Het halve peloton rijdt over rugnummer 158 heen

Voor Rabo’s wielerknecht Maarten Tjallingii zit zijn derde Tour er al weer op. Hij kwam zwaar ten val, reed de rit wel uit, maar bleek een heup te hebben gebroken.

Terwijl het Tourpeloton vanmorgen vertrok voor de vierde etappe van Abbeville naar Rouen, lag rugnummer 158 in het Meander Medisch Centrum in Amersfoort. Maarten Tjallingii brak gisteren na een val op zestig kilometer voor de eindstreep zijn linkerheup. De meesterknecht van de Raboploeg verbeet de pijn en bereikte nog wel de finish in Boulogne-sur-Mer. Na de rit wezen foto’s in een ziekenhuis uit dat opgave onvermijdelijk was. Technisch directeur Erik Breukink en teamarts Dion van Bommel brachten hem per auto naar Amersfoort waar hij vanmorgen is geopereerd. „Groot verlies voor de ploeg”, twitterde kopman Robert Gesink gisteravond.

Met zijn linkerbeen hangend uit de klikpedaal kwam de grote en sterke Tjallingii na de derde etappe in een klein groepje als 183ste over de eindstreep, op 10.37 minuut van ritwinnaar Peter Sagan. „Ik ben keihard op mijn heup gevallen”, vertelde hij op weg naar de Rabobus voor de NOS-televisie. „Het halve peloton kwam over me heen, zo voelde het. Dat was niet echt leuk. Na de crash heb ik niet meer normaal met twee benen kunnen trappen. Mijn linkerbeen blokkeerde. Het laatste stuk heb ik heel de tijd met rechts moeten fietsen. Hier baal ik van natuurlijk. Het ging hartstikke lekker en dan maak je dit mee. Klotezooi.”

Met een uiterste krachtsinspanning hees de in Mozambique opgegroeide Fries zich vervolgens de bus in, geholpen door de ploegleiding. Bloed op de schouder. „Fietsen ging beter dan staan”, verklaarde ploegleider Nico Verhoeven. „Dat is de verklaring waarom hij kon uitfietsen. Maar na anderhalf stilzitten in de bus kon hij bijna zijn stoel niet uitkomen. Dan weet je dat het ernstig is. Je hoopt nog op een spierblessure. Maar het ziekenhuis wees het verdict aan: het was een breuk.”

Tjallingii was niet de eerste renner die gisteren uitviel in de hectische derde Tourrit. De Rus Konstantin Sivtsov, een belangrijke kracht in de Sky-ploeg van favoriet Bradley Wiggins, moest al eerder opgeven na een val. Ook de Spaanse sprinter José Rojas voltooide de rit niet. De Australiër Simon Gerrans belandde in het prikkeldraad maar vervolgde zijn weg. Van de Nederlanders waren Lieuwe Westra en Johnny Hoogerland slachtoffer van een valpartij. Ook Gesink finishte met een bebloede knie. „Ik lag ineens op Koen de Kort”, zei hij na afloop nonchalant. Zonder erg. Bloed? „Ik heb even de grond aangetipt.”

Vorig jaar behoorde Gesink een paar keer tot de slachtoffers van een valpartij in de eerste Tourweek. Nu was het zijn helper Tjallingii. Uitgerekend de renner die hem in de gevaarlijke aankomst van de eerste etappe perfect door het peloton naar voren loodste, naar een zevende plaats in de daguitslag. „De Maartens” – Tjallinggi en de Belg Wynants – moesten bij Rabo een cruciale rol vervullen in het gewring van de eerste Tourweek, als persoonlijk adjudant voor de kopmannen Gesink en Mollema. Wellicht dat wegkapitein Bram Tankink nu de rol van Tjallingii overneemt.

In de aanloop naar zijn derde Tour toonde laatbloeier Tjallingii (32) zich nog zelfverzekerd. Angst voor wringen? „Het is net als met autorijden. Als je denkt dat ze voor je gaan, ben je zelf degene die gaat. Angst kun je niet gebruiken. Je moet nuchter blijven, nadenken, kijken, focussen. De rest heb je niet in de hand.”

Zelfs de grote, sterke en broodnuchtere Tjallingii bleek gisteren kwetsbaar in een op hol geslagen Tourpeloton. Zijn herstel kan maanden duren.