verbeelding. De uitkomst viel onmogelijk te voorspellen.

Onze eigen levens zijn grotendeels voorgeprogrammeerd. Sport is een tegengif dat we onszelf zo nu en dan kunnen toedienen. Heren ploegleiders, neem ons dat niet langer af.

Journalist Auke Hulst verving deze week Hans Beerekamp.