Oppositie Syrië onderling op de vuist

De Syrische politieke oppositie deed in Kairo weer een vergeefse poging een einde te maken aan haar verdeeldheid. Haar geruzie is ‘een geschenk aan Assad’.

Terwijl in Kairo de Syrische oppositie vergeefs probeerde haar onderlinge verdeeldheid te overwinnen, betoogden in Damascus tegenstanders van president Assad met vlaggen en spandoeken tegen het regime. Foto Reuters

Niet alleen de internationale gemeenschap weet zich geen raad met de crisis in Syrië, de Syrische politieke oppositie kan het evenmin eens worden over een aanpak, laat staan een gemeenschappelijke. Het regime van president Bashar al-Assad moet weg – maar hoe dat te bereiken en met name ook: hoe dan verder?

Buitenlandse regeringen willen één aanspreekpunt, en proberen daarom de oppositie bijeen te brengen. Na vergeefse pogingen in het afgelopen jaar in onder andere Istanbul, Parijs en Tunis om een eind te maken aan de verdeeldheid waren zo’n 250 oppositievertegenwoordigers de afgelopen twee dagen in de Egyptische hoofdstad Kairo bijeen onder toezicht van de Arabische Liga. Het lukte weer niet.

Tekenend waren vechtpartijen na het weglopen van een Koerdische groep uit de conferentie. De Koerdische minderheid geeft tot dusverre maar lauwe steun aan de opstand tegen Assad, hoewel ze onder zijn bewind wordt gemarginaliseerd en onderdrukt. De Koerden eisen uitdrukkelijke erkenning als volk, waar de Arabische oppositie steeds weer niet voor de volle honderd procent achter wil gaan staan. Toen de Koerden vertrokken, gingen gedelegeerden met hen op de vuist.

De gewapende oppositie zoals vertegenwoordigd door het Vrije Syrische Leger, was al helemaal niet aanwezig in Kairo. Een woordvoerder van de rebellen zei dat deze bijeenkomst politiek van karakter was, en dat daarom de gewapende oppositie niet was uitgenodigd.

Maar andere rebellen brandmerkten de conferentie als een „complot”, omdat van tevoren al vaststond dat de aanwezigen geen oproep zouden doen tot een internationale militaire interventie in het besef dat daartoe bij de NAVO en elders geen enkele bereidheid is.

Een van de meest radicale oppositiegroepen, de Algemene Commissie van de Syrische Revolutie, trok zich daarom nog vóór de Koerden uit het beraad terug. „Praten over eenheid van de Syrische oppositie dient alleen om de onmacht van de internationale gemeenschap te maskeren”, aldus een verklaring van de groep.

De grootste oppositieorganisatie, de Syrische Nationale Raad, verzette zich tijdens de conferentie tegen de vorming van een nieuw, machtig, gemeenschappelijk leiderschapscomité. De Raad claimt voor zich de status van dé wettige vertegenwoordiger van het Syrische volk. Maar critici zeggen dat de overkoepelende organisatie wordt gedomineerd door de fundamentalistische Moslimbroederschap, die haar voor eigen machtsdoeleinden zou gebruiken. Anderen wijzen erop dat veel leden al sinds jaar en dag weg zijn uit Syrië en mijlenver af staan van de rebellen binnen het land. Een prominente dissident, Kamal Labwani – die eerder dit jaar uit de Raad stapte – zei vorige maand tegen deze krant dat de oppositie buiten Syrië „volkomen losstaat van wat er binnen gebeurt”.

De gedelegeerden werden het uiteindelijk in Kairo eens over een aantal dooddoeners: de noodzaak van ontbinding van de regerende Ba’athpartij en de uitsluiting van Assad en andere gezichtsbepalende figuren van het regime uit een overgangsbewind. Ook spraken ze in algemene termijnen hun steun uit voor het Vrije Syrische Leger.

Maar een nieuw, verenigd leiderschap of een concrete routekaart naar een machtswisseling kwamen er gisteren niet. Abdel-Aziz al-Khayyar, die 14 jaar in Syrische gevangenissen doorbracht, zei in Kairo tegen persbureau AP: „Als we als oppositie het niet eens kunnen worden, is dat het grootste geschenk voor het regime”.